woensdag 14 juli 2010

voorbereidende vergadering 13 juli 2010, nabeschouwing

Twee niet geagendeerde zaken waren voor mij het meest opmerkelijk.

Allereerst natuurlijk de aankondiging van de burgemeester dat zij Grave gaat verlaten. Verrassend, maar niet verbazingwekkend. Deze stap past volledig in haar carrière. 4 Jaar is voor ons kort, maar als ik mij goed herinner is het burgemeesterschap van Grave de functie die zij in haar loopbaan het langst heeft uitgeoefend. Voor haar is deze benoeming een succes en dus een felicitatie waard.

Grave moet nu op zoek naar een nieuwe burgemeester. Ik ben benieuwd hoe dat zal gaan. Doet de hele raad daar aan mee of regelt de coalitie het weer net als bij de wethouderskeuze. Ik heb veel kritiek gehad op de wijze waarop dat is gebeurd, maar de indruk tot nu toe is wel dat het resultaat van die verkeerde procedure veelbelovend is.

Vervolgens circuleerde er een Raadsleden-Nieuwsbrief waarin werd meegedeeld dat er geen haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing van de scheepswerf zou worden gedaan. Dat ontlokte bij mij een zacht “Hoera”. Eindelijk is besloten een bij voorbaat doodlopende weg te verlaten. Al te lang werd de raad en alle betrokkenen de worst voorgehouden dat verplaatsen van de scheepswerf, en dan bij voorkeur naar het Wisseveld, een haalbare en afdoende oplossing van de problemen zou zijn. Al gauw was duidelijk dat niemand geld beschikbaar had voor deze operatie en daarmee is verplaatsen uitgesloten en het resultaat van het haalbaarheidsonderzoek bekend: onhaalbaar. De Zwarte Piet van het stoppen met het steeds maar niet beginnen met het onderzoek wordt wel erg nadrukkelijk bij de scheepswerf gelegd. Van een ondernemer mag je toch verwachten dat hij geen geld uitgeeft aan zaken die geen rendement opleveren. Zeker raadslid Bos moet het aanspreken dat de directeur van de scheepswerf de gemeente behoedt voor nutteloos geld uitgeven aan een onderzoek. Ook al terzijde van de vergadering ontlokte het bericht dat de gemeente een onderzoek laat doen naar de toestand van een tweetal panden in de Hamstraat opmerkingen in deze zin.

Met de scheepswerf zijn we hiermee wel weer terug bij af. Nu bekend is wat er niet gaat gebeuren moet er snel duidelijkheid komen over hoe de problemen wel worden aangepakt. Ook zullen de plannen voor het Maasfront moeten worden aangepast.

En dan nu nog wat over de punten die wel op de agenda stonden.

“Vernieuwend vergaderen”.
Zoals ik al vreesde werd er inhoudelijk niet veel over gezegd. VPGrave maakte een opmerking over de inderdaad lange duur tussen voorbereidend bespreken en besluiten. Dat werd direct aanleiding om de zaak maar over de vakantie heen te tillen. De gebruikelijke vraag of dit niet voor de besluitvormende vergadering van 20 juli zou kunnen worden opgelost werd niet gesteld. Ik heb nog ergens een schema liggen, waarbij dit bezwaar zich niet voordoet, maar ongetwijfeld kleven daar weer andere bezwaren aan. Maar daarom zou een brede discussie waarin alternatieven naast elkaar worden besproken en afgewogen zinvol zijn. In ieder geval beter dan achtereenvolgens alle mogelijkheden af te schieten vanwege een of ander nadeel. Aan het eind houd je dan niets over. In mijn voorbeschouwing wees ik er ook nog op dat het om meer dan een vergaderschema moet gaan. Alhoewel Keerpunt 2010 bij het begin van de discussie nog vroeg of het voorstel tot wijziging van het reglement voor het presidium bij het onderwerp mocht worden betrokken, hetgeen mocht, werd hier verder geen woord over vuil gemaakt. Wordt dus vervolgd.

Het archeologisch beleid.
De discussie hierover was zeer beperkt. VPGrave vroeg alleen om een onderscheid tussen amateurarcheologen en goudzoekers. De VVD bij monde van Hans Bos vroeg zich af of er wel tijd aan moest worden besteed. Na wat gesteggel constateerde voorzitter Vollenberg dat het stuk rijp was voor de besluitvormende vergadering. Mijn vragen over de communicatie zijn dus niet beantwoord en zullen ook in de besluitvormende vergadering wel niet aan de orde komen, maar wellicht dat degenen die de startnotitie gaan uitwerken zelf tot de conclusie komen dat dit onderwerp meer aandacht verdient. Ik heb daar goede hoop op.

De kwestie Litjens.
Dit werd een volledige herhaling van de vorige bespreking. Iedereen was het er toen en nu wel mee eens dat er een oplossing moet komen en dat die in het bestemmingsplan Buitengebied moet worden vastgelegd. De ideeën hierover van Litjens zijn bekend. Het is nu een zaak van goed formuleren wat de gemeente toelaatbaar acht. Wat er volgende week dan ook wordt besloten, al of niet via een amendement , bij de behandeling van het bestemmingsplan Buitengebied begint de discussie opnieuw. Na een partijtje langs elkaar heen praten constateerde de voorzitter dat ook dit stuk rijp was voor besluitvorming.

Hart van Grave
Met het eigenlijke voorstel: verruiming van het winkeloppervlak met opoffering van enkele woningen kon de hele raad wel instemmen. Wel werd duidelijk dat er nog enkele hobbels zitten in de overeenkomst, maar dat was eigenlijk al lang bekend.

Initiatiefvoorstel over Wisseveld
VpGrave kwam met het idee het Wisseveld, zolang er geen definitieve bestemming is, beschikbaar te stellen voor evenementen. Een goed idee, maar of daar nou een raadsbesluit voor nodig is? Merkwaardig blijf ik vinden dat initiatiefvoorstellen rechtstreeks naar de besluitvormende vergadering dienen te gaan. Je zou toch verwachten dat ook die behoorlijk worden voorbereid, zodat eventuele raakvlakken met andere zaken en de consequenties zowel juridisch als financieel bekend zijn. Ook de fracties kunnen het ambtelijk apparaat toch bij de voorbereiding van een voorstel betrekken?

Overpeinzingen.
Tijdens en na de vergadering heb ik me afgevraagd of er voor Litjens en het archeologiebeleid in dit stadium wel een raadsbesluit nodig was. De raad bemoeit zich toch alleen met hoofdlijnen? De hoofdlijnen voor Litjens zitten in het bestemmingsplan Buitengebied. Dat bij de voorbereiding daarvan het college ook de bestuurlijke Litjenssoap betrekt is logisch en dat de raad er via een nieuwsbrief van op de hoogte wordt gesteld dat men in samenspraak met Litjens in dat bestemmingsplan een hanteerbare bepalingen zal voorstellen is communicatief verstandig. Maar waarom alvast een principe-uitspraak vragen voor uiteindelijk een detail in het bestemmingsplan?

Op zich was de vraag van Bos of gezien de andere drukke bezigheden het wel verstandig is een archeologiebeleid te formuleren terecht. Maar die afweging hoort thuis bij de behandeling van de kadernota, de begroting of het eventuele jaarprogramma voor de raad. De raad informeren over startnotitie en wat daarmee samenhangt is prima, maar besluiten doet de raad over het uiteindelijke beleid en dat moet nog woreden voorbereid.

Zeker Litjens is een politiek gevoelige zaak en dan kun je ook overwegen dat het beter is een keer teveel naar de raad te gaan dan een keer te weinig. Maar de scheepswerf ligt evenzeer gevoelig en het haalbaarheidsonderzoek werd, althans door een deel van de raad als weg naar de hemel gezien, en kwam zelfs voor in een coalitieprogramma. Dat werd wel via een nieuwsbrief afgevoerd.

De vraag hierbij is natuurlijk wat de definitie is van besturen op hoofdlijnen

maandag 12 juli 2010

Hoe zit het met het beeldkwaliteitplan?

Rond de jaarwisseling was het beeldkwaliteitplan aan de orde. Er was een voorgenomen besluit waarop zienswijzen konden worden ingediend. Dat is dan ook gebeurd en daarbij werd de zaak aardig overhoop gehaald, waaronder de communicatie over deze zaak. Er volgde een bespreking met de indieners van zienswijzen en daarin werd toch wel op zijn minst de suggestie gedaan dat er een herbezinning zou komen.

Sindsdien heb ik niets meer gemerkt van voortgang in de procedure. En toch is een beeldkwaliteitplan belangrijk.

Vandaar de kop boven dit artikeltje.

Voorbereidende vergadering 13 juli 2010

Archeologisch beleid
Op de agenda voor de komende voorbereidende vergadering van 13 juli en de besluitvormende vergadering van 20 juli (dus geen fatsoenlijke tijd voor aanpassingen) staat ook het voorstel een archeologisch beleid voor de gemeente Grave. Zoals wel meer gebeurt ademt het voorstel vooral een sfeer van: voldoen aan een wettelijke bepaling. Ogenschijnlijk dus een voorstel van weinig betekenis voor de burgers van onze gemeente. Dat blijkt ook uit de communicatieparagraaf:

“De gebruikelijke inspraakprocedure zal worden gevolgd. Daarnaast zal er aandacht zijn voor de inbreng van de plaatselijke historische vereniging en amateurarcheologen. De commissie RKZ zal advies over het concept uitbrengen”


Opdat deze bepaling niet in de rest van mijn tekst wordt ondergesneeuwd heb ik hem wat extra ruimte gegeven! U begrijpt dat ik het wel erg mager vind.

De eerste vraag is natuurlijk wat de gebruikelijke inspraakprocedure is. In het verhaal over “vernieuwend vergaderen” heb ik het gezegde “inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht” al aangehaald. Communicatie begint met informatie verstrekken. Dat de historische vereniging en de amateurarcheologen erbij worden betrokken is prima. Zijn er ook kwaliteitseisen voor erkende amateurarcheologen? Hoe worden ze erbij betrokken? Komt er een klankbordgroep? Het nog te ontwikkelen beleid is van betekenis voor meer dan voornoemde categorieën. Degenen die bouwplannen willen ontwikkelen en uitvoeren zullen ermee te maken krijgen en dan is het toch wel prettig als men daar ruim van te voren van op de hoogte is.

Conclusie: de communicatieparagraaf zal meer aandacht moeten krijgen en dat zal moeten leiden tot een communicatietraject.

Ingekomen stukken

Zoals gebruikelijk is er ook nu weer een uitgebreide lijst met een opgave van brieven die aan de raad zijn gericht. Er zijn brieven bij, zoals circulaires en veel stukken van de VNG, waarop de afzender geen antwoord verwacht. Op brieven van burgers en verenigingen dient wel te worden gereageerd en wel door de raad, eenvoudig omdat de brief, terecht of onterecht, aan de raad is gericht. Nu viel me bij het afluisteren van de laatste vergaderingen op dat bij dit onderwerp herhaaldelijk werd gevraagd of de betreffende brief al was beantwoord. En dat kan eigenlijk niet. Nu stelt iedereen natuurlijk ook prijs op een snelle beantwoording en dan is het efficiënt de raad er niet bij te betrekken als dat niet strikt nodig is. Daar moet dus iets op worden gevonden. Een mooi punt om te betrekken bij “vernieuwend vergaderen”. (een andere naam in de geest van optimale werkwijze zou niet slecht zijn). Een suggestie: laat een lid van het presidium met de griffier wekelijks de aan de raad gerichte brieven doornemen en sorteren op: “voor kennisgeving aannemen”; “ter afdoening naar B&W” en “raad krijgt concept antwoord”. Op de lijst die aan de raad wordt voorgelegd wordt deze sortering vermeld. Natuurlijk hoort er ook een volgsysteem bij.

Het heeft mij overigens op een idee gebracht. Nu schrijf ik mijn weblogs in de hoop dat de raadsleden er iets mee doen en soms merk er iets van. Ik zou natuurlijk iedere tekst kunnen afsluiten met “Gaarne verneem ik uw reactie op het bovenstaande” en als formele brief aan de raad richten. Daar moet ik toch nog eens over nadenken!

zaterdag 10 juli 2010

Is vernieuwend vergaderen ook beter vergaderen?

Woord vooraf
Met veel belangstelling en ook hoop heb ik uitgekeken naar een voorstel om de werkwijze van de raad te verbeteren. Hoop omdat verbetering mee zou brengen dat ik kan stoppen met deze weblog en mijn inbreng zou kunnen leveren op de juiste manier manier: via de politieke partijen. Vol enthousiasme ben ik dan ook begonnen met het lezen van de stukken: de notitie “Vernieuwend Vergaderen in Grave” en het nieuwe reglement voor het presidium naast het oude. Mijn hoop is nog niet weg, want de discussie moet nog worden gevoerd en waar leven is, is nog hoop. Mijn voornaamste probleem met de notitie is dat ze niet af is. Er zijn teveel open einden en niet voldoende uitgewerkte ideeën om verantwoord op 1 september op deze wijze aan het werk te gaan. Echt onzinnige dingen staan er ook niet in de notitie. Als start voor een verbetertraject is het heus wel een bruikbaar verhaal. Laat ik maar een aantal punten aansnijden.

Welk systeem je ook hanteert, met of zonder commissies, het succes staat of valt met de wijze waarop je ermee omgaat. Dat het huidige systeem met voorbereidende en besluitvormende vergaderingen niet goed werkt vindt zijn oorzaak niet eens zozeer in het systeem zelf als wel in o.a. de volgende punten.

  • Stukken komen te laat en zijn onvolledig;
  • Veel vragen en opmerkingen kunnen in de voorbereidende vergadering niet voldoende worden beantwoord;
  • De dossierkennis van wethouders en aanwezige ambtenaren is onvoldoende om tijdens de voorbereidende vergadering alle gevraagde informatie te verstrekken. Dat betekent dat veel informatie later en somns zelfs in de besluitvormende vergadering moet worden verstrekt.
  • Het vergaderschema biedt voor de fracties weinig ruimte voor overleg met de achterban;.
  • De agenda voor de vergadering is vaak zo vol dat discussies niet zijn afgerond binnen de vastgestelde tijd. Dat betekent uitstel of onvoldragen besluiten.
  • Enzovoorts.

Er is natuurlijk een samenhang tussen de diverse punten. Als een onderwerp met onvoldoende informatie in bespreking komt, kost de behandeling in de raad meer tijd en kunnen minder onderwerpen in de beschikbare tijd worden afgewerkt.
Het is wat erg cru gesteld en er worden wel goede besluiten op tijd genomen, maar toch kan worden gesteld dat het eindtijdstip van de vergadering om 22:30 uur het enige onderdeel van de vergaderwijze van de raad is waarover niemand iets te klagen heeft.


Alhoewel niet bij het werk van de commissie evaluatie “Anders Vergaderen” 2010 betrokken hoort de vastlegging van de werkzaamheden van de raad naar mijn mening volledig bij het systeem.
De geluidsopname van de vergadering is behoorlijk snel voor iedereen toegankelijk en heel goed benaderbaar. Wat mij betreft is er dan ook geen enkele behoefte daar nog iets van schriftelijk vast te leggen. Het enige van belang is de juiste tekst van een besluit. Die tekst hoort in de besluitenlijst thuis. Dat geldt ook voor amendementen en moties. Een besluit genomen met algemene stemmen is net zoveel waard als een besluit met de kleinst mogelijke meerderheid. De stemmenverhouding is dan ook minder belangrijk dan de tekst van de besluiten zelf.
Een vraagstuk apart is hoe moet worden omgegaan met gewijzigde raadsbesluiten. Zo is meegedeeld dat de raad binnenkort een onderdeel van de besluiten over het Hart van Grave moet wijzigen. Er zijn daarvoor diverse aanpakken denkbaar.Moraal: de wijze waarop besluiten worden vastgelegd dient ook onderwerp van bespreking zijn.


Alle fracties geven herhaaldelijk te kennen dat zij betrokkenheid van de burgers bij het raadswerk belangrijk vinden. In de notitie wordt dit onderwerp wel een aantal malen genoemd, maar niet echt uitgewerkt. Aan dit onderwerp zou best een afzonderlijke bespreking mogen worden gewijd. En dan niet beperkt tot betrokkenheid bij raadsvergaderingen. Een voorzetje geef ik verderop.

Opmerkingen over de notitie.
Allereerst viel mij op dat er kennelijk grote overeenstemming heerst in de commissie. Er wordt na een beschouwing van de huidige situatie in één keer een nieuw systeem gepresenteerd. Ik ben benieuwd welke gedachten hier achter zitten.
Al bestuurlijke generaties lang wordt gevraagd aan de raad alternatieven voor te leggen, zodat een afweging en een keuze kan worden gemaakt. In deze notitie is daarvan geen sprake. Strikt genomen zou op basis van de eenstemmigheid in de commissie en geen enkel blijk van verschil van mening over de inhoud en het voorstel door het presidium kunnen worden geconcludeerd dat er geen discussie over nodig is en de zaak dus als A-stuk kan worden beschouwd. Hopelijk denkt men daar toch anders over.Op 1 september hiermee beginnen en dan denken dat de vergaderwijze in Grave daarmee is verbeterd is een illusie.

Dat brengt mij op een detail. De vorige notitie droeg de naam “Anders Vergaderen”, deze heet “Vernieuwend Vergaderen” wat dat ook moge betekenen. Ik mag toch hopen dat het doel is dat de raad op een efficiënte en effectieve wijze, passend in de huidige opvattingen over democratie, besluiten neemt.

Waarom in 2005 “Anders vergaderen” ?
Een probleem van de commissievergaderingen was dat er totaal geen belangstelling voor was in de media. Slimme opmerkingen in de commissie moesten wel in de raadsvergadering worden herhaald om aan de vergetelheid te worden onttrokken. En daarmee was inderdaad het hek van de dam.
Commissievergadering waren in de regel helemaal niet lang en saai. Het grote voordeel van dit systeem was dat belanghebbende burgers en verenigingen aan tafel zaten en konden meepraten. De sfeer was duidelijk ook gemoedelijker en dat kwam de discussie wel ten goede. Misschien een voordeel van het ontbreken van de media.


Er waren inderdaad per cyclus drie vergaderingen en in het huidige systeem maar één. Ik geloof niet dat het oude systeem ook alles bij elkaar drie keer zoveel vergadertijd heeft gekost. Inhoudelijk is de voorbereidende vergadering nooit meer geweest dan drie commissievergadering tegelijkertijd. Hetgeen ten koste is gegaan van de burgerparticipatie.


Overigens is het niet het dualisme dat het mogelijk maakte commissie af te schaffen. Commissies als deze waren nooit verplicht. Ze werden in het monistisch systeem alleen gezien als een goede wijze om raadsvergaderingen voor te bereiden. In het dualistisch systeem zou de raad veel meer op hoofdlijnen moeten besturen en daardoor minder op details in hoeven te gaan en dat zou de bespreking in commissie overbodig maken. Voorwaarde was natuurlijk wel dat de raad voldoende aandacht besteed aan het vastleggen van de hoofdlijnen en het controleren van het college. Maar kadernota’s, begrotingen, buraps en jaarrekeningen worden nog steeds door de raad gejaagd op een wijze die het voor de burgers totaal onmogelijk maakt het raadswerk te volgen. En dat was nou net het hoofddoel van de invoering van het dualisme.


Evaluatie in 2006
Dat het systeem al na één rondje werd geëvalueerd, en daarna niet meer, getuigt wel van een groot optimisme. Mensen in een ander systeem laten werken vraagt nu eenmaal veel tijd en sturing.

Vragen vooraf (van de commissie)
Deze paragraaf zou moeten dienen als opstap naar het ontwikkelen van de verbeterde werkwijze. Alhoewel wat er in staat allemaal volkomen juist is vind ik het toch wat mager en zeker het vierde punt: “welke doelen streven we na met een gewijzigde aanpak”

Dat “gast aan tafel” is mislukt was te voorspellen. Als je daadwerkelijk inbreng wilde hebben moest je allereerst door een fractie worden uitgenodigd. In het algemeen hebben die meer behoefte aan ondersteuning en minder aan het ruimte geven aan een mogelijk afwijkende visie. Natuurlijk kon je vragen om te worden uitgenodigd, maar dan moest je om daadwerkelijk iets te bereiken wel de goede partij kiezen. Het alternatieve systeem van spreekrecht in de vergadering werkt ook niet. De spreektijd is beperkt tot 5 minuten en dat is te weinig om ook maar één raadslid op andere gedachten te brengen en van meepraten is geen sprake. In de praktijk is mij van daadwerkelijke invloed op de besluitvorming dan ook niets gebleken. Het spreekrecht is in mijn ogen alleen geschikt als gelegenheid nog een laatste symbolisch beroep te doen op de raad.


Het (ver)nieuwe(nde) systeem.
Ik vraag me af wat er eigenlijk nieuw is aan dit systeem. Ik zie het niet anders dan het strikter toepassen van het systeem zoals in 2005 ingevoerd, hetgeen op zich al een aanzienlijke verbetering zou zijn. Maar daarvoor zijn wel andere dingen nodig, zoals ik in het woord vooraf heb beschreven.


Conclusie
Dat het onderwerp aan de orde komt is een heel goede zaak. Voor een verandering zal echter meer discussie en meer tijd nodig zijn. Dit is een startnotitie. Een projectmatige aanpak kan daarbij helpen. Intussen is er best een aantal verbeterpunten aan te geven. Ik kan er wel enkele noemen, maar wacht toch liever eerst af wat de raad zelf a.s. dinsdag hierover zegt. Op 2 punten wil ik nu nog wel even ingaan.


Het presidium
In dit kader wordt ook het reglement voor het presidium aangepast. Verbazingwekkend is dat dit punt wel op de agenda staat van de besluitvormende vergadering, maar niet op die van de voorbereidende. Het presidium is juist belangrijk vooral om te waken voor een correcte en gedisciplineerde toepassing van de regeling werkwijze raad. Uiteindelijk is de vastlegging in een reglement een uitvloeisel van de discussie hierover. Het raadsvoorstel geeft geen enkele motivering van de wijzigingen

Eigenlijk zijn er maar 2 wijzigingen.

Allereerst worden de presidiumvergaderingen niet meer openbaar maar besloten, hetgeen zij in de praktijk ook meestal waren. Ik heb daar geen enkel probleem mee. Ook in een toneelstuk blijft de regisseur buiten beeld. De taak van het presidium is de werkzaamheden van de raad te regelen. Bij de werkzaamheden wil ik wel worden betrokken, maar bij het regelen niet.

Veel minder (eigenlijk geen) aandacht heeft getrokken dat Artikel 3 uit het reglement is verdwenen. De letterlijke tekst van dit artikel is:
“Het presidium stelt jaarlijks een jaarschema voor raads- en commissievergaderingen en andere activiteiten voor de raad en de commissies op en legt dit ter besluitvorming voor aan de raad.”

En dat vind ik nou juist een mogelijkheid meer orde te scheppen. Een jaarprogramma of bedrijfsplan is voor iedere organisatie een goed basis om te werken. Natuurlijk zullen zaken anders lopen, maar bijsturen is altijd beter dan van begin af aan te zwalken.

Wat gelukkig wel is gebleven is dat het presidium de agenda’s voor de raad vaststelt. Het betekent ook dat alleen het presidium stukken kan toevoegen of afvoeren. Ook kan het presidium kwaliteitseisen stellen aan de raadstukken. Om te beginnen kan het presidium eisen dat de stukken volledig moeten zijn alvorens ze op de agenda worden geplaatst. Als dan het presidium de agenda vaststelt 14 dagen voor de voorbereidende vergadering en de stukken direct daarna worden verstuurd en op de website geplaatst hebben de fracties voldoende tijd zich met hun achterban voor te bereiden en eventuele aanvullende informatie te vragen. Dat zal de behandeling in de vergadering zelf ten goed komen. Kortom: het presidium heeft nu al de mogelijkheid direct aanzienlijke verbeteringen te bewerkstelligen.


Betrokkenheid van de burger
Hiervoor schreef ik dat dit onderwerp een afzonderlijke discussie waard is en dat ik er een voorzet zou geven.
Wij hebben een parlementaire democratie. Dat betekende in zijn oorsprong dat we eens in de vier jaar onze vertegenwoordigers kozen en dat die vertegenwoordigers dan voor ons de beslissingen namen. Wie wat meer wilde moest maar lid worden van een politieke partij. Tegenwoordig is de burger niet meer zo gedwee. Hij en zij willen ook tijdens de rit meedoen. Daar moeten ze dan ook de gelegenheid voor krijgen. Een gezegde uit de beginperiode van de inspraak is: “inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht”. Dat gezegde is nog steeds van kracht.
Het basisprincipe dat de raad de beslissingen neemt en wel zonder last en ruggespraak is nog steeds van kracht. Dat betekent dat de burgerparticipatie ophoudt wanneer het daadwerkelijke besluitvormingsproces is begonnen.

Bij het tot stand komen van besluiten worden drie fasen onderscheiden, zo constateert ook de commissie: informatiefase; meningsvormende fase en uiteindelijk het besluiten zelf. Natuurlijk zijn de grenzen niet scherp.

Het eigenlijk besluiten begint als alle informatie bekend is en de alternatieven op tafel liggen. Vanaf dat moment is de burger uitgepraat. In het algemeen is dat halverwege de meningsvormende fase.

Er zijn ook 2 “soorten” burgerparticipanten. Allereerst de mensen die gewoon uit belangstelling mee willen doen, maar er zijn ook mensen die een directer belang hebben, bijvoorbeeld omdat zij zelf bij een besluit zijn betrokken, maar ook omdat zij een belangengroep vertegenwoordigen. Deze laatste groep zou best wat langer direct mogen meepraten. De eerste groep zou zeker in de meningsvormende fase de inbreng kunnen leveren via de politieke partijen.

Ook hier is nog bespreekstof voldoende voorhanden.

donderdag 8 juli 2010

Terug van weggeweest

De caravan staat weer in de stalling. De spullen zijn opgeruimd, dus de draad kan weer opgepakt.

Het eerste dat bij terugkomst opviel was de troosteloze aanblik van het Hofplein. Dat het een kale vlakte zou zijn was te verwachten, maar dat onkruid geeft toch wel een heel troosteloze aanblik. Zoiets leidt tot smartelijke gedachten, maar dat zal de burgemeester toch niet bedoeld hebben toen zij in haar telefonische column in de Graafsche Courant opmerkte dat Grave geen decor nodig heeft om de juiste achtergrond te krijgen voor het smartlappenfestival. Bij de behandeling van het bestuursakkoord gaf de woordvoerder van de coalitie nog aan dat Grave het vooral moet hebben van toerisme en recreatie. Grave wil dus gastvrij zijn. Het eerste wat je doet als je gasten ontvangt is zorgen dat je huis er een beetje netjes uitziet. Zo’n kostbaar karwei is dat toch niet. Hopelijk is het ruim voor de intocht van de vierdaagse opgeknapt.

Tijdens het opruimen van weet ik allemaal wat heb ik de opnames van de voorbereidende en besluitvormende vergadering afgespeeld. Ik heb dus maar met een half oor geluisterd. Daarom wat zaken waarbij mijn onderbewustzijn aan de bel trok.

Het bestuursakkoord.
Ik blijf de wijze waarop ook deze raad werkt merkwaardig vinden. De coalitie had een concept opgesteld en aan de anderen gevraagd daar commentaar en aanvullingen op te geven. Dat hebben ze netjes gedaan en dus zou je denken dat concept en opmerkingen samen tijdens de voorbereidende vergadering zouden worden besproken. Vergeet het maar! Het commentaar bleef buiten behandeling. Toen Jacques Leurs het dan in de vergadering nogmaals probeerde werd hem dat niet in dank afgenomen.
Voor de besluitvormende vergadering was een nieuw concept, waarin de gemaakte opmerkingen waren verwerkt, kennelijk zonder dat het veel invloed had.

Alles bij elkaar vind ik het eindresultaat eigenlijk wel goed. Het is een vaag verhaal waar niemand iets op tegen kan hebben. Bij paars plus zijn ze ook zo iets van plan omdat er te grote verschillen zijn tussen de coalitiepartijen. Het moet dan maar in de kamer worden uitgevochten. In Grave is het omdat het verschil tussen oppositie en coalitie te klein is om een dichtgetimmerd coalitieprogramma op te stellen.

AZC
Bij het eerste het beste inhoudelijk stuk bleek al dat de meningen zowel in “coalitie” als in “oppositie” verdeeld waren. Het eindresultaat betekent hoe je het wendt of keert dat de raad tegen een nieuw contract “Ja mits” heeft gezegd. De mitsen zoals door het CDA opgesteld hebben vooral betrekking op de ruimtelijke aspecten. Je mag toch aannemen dat tijden de planontwikkeling het college zelf daar wel op zou hebben gelet. Het COA zal ook wel zo verstandig zijn tijdens de planontwikkeling regelmatig contact te hebben met de gemeente. Liever had ik gezien dat er wat meer over het beleid in het AZC in de mitsen had gestaan. Al eerder heb ik gewezen op het belang van een goede dagbesteding en het voorkomen dat er bewoners op straat worden gezet. In de discussie kwam dit “klinkeren” wel even aan de orde, maar daar bleef het bij.

Er waren 2 insprekers die van de burgemeester te horen kregen dat de raad hun opmerkingen “wellicht zou betrekken” in de discussie. Ik heb daar niet echt veel van gemerkt. Communicatie daarover is belangrijk en zoals door het CDA terecht werd opgemerkt op de eerste plaats een verantwoordelijkheid van de gemeente en dus niet van het COA.

Financiële stukken
De toelichting heb ik volledig gemis en dat het belang volgens mij deze keer ook niet zo groot was had ik al eerder opgemerkt. Dat blijkt ook wel uit het besluit over de kadernota. Die werd niet vastgesteld, maar voor kennisgeving aangenomen. Daarom geen inhoudelijke opmerkingen

Opvallend vond ik de inbreng van raadslid Bos. Hij was toch tot 1 juni wethouder en dus verantwoordelijk voor deze stukken. Van hem zou je dus geen vragen, maar antwoorden kunnen verwachten. Het meest verbaasde mij dat geen raadslid en geen collegelid inging op zijn opmerking in zowel de voorbereidende als de besluitvormende vergadering dat het probleem bij het opstellen van deze stukken was dat “het zo moeilijk is informatie uit de organisatie te krijgen”. Hier sprak geen raadslid maar een ex-wethouder die zelf hiervoor verantwoordelijk was. Het is niet netjes in een openbare vergadering het ambtelijk apparaat te beschuldigen.

Initiatiefvoorstel jeugdhonk
Op zich is het verheugend dat het college zelf al was teruggekomen op het plan het jeugdhonk te verplaatsen van het Wisseveld naar de “Kleine Elft”. Het initiatiefvoorstel werd daardoor bijna helemaal overbodig. Bijna is niet helemaal, LPG had ook voorgesteld een beslissing te nemen over een definitieve oplossing. Ik herhaal nu nog maar eens dat voor mij het gebruik maken van een gelegenheid die voor een jaar of vijf beschikbaar is misschien wel beter is dan een permanente vaste voorziening.

Volgende week wordt het ook weer interessant als de raad gaat praten over haar werkwijze. Ik heb het stuk inmiddels gelezen en mijn commentaar ligt te rijpen.

woensdag 9 juni 2010

Wisseveld

Velen zullen met belangstelling naar deze presentatie hebben uitgekeken. Het Wisseveld is al een hele tijd in een geheimzinnig waas gehuld met lekkende en onbekend gebleven raadsleden of misschien toch anderen. Wat is er aan de hand en wat gaat er gebeuren?

De presentatie bleef beperkt tot een terugblik op de geschiedenis van het project. Mijn conclusie uit het gepresenteerde was dat er afgezien van Maaszicht/MFC in 8 jaar eigenlijk niets concreets is gebeurd en dat de gemeente met handen en voeten aan de grondbank, die je tegenwoordig Grond- en BouwBureau (GBB) moet noemen, is gebonden. En toch hebben er bureaus, ingehuurde krachten en eigen mensen aan gewerkt.

Over de voortzetting van het project werd nog niets gezegd. De pas aangetreden wethouder gaf op tactische wijze te kennen dat de aanpak wel moest worden veranderd. Onder het motto “niet als een dolle gaan hollen” moet de toekomst van het Wisseveld op een later tijdstip worden besproken.

Over de verhouding met GBB werd wel gezegd dat de ontwikkeling op 50 50 basis gebeurt, maar wat dat precies betekent is niet gebleken. Voor mij is een belangrijke vraag in hoeverre de gemeente zelfstandig beslissingen kan nemen over bestemmingen en planning. Ook de financiële positie bleef onbesproken. Wat heeft de gemeente er aan gespendeerd en welke vruchten heeft dat afgeworpen?

Natuurlijk was er weer een besloten slot aan de presentatie. Mogelijk dat daarin die onderwerpen aan de orde zijn geweest. Feiten zijn feiten en die moeten een keer openbaar worden en het heeft dan ook geen zin daar geheimzinnig over te doen. Iets anders is de wijze waarop je met de situatie omgaat. Tijdens onderhandelingen moet je je niet in de kaart laten kijken. GBB en gemeente zijn toch partners?
  • Zoals dikwijls ook hier enkele opvallende details:
    Enige tijd geleden werd voor de raad een presentatie gehouden waarbij het bedrijf DHL zijn plannen uiteen zette. Dat zag er goed uit. Op een vraag naar de strand van zaken kwam als antwoord dat het bedrijf inmiddels had afgehaakt.
  • Al enige malen is vanuit het college is aangekondigd dat het haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing van de scheepswerf binnenkort zou worden afgerond. Nu bleek dat daar gewoon nog niets aan is gedaan. Er is inmiddels contact geweest tussen nieuwe wethouder en scheepswerf. Hopelijk binnenkort nu duidelijkheid over de vraag of Wisseveld en scheepswerf iets voor elkaar kunnen betekenen. Waar ik mijn geld op zet zal wel bekend zijn, maar ik ben nooit goed in wedden geweest.
  • Er is nog een ambitieus onderdeel van het Wisseveldproject: woningbouw op het voormalige Coxterrein, dus buiten de bescherming van de dijk. Iets waar Rijkswaterstaat bijzonder huiverig voor is. Gezien de stijgende kans op overstromingen erg logisch. Maar men was wel erg star. Je mocht bij wijze van spreken nog geen paal in de uiterwaarden slaan. Een aantal jaren geleden is op aandrang van o.a. de riviergemeenten dit beleid herzien. Bij wijze van experiment werd toen een 15-tal locaties aangewezen waar bij wijze van experiment meer zou mogen dan volgens het toen vigerend beleid. Het Cox-terrein was één van de gelukkigen. Niet dat alles mocht, maar met een goed verhaal en ook ruimtewinst voor de rivier zou daar mogen wat eerst niet mocht. Dat zouden ook bouw van woningen kunnen zijn. Inmiddels heeft het nieuwe beleid gestalte gekregen en is van experimenten geen sprake. Het nieuwe beleid geeft iets meer ruimte, maar het blijft een moeizame en kostbare zaak. En dan rijst de vraag waarom zou je het doen? Grave heeft bouwlocaties zat en de markt is ook niet meer zodanig dat je er goud aan kunt verdienen of zelfs maar de extra kosten mee kunt betalen. En daarvoor moet je dan tijdrovende procedures doorlopen. En tijd kost het zeker als het sturen van een brief en het wachten op antwoord al zo lang duurt. Mijn idee: plan vergeten of voorlopig op zolder zetten en de aanwezige menskracht inzetten op eenvoudiger gedeelten van het Wisseveld.

AZC

In september 2009 is door het COA een plan voor een nieuw AZC gepresenteerd dat prima op het Wisseveld zou passen. Na die presentatie zou de raad een keer discussiëren over de principiële vraag of er met de gemeente Grave te praten viel over de voortzetting van de samenwerking bij de opvang van asielzoekers, of dat het nu wel genoeg was. Die discussie is er niet gekomen. Het kon dus een punt worden bij de gemeenteraadsverkiezingen.
Uit de diverse programma’s bleek dat niemand voelde voor het Wisseveld als vestigingsplaats. Alleen de VVD sprak zich duidelijk uit over de beginvraag. Voor die partij was het nu wel genoeg. Zonder nu direct al ja te zeggen waren de anderen toch wel bereid over voortzetting na te denken, waarbij een aantal vragen werden gesteld. Geen echte duidelijkheid dus. Die zou je dan in het bestuursakkoord verwachten. In dat document is geen letter gewijd aan dit onderwerp. Als er één onderwerp is waarover binnen de coalitie niet bij voorbaat overeenstemming bestaat, is het wel de AZC-kwestie. Dat is voer voor een compromis dat in het bestuursakkoord komt te staan. Nee dus.

En nu komt opeens het COA met een presentatie vergezeld van een verzoek het huidige contract met een jaar te verlengen.
Nu mocht je ook verwachten dat het COA met antwoorden zou komen op bekende, maar nog niet formeel gestelde vragen uit de raad. Uit de presentatie bleek echter dat het COA al een eind is gevorderd met het ontwikkelen van een plan binnen het huidige complex. Voor de uitwerking is nog een jaar nodig. En om het plan uit te werken vroeg het COA om verlenging van het contract. Dus niet om de raad meer ruimte te geven een principiële beslissing te nemen. Geruststellend werd er bijgezegd dat, als de plannen zijn uitgewerkt de raad van Grave alsnog “nee” kan zeggen tegen een nieuw contract. Naar mijn mening kun je het niet maken tegen het COA (of wie dan ook) te zeggen dat er tijd wordt gegeven de plannen uit te werken terwijl je toch al weet dat je uiteindelijk sowieso tegen zal stemmen. Nu ja zeggen tegen een jaar tijd om het plan uit te werken betekent dat de gemeente met de nodige mitsen en maren bereid is tot een nieuw contract. Een complicatie is dat enkele principiële vragen zoals over noodopvang als bewoners op straat worden gezet en over de dagbesteding niet door het COA kunnen en mogen worden beantwoord. Dat moet het ministerie doen. Als op die vragen geen bevredigend antwoord komt zou dat voor een deel van de raad wel eens een breekpunt kunnen zijn, hoe mooi de uitgewerkte plannen er ook uitzien. Maar dat is echt risico rijk, ofschoon de raad dit nu wel kenbaar moet maken.

  • Nog een paar opvallende zaken:
    Het indertijd gepresenteerde model van een AZC in de vorm van een woonwijk is kennelijk onder het tapijt verdwenen. Een vraag daarover werd tactisch omzeild.
  • Een aantal verzoeken om asiel zal worden afgewezen. Deze mensen zullen Nederland dus moeten verlaten. Om dat minder hard te laten zijn worden zij niet uitgewezen maar moeten ze terugkeren. Dat is nog verder verzacht. Heel consequent spraken de vertegenwoordigers van het COA niet over wegsturen of helpen bij de terugkeer, maar over stimuleren om terug te keren.
  • In september werd al aangekondigd dat het ministerie zou besluiten om geen afzonderlijke centra meer te beheren voor vragers, blijvers en verdwijners (mijn terminologie). Het nieuwe AZC wordt gebouwd voor alle asielzoekers onafhankelijk van de vraag in welk stadium hun verzoek verkeert. Op de vraag of dit niet tot spanningen zou leiden kon het COA ook geen rechtstreeks antwoord geven. De burgemeester vond dat de raad er bij de presentatie niet zo diep op moest ingaan.

Uit deze, maar ook andere vragen bleef dat voor een deel van de raad echt eerst de principiële vraag aan de orde is: willen we een AZC of niet en pas daarna wordt de vraag hoe het er uit komt te zien van belang.
Omdat vergaderingen van de raad altijd om 22:30 uur worden beëindigd is de volgorde van de agenda wel belangrijk.

Voorbereidende vergadering vervolg

Tijdens de presentatieavond werd bekend dat het verzoek van het COA het huidige contract met 1 jaar te verlengen aan de agenda voor 15 juni zou worden toegevoegd en volgens mij dus ook aan de nog onbekende agenda van de besluitvormende vergadering van 29 juni.
Nu zie ik net (9 juni 16:15 uur) dat de agenda voor de voorbereidende vergadering op de website is verschenen. Daar staat dit punt echter niet op. Twee mogelijkheden. Op de site is een verouderde agenda geplaatst of de bespreking gaat niet door, misschien vanwege de toch al rijkelijk gevulde agenda. Voorlopig ga ik er maar van uit dat het dinsdag wordt besproken. Het wordt wel een helse toer om nog tijdig een voorstel te produceren of zou de zaak rechtstreeks naar de besluitvormende vergadering gaan?
Ik ben benieuwd wanneer COA dit verzoek heeft gedaan. Als die brief recent is zou ik de bespreking liever uitstellen dan er haast- en dus broddelwerk van maken.
In Grave is het altijd weer spannend wat er besproken gaat worden.

Jacques Leurs maakte zich nogal kwaad over het schrappen van principebeslissing over de zaak Litjens. Nu is dat punt inhoudelijk al uitgebreid besproken, het kan dus zijn dat het rechtstreeks op de agenda van de besluitvormende vergadering wordt geplaatst. Maar logisch dat hij zich begint af te vragen wat de rol van het presidium nu eigenlijk is.

Ik heb nu 2 versies van de agenda: Allebei gedateerd op 4 juni! Een heel nieuwe uitleg van het gezegde “met twee tongen spreken”.

dinsdag 8 juni 2010

Intermezzo

Dit is alweer de honderdste blog . Een goede reden om eens iets anders aan de orde te stellen. En de inspiratie daarvoor kwam ijdens de presentatievergadering van vanavond, waarbij AZC en Wisseveld aan de orde kwamen.

De opstelling in de raadzaal heeft mij steeds verbaasd. Het lijkt mij ook onpraktisch. Een deel van de raadsleden zit met de rug naar een spreker en moet zich bij een presentatie behelpen met een scherm waarbij het contact met de spreker natuurlijk verloren gaat. De opstelling is ook star, hetgeen gebruik van de ruimte voor andere doeleinden uitsluit.

Vanavond realiseerde ik mij dat deze opstelling eigenlijk heel symbolisch is. Misschien is daar zelfs bewust voor gekozen. Raad en college zitten in een gesloten kring met het zicht op elkaar en keren de rug toe naar alles wat zich buiten de eigen kring bevindt. Een cirkel is een teken van geslotenheid. Denk maar aan een heksenkring, het is onmogelijk daaruit te breken.

Zou dit heidens symbool echt van invloed zijn op de werkwijze van de raad? Ik hoop dat men uit die kring is gebroken alvorens ik aan de tweehonderdste blog toe ben.

De voorbereidende vergadering 15 juni 2010

Eigenlijk moet u de blog “stoom afblazen” hebben gelezen alvorens aan dit verhaal te beginnen.

De agenda liegt er weer niet om. Burap 2010-1e, Kadernota 2011 en Bestuursakkoord 2010-2014 zijn ieder voor zich al voldoende voor een afzonderlijke vergadering. Het is mij ook niet duidelijk of er voor Burap en Kadernota voor 15 juni nog een technische toelichting komt. Daar was wel sprake van, maar er moest nog al wat worden geschoven, o.a. om de nieuwe wethouders de gelegenheid te geven zich in te werken. Dat soort informatieavonden is meestal wel openbaar, maar wordt maar zelden van gemeentewege publiekelijk aangekondigd. De agenda voor de besluitvormende vergadering op 29 juni (er zit dus veertien dagen tussen en dat is een verbetering) is nog niet bekend, dus de mogelijkheid bestaat dat deze punten worden doorgeschoven, hetgeen ook weer zijn voor- en nadelen heeft.

Evaluatie collegevorming

Ondanks de volle agenda vind ik dat er nog een punt moet worden toegevoegd. Laten we het maar noemen: evaluatie collegevorming. Heel terecht werd er in de vergadering waarin Peter Hendriks werd herdacht maar ook de nieuwe wethouders werden benoemd niet op ingegaan. Toch werd wel duidelijk dat er bij de niet-coalitiepartijen nog heel wat zeer over de gang van zaken zit. En dat moet er toch uit. Aangekondigd werd dat bij de bespreking van het bestuursakkoord daarvoor wel gelegenheid zou zijn. En daar ben ik het helemaal niet mee eens. Evaluatie kijkt terug en daarbij moet de gelegenheid zijn op nette manier gal te spuwen. Daarna moet een eventuele strijdbijl worden begraven en, het voorbeeld van de juffrouw van de Tom-Tom volgend, uitgaande van de nu eenmaal ontstane situatie gezamenlijk worden gewerkt aan de toekomst. Een vluchtige blik in de kadernota heeft de noodzaak daartoe wel onderstreept. Het scheiden van evaluatie collegevorming en discussie over het raadsprogramma lijkt mij ook prettiger voor de nieuwe wethouders.

En er zijn daarbij naast meer emotionele zaken ook wel wat rationele vragen te stellen.

Sinds 2002 bestaat de mogelijkheid wethouders van buiten aan te trekken. In het dualisme wordt daarmee bedoeld dat de wethouders niet perse uit de raad hoeven te worden gekozen. Het wil niet zeggen dat ze ook van buiten de gemeente moeten komen. De zogenaamde coalitie heeft daar wel voor gekozen. Is het dan uitgesloten dat er in Grave goede kandidaten zouden zijn? Als argument is wel aangevoerd dat van buiten de wethouders boven de partijen zouden staan. Maar als dat het criterium is rijst de vraag waarom deze drie partijen dan vinden dat alleen zij drieën die onpartijdige wethouders moeten uitzoeken.

Een tweede punt is dat men een open sollicitatie wilde. Maar hoe open is die procedure geweest. Er is een advertentietekst gepubliceerd, maar is die advertentie ooit geplaatst en zo ja waar? En zo nee, hetgeen ik geloof, waar zijn dan die 27 sollicitanten vandaan gekomen. Ik weet dat de grote partijen daar bureautjes voor hebben.

Financiële aspecten zijn natuurlijk wel van belang, maar mogen naar mijn mening geen invloed hebben op de keuze. Er is nu eenmaal een rechtspositieregeling die inhoudt dat bij benoeming van ex-wethouders zij hun bij andere gemeenten hun opgebouwde wachtgeldrechten meenemen.

Dit alles neemt niet weg dat een slechte procedure toch wel tot een goed resultaat kan leiden.

Bestuursakkoord

Aan hetgeen ik eerder over het bestuursakkoord schreef heb ik verder niets toe te voegen. De kadernota onderschrijft mijn mening dat verbetering van de relatie met de burgerij veel meer aandacht in dat akkoord verdient.

De kadernota

Op het eerste gezicht zou je denken dat het bestuursakkoord besproken zou moeten worden voor de kadernota. Eerst moet de nieuwe raad aangeven wat zij wil en dat wordt dan financieel vertaald. Dat is in de huidige situatie onmogelijk. De informatie van de kadernota is, zoals ik eerder beargumenteerde, nodig voor een programma van de raad. De kadernota zoals die nu voorligt is een zuiver ambtelijk stuk. Het geeft wel informatie, maar doet geen keuzes. Ik ben er nog maar één keer vlug doorheen gegaan en dat is te weinig om er zinvol commentaar op te kunnen leveren. Hetzelfde geldt voor de Burap.

Je hoeft niet diep in de stukken te duiken om te constateren dat het voor de raad geen eenvoudige zaak zal worden. Landelijk gaan de Graafse coalitiepartijen VVD en CDA voor hervormingen. Nou daar zullen ze in Grave ook mee aan de gang moeten. De ontwerp kadernota geeft wel cijfers waaruit blijkt hoeveel omlaag moet worden hervormd (=bezuinigd) maar laat hert aangeven van de wijze waarop dit moet gebeuren wijselijk en terecht over aan de gemeenteraad. Ook de al ingeboekte bezuiniging van € 700.000 is nog niet geconcretiseerd terwijl het vorige college toch aangaf dat daarvoor in het eerste kwartaal van dit jaar het nodige materiaal zou worden aangedragen. Eigenlijk zou in de kadernota hierover duidelijkheid moeten worden verschaft. Daarnaast zal nog meer moeten worden bezuinigd en dat nog los van hetgeen voortvloeit uit het rijksbeleid.

Ik acht het uitgesloten dat het mogelijk zal zijn de noodzakelijke bezuinigingen te realiseren zonder dat de burger dat merkt. En zeker als subsidies en andere voorzieningen aan bod komen zal dat niet kunnen zonder gebruik te maken van de creativiteit van verenigingsbestuurders en anderen. Dat is een mooi onderwerp voor het bestuursakkoord.

De kadernota is op het eerste gezicht duidelijk. Tot nu toe heb ik één raadselachtig verschijnsel geconstateerd. Bij ieder programma wordt een categorie activiteiten opgesomd met de vermelding “geen financiële consequenties/geen dekking”. En tussen die kenmerken links en rechts van de schuine streep zit nog al een verschil. Als er geen financiële consequenties zijn kan die activiteit rustig doorgaan. Als er geen dekking is zul je die activiteit wel moeten schrappen.

Vreemd vind ik ook de opmerking over de parkeernota. De voorbereiding daarvan is zover gevorderd dat men ambtelijk weet dat er € 1.700.000 voor nodig is. In de kadernota is echter slechts € 500.000 opgenomen. En daar kan de parkeernota dus niet voor worden gerealiseerd. Een tabelletje van activiteiten met een kolom kosten (kan 0 zijn), een kolom aanwezige dekking en een kolom nog te vinden dekking zou daarom wel handig zijn.

Wordt waarschijnlijk vervolgd als ik niet met vakantie ben.

Mogelijke andere punten voor de besluitvormende vergadering

Bij de stukken voor de voorbereidende vergadering waren ook enkele raadsvoorstellen gevoegd voor de besluitvormende vergadering die niet op de agenda van de voorbereidende vergadering staan. Het college vermoedt waarschijnlijk dat de raad over die punten niet zal discussiëren. Het zijn inderdaad vooral technische zaken met één uitzondering.

Er is een voorstel de erepenning van de gemeente , in de wandeling het ereburgerschap genoemd, te moderniseren. Na 40 jaar mag dat ook wel. Er komt een nieuw ontwerp, maar ook wordt voorgesteld de mogelijkheid te openen dat organisaties de erepenning krijgen. De huidige penning kan alleen aan personen worden toegekend. Vandaar waarschijnlijk ook de term ereburgerschap. Dat punt vind ik toch wel een nadere bespreking waard. Het is een goed idee om ook organisaties zo’n blijk van waardering te geven, maar mijn eerste gedachte is om daar iets aparts voor te verzinnen. In ieder geval zou ik dan een ander voorwerp kiezen dan zo’n toch betrekkelijk kleine penning. In een club moet het toch een zeker omvang hebben om het in een kast te kunnen zetten of aan een muur te hangen.

Bij de andere punten heb ik even gekeken naar de communicatieparagraaf. Er is een standaardformulier voor raadsvoorstellen, dat ook wel eens vernieuwd mag worden, maar gelukkig is wel iedere opsteller verplicht enige zinnen aan communicatie te wijden. In deze gevallen komt dat vooral neer op publiceren. Mij viel op dat daar kennelijk geen protocol voor is. De ene keer staat er “publiceren op de gebruikelijke wijze”, maar die moet je dan wel weten. Bij het volgende voorstel staat er dat in de Graafsche Courant wordt gepubliceerd en het derde en laatste besluit wordt ook op de website geplaatst. Een kleinigheid misschien, maar daar is een lied over. “Het zijn de kleine dingen die het doen”.

maandag 7 juni 2010

Stoom afblazen.

Soms is het goed eerst stoom af te blazen alvorens inhoudelijk op de materie in te gaan. Daarom nu eerst maar de veiligheidsklep open gezet.

In de verkiezingstijd struikelden de partijen over elkaar heen bij het beloven van “het terugwinnen van het vertrouwen in het bestuur bij de burger” En zowaar na de verkiezingen werd zelfs een ad-hoc commissie in het leven geroepen. Maar daar is het wel bij gebleven. Nu win je vertrouwen niet zo makkelijk terug. Daar is tijd voor nodig, maar je moet wel ergens mee beginnen. Begin dan met het eenvoudige en laat zien dat je de burger, en zeker de burger die blijk geeft interesse te hebben voor het besturen van de gemeente, serieus neemt. De burgemeester heet bij het begin van iedere vergadering het publiek welkom. Maar daarmee heb je het wel zo ongeveer gehad.

Volgende week dinsdag 15 juni is de eerste voorbereidende vergadering. Leny van Lieshout wees er ook al op dat er op de website van de gemeente niets over is terug te vinden. Wij zijn dus afhankelijk van papieren informatie via gemeentehuis en bibliotheek. Het beschikken over een digitale versie vergemakkelijkt o.a. door de zoekfunctie het bestuderen van omvangrijke stukken als een kadernota aanzienlijk. Bovendien is de beschikbare tijd tot de vergadering zo kort dat de beperkte openingstijden een echte hinderpaal vormen. Kortom het gemeentebestuur doet alles om het de burger moeilijk te maken het raadswerk te volgen, laat staan te beïnvloeden.

In wezen is de oplossing zo simpel. Alle stukken worden digitaal aangemaakt. Op hetzelfde moment dat zij naar de raadsleden worden verzonden en uitgeprint kunnen zij ook op de website worden gezet. Één keer regelen en het werkt. Het probleem zal wel zijn dat de website door een andere afdeling wordt beheerd dan de club die de raadsstukken produceert en verspreidt. En het valt meer de constateren dat zo gauw er meer afdelingen bij een zaak zijn betrokken de coördinatie hapert. Zo las ik ook het verslag van een bewonersbijeenkomst over het bouwrijp maken voor het nieuwe Maaszicht. Dat verslag staat bol van “uit nadere informatie in het gemeentehuis….”. Op veel voor de hand liggende vragen moest degene die de voorlichting gaf het antwoord tijdens de bijeenkomst schuldig blijven. Een verschijnsel dat tot in de raad doorwerkt en bij een goede coördinatie grotendeels te vermijden valt. Natuurlijk is het spreekwoord ”een gek kan meer vragen dan tien wijzen kunnen beantwoorden” er niet voor niets.

Dit probleem is niet nieuw. Herhaaldelijk heb ik daar al op gewezen. Het is ook de belangrijkste reden waarom ik met deze, als je het goed bekijkt eigenlijk belachelijke en overbodige, weblog ben begonnen. Maar denk je dat er ook maar één raadslid is dat zich daar druk over maakt? Oh ja, in een gesprek wordt het wel toegegeven, maar daar blijft het ook bij. “Laat maar lullen” is kennelijk de aanpak van de burgerparticipatie. Zelfs Jacques Leurs laat op zijn website vol trots zien dat hij nu een nieuw speeltje heeft gekregen om de stukken te bekijken. Dat zou, als je erin gelooft, moeten leiden tot nog minder papieren stukken, dus tot nog minder informatie aan het publiek.

Genoeg gekanker. Ik wil dit stoom afblazen positief beëindigen. Heel eenvoudig een klein beetje verbetering aanbrengen. Daarvoor is wel de hulp van de raad nodig, want ik doe het in de vorm van een motie:

De raad van Grave, in vergadering bijeen op 15 juni 2010 draagt het college op er met ingang van heden voor te zorgen dat raadsagenda’s en raadsstukken onmiddellijk bij het verschijnen op de website van de gemeente worden geplaatst en gaat over tot de orde van de dag.

Die laatste gebruikelijke kreet mag dan niet betekenen dat het daarmee is geregeld, maar dat het slechts een begin van de verbetering is.

vrijdag 28 mei 2010

Het bestuursakkoord

Het wordt weer tijd dat er wordt bestuurd.

Van het oude college is afscheid genomen en het nieuwe treedt dinsdag aan. Iedereen (zou het??) is natuurlijk benieuwd naar wat er allemaal gaat gebeuren. Dreigende bezuinigingen zijn aangekondigd, maar ook allerlei mooie plannen. Tot nu toe is er nog weinig naar buiten gekomen. Er is een bestuursakkoord, maar de coalitie vond het blijkbaar niet de moeite waard daar de bevolking van in kennis te stellen. Zelfs op de websites van de collegepartijen is er niets over te vinden. Eigenlijk is het wel pikant dat Keerpunt 2010 het bestuursakkoord als enige heeft gepubliceerd, zij het met accenten van Jacques zelf.

Als mijn vorige artikeltjes over de Tom Tom duidelijk genoeg waren zult u begrijpen dat ik van dit akkoord niet veel verwachtte. Er zijn nog zoveel onzekerheden dat het eigenlijk niet goed mogelijk is op dit moment een goed afgewogen beleid uit te stippelen. Het bestuursakkoord voldoet wat dat betreft volkomen aan mijn verwachtingen.

Op basis van de verkiezingsprogramma waren weinig spannende discussies te verwachten over punten waar de partijen anders over dachten. Daarvoor leken die partijprogramma´s teveel op elkaar. En over het enige punt waar verschil van mening over bestond: de toekomst van het AZC is in het hele stuk niets terug te vinden. Op 8 juni geeft het COA een toelichting op haar plannen. Laat ik nou de hele tijd denken dat de gemeenteraad van Grave aan de beurt was om een uitspraak te doen.
Diezelfde avond wordt ook een uiteenzetting gegeven over het Wisseveld. Dat riekt naar een combinatie, maar als er iets duidelijk is geworden is het wel dat geen enkele fractie een AZC op het Wisseveld ziet zitten. Althans tot nu toe!
Over de hiervoor genoemde data moet ik een slag om de arm houden. Ze zijn (nog?) niet openbaar gemaakt. Ik heb ze gehoord tijdens de laatste presidiumvergadering, en met vergaderdata wordt nogal gegoocheld. Gelet op het aantreden van het nieuwe college niet onbegrijpelijk.

Waarom het stuk bestuursakkoord wordt genoemd en geen coalitieprogramma of nog liever raadprogramma zou ik nog wel eens uitgelegd willen hebben. Maar Shakespeare zei al “What’s in a name”; in GBV (Gewoon BoerenVerstand) “als het beessie maar een naam heeft”.

De opzet is wel aardig. Iedere paragraaf bevat een aantal accenten en doelen waarvan je rustig mag zeggen dat ze ambitieus zijn. Ieder opsomming eindigt met consequent met de tekst “Bezuinigingen”, maar ook niets meer dan deze tekst. Daarmee verliezen de ander accenten en doelen natuurlijk wel grotendeels hun betekenis

  • Inhoudelijk naast het gemis van een uitspraak over het AZC een tweetal opmerkingen:
    In paragraaf 3 Voorzieningen en sociale samenhang staat bij de accenten en doelen “Één schoolcomplex in de Stoof, doorbouwen aan de bestaande gebouwen”. Bij mij rijst dan de vraag hoe het dan zit met het brede overleg dat gaande is over de huisvesting van de zogenaamde brede scholen . Heeft de coalitie over de nog onbekende resultaten van die studie al een standpunt bepaald?
  • Er is een aparte paragraaf gewijd aan de bezuinigingen. Daarin wordt genoemd dat, gezien de lagere rijksuitkeringen, er vanaf 2012 in drie stappen naar een structurele bezuiniging van € 1.2 miljoen moet worden toegewerkt. Daarbij wordt voorbijgegaan aan het feit dat de vorige raad al heeft besloten dat er in 2011 al € 1.000.000 bezuiniging moet worden opgehoest. Die miljoen moet ook nog worden geconcretiseerd. Er staat wel direct al bij dat alle gesubsidieerde instellingen daarin zullen worden betrokken. Geen woord echter over hoe dat proces gaat verlopen. De coalitie heeft toch niet de illusie dat verenigingen en instellingen zo’n bezuiniging zonder meer kunnen verwerken en gehoorzaam zullen aanvaarden. Als men begrip en medewerking uit het gesubsidieerde veld wil hebben, en dat zal nodig zijn, om de inderdaad noodzakelijke bezuinigingen te realiseren met minimale nadelige gevolgen moet er vanaf nu een goed overleg met dat werkveld worden opgezet.


Daarmee ben ik direct bij de reden waarom ik geen opmerking kan maken over een derde punt. Over dat punt is niets concreets te vinden. Het blijft beperkt tot “het betrekken van wijk- en dorpsraden bij de communicatie van de gemeente naar burger en van burger naar gemeente moet worden gestimuleerd”. Die zin is kennelijk afkomstig uit een verkiezingsprogramma. Daar mag “moet worden gestimuleerd” staan. Hier had op zijn minst “zal worden gestimuleerd” of nog liever “zal worden verbeterd”. Volmaakt was het geweest als er had gestaan hoe dit zal gebeuren.


U begrijpt dat mijn derde opmerking zou hebben gegaan over het betrekken van de bevolking bij het besluitvormingsproces, ook wel communicatie genoemd. Tijdens het sociëteitdebat waren alle partijen van de noodzaak hiervoor nog volkomen overtuigd. Het vertrouwen van de burgerij in het bestuur moest en zou worden teruggewonnen. Dat zal in ieder geval niet op basis van het bestuursakkoord gebeuren

In de komende periode zal heel wat draagvlak bij de bevolking moeten worden verkregen!!!

Tot slot.
Een van de coalitiepartijen (LPG) heeft vragen gesteld over de verplaatsing van het tijdelijke jongerencentrum. Die vragen komen sterk overeen met hetgeen ik enkele weken geleden daarover heb geschreven. Het zijn dus prima vragen. Er wordt zelfs een suggestie gedaan voor een definitieve voorziening. Ja, en dan rijst bij mij natuurlijk de vraag waarom over dit onderwerp helemaal niets in het bestuursakkoord staat. Dat zou je toch mogen verwachten, het is er belangrijk genoeg voor. Of bestaat er in de coalitie geen overeenstemming over dit punt en probeert LPG, nu met behulp van andere partijen toch hier iets in te bereiken?


Of dit akkoord nu wel of niet door ander partijen wordt onderschreven of zelfs ondertekend is vrees ik volkomen oninteressant.

maandag 24 mei 2010

Tom Tom in de Graafse politiek deel 2

Nu er eigenlijk niets gebeurt nog maar wat doorgefilosofeerd over de overeenkomst tussen de werking van een navigatieapparaat en de Graafse politiek.

Vorige keer sprak ik mijn bewondering uit over het geduld van de juffrouw van de Tom Tom, die welke onzinnige beslissingen ik ook neem, toch vriendelijk blijft en mee steeds weer opnieuw de juiste weg wijst. Er is een maar! Als die juffrouw niet weet waar ik ben kan zij ook niets. En dan zijn we bij de overeenkomst tussen die juffrouw en de Graafse politiek en ook bij het verschil. De juffrouw heeft een aantal satellieten permanent boven zich hangen die haar vertellen waar ik uithang. Één satelliet is te weinig voor een nauwkeurige plaatsbepaling, maar meer dan zes overbodig. Zo zou het ook bij de gemeente moeten gaan: voortdurend voldoende informatie over de informatie, maar ook niet teveel. Voor dit laatste bestaat in Grave weinig gevaar. Het ontbreekt de gemeenteraad van Grave, en daarmee de bevolking, op allerlei gebied aan de juiste informatie. Ook het nu aftredende (formeel zijn ze nog steeds in functie) college heeft herhaaldelijk blijk gegeven van onvoldoende kennis van zaken. Het rekenkamerrapport over het Trefpunt in Velp is daar een voorbeeld van. Er zijn meer voorbeelden.

  • Eind 2008 werd een wethouder naar huis gestuurd voornamelijk vanwege het Wisseveld. Nu anderhalf jaar later weten we nog steeds niet wat er precies met dat project aan de hand is en of die wethouder daarbij echt heeft gefaald. De gemeenteraad weet blijkbaar iets meer, maar kennelijk niet genoeg om een beleid uit te stippelen. Binnenkort worden we eindelijk bijgepraat.
  • De financiële positie van de gemeente is jaar op jaar achteruit gegaan. De eerst aanzienlijke reserves zijn bijna opgedroogd. Uiteindelijk werd bij de meerjarenbegroting 2010-2014 door de raad besloten dat vanaf 2011 € 1.000.000 zou moeten worden bezuinigd en dat nog afgezien van de bezuinigingen die van rijkswege zouden worden opgelegd. In het eerste kwartaal van 2010 zou de nog zittende raad de nodige informatie krijgen. Niets gezien, en de nu afgetreden raad heeft zich daar niet eens over verwonderd.

Er zijn nog wel meer voorbeelden aan te halen zoals de ontwikkeling van de brede scholen en alles wat daarmee samenhangt en afhankelijk van is.

Op 1 juni gaat het nieuwe college aan te werk. Zij zullen, net als de juffrouw van de Tom Tom bij het aanzetten van het navigatieapparaat, moeten beginnen met te bepalen waar de gemeente Grave zich op dit moment bevindt.

PS Mijn Tom Tom werkt alleen in alle openheid. In een achterkamertje doet hij het niet.

woensdag 19 mei 2010

Tom Tom in de Graafse politiek

De juffrouw van de Tom Tom leidt ons altijd op vriendelijke wijze naar ons doel als we de weg niet zelf weten.
Van die juffrouw kunnen we in de politiek, ook in Grave, nog wat leren.

Natuurlijk begint die juffrouw niets als je niet zelf aangeeft waar je naar toe wilt. Als dat eenmaal is gedaan wijst zij je stap voor stap de weg. Door die juffrouw trouw te gehoorzamen bereik je het doel het snelst.

En nu komt het. Ben je eigenwijs en sla je een andere weg in dan probeert ze je eerst weer op het goed pad te helpen: “indien mogelijk draai dan om”. Blijf je eigenwijs dan wordt het even stil. Misschien dat de juffrouw in het apparaat een eindje achteruit bidt, maar al spoedig verschijnt er een nieuwe route. De Tom Tom-juffrouw heeft de situatie kennelijk geaccepteerd. Ze is geen zeurkous. Ze maakt geen verwijten, maar vriendelijk als altijd wijst zij je volgens een nieuwe route toch naar het beoogde doel.

En dat is wat we in Grave ook maar moeten doen. Ook ik vind de wijze waarop het nieuwe college tot stand is gekomen maar niets. Het is er nu eenmaal en blijven mokken over wat had kunnen zijn heeft geen zin. Uitgaande van de huidige situatie maar vrolijk aangeven hoe het volgens jou nu moet.

Er is nog een troostrijke gedachte: wil je het doel bereiken zul uiteindelijk toch moeten worden gedaan wat de Tom Tom-juffrouw zegt.

vrijdag 14 mei 2010

Afsluiting Koninginnedijk: nog een aspect

Vandaag werd ik door iemand die zich o.a. bezighoudt met de organisatie van de vierdaagseintocht in Grave attent gemaakt op nog een consequentie van de afsluiting van de Koninginnedijk. De versmalling tot fiets/voetpad is daarvoor onacceptabel.

Het gaat weliswaar om één ochtend in het jaar, maar ik denk toch dat Grave de doortocht van de vierdaagse toch niet graag kwijt wil

Weer een aspect dat bij tijdige communicatie eerder had kunnen worden opgelost. Nu zal het via de bezwarenprocedure moeten

woensdag 12 mei 2010

Toch nog blij

Net voor het afsluiten zie ik dat ik iets over het hoofd heb gezien.

De presidiumvergadering is openbaar !!!! Althans volgens keerpunt 2010. Ik ben benieuwd

Maar na die ene keer zou ik net als de B&W-vergaderingen de presidiumvergaderingen niet openbaar houden. Wel direct na de vergadering een afsprakenlijst puibliceren.

Afsluiting Koninginnedijk: aanvulling

In de B&W-besluitenlijst van 27 april staat dat de afsluiting is bedoeld tijdens de bouwwerkzaamheden. Maar de formulering van het besluit is maatgevend en daarin staat die beperking niet. Over formuleren van besluiten heb ik het al eerder gehad. Maar ook als de afsluiting inderdaad alleen maar voor de bouwperiode is bedoeld blijft dat volgens mij de noodzaak ontbreekt en de hinder blijft.

Even schrikken: kadernota

Voordat ik richting slaapkamer ga kijk ik altijd nog even of Jacques nog wat heeft te melden. En ja hoor de agenda voor de komende weken. Allerlei leuke dingen, maar in ieder geval één waar ik van schrok.
  • 25 mei technische toelichting Kadernota;
  • 1 juni voorbereidende vergadering;
  • 15 juni besluitvormende vergadering.

Ik heb nog even op de site van de gemeente gekeken of daar een bevestiging te vinden was, maar nee hoor. Voor die data geen agenda. Ook in de besluitenlijstenvan de B&W-vergaderingen tot en met 4 mei is er niets over terug te vinden. Voor de besluitvormende vergadering van 15 juni is vooralsnog alleen een technisch voorstel over de bezwarencommissie geagendeerd.

Waarom ik hiervan schrik?

De kadernota is het belangrijkste politieke beleidsstuk van het jaar. Daar staat in wat er de komende vier jaar in grote lijnen gaat gebeuren. In de begroting wordt dan het eerste jaar uitgewerkt.

Dit jaar is de kadernota van extra belang. Allereerst omdat het de eerste kadernota is waarin het raadsprogramma in is verwerkt. Nou is dat deze keer redelijk simpel want dat programma is er helemaal niet. De kadernota heeft dit jaar ook een extra lading omdat daarin de structurele bezuiniging van € 1.000.000 moet zijn opgenomen. Het lijkt mij niet realistisch te veronderstellen dat wij burgers niets van die bezuinigingen zullen merken. Dus enige communicatie vooraf is wel aan te bevelen.

Op 1 juni worden ook de nieuwe wethouders geïnstalleerd. Ik kan me niet voorstellen dat dat even in een paar minuten gebeurd.

Conclusie: van een gedegen voorbereiding en behandeling van de kadernota komt dus weer niets terecht. En dus ben ik geschrokken. Er wordt gewoon op de oude manier doorgewerkt (ik had hier eerst iets anders staan).

Of zou het nieuwe college dan toch met wonderen beginnen?

Het presidium zou op 18 mei natuurlijk ook nog iets anders kunnen verzinnen, maar dat wordt ook al een drukke avond.

Afsluiten Koninginnedijk

Vorige week woensdag stond in de Graafsche Courant de mededeling dat in verband met de bouw van Maaszicht de Koninginnedijk tussen Pater van de Elzenstraat en Industriestraat zou worden afgesloten voor autoverkeer. Het terrein was nodig als parkeergelegenheid voor het bouwterrein. Omdat ik weet dat die weg druk wordt gebruikt als uitvalsweg richting Nijmegen en er in de buurt enorm veel braakliggend terrein is waar vele auto’s op kunnen parkeren bevreemdde mij deze mededeling. Bij navraag bleek ook dat er geen overleg was geweest met wijkraad of Graveon. De enige manier om iets over dit voornemen te weten te komen er eventueel iets over te zeggen was gebruik maken van de gelukkig voorgeschreven bezwarenprocedure.
Dus maar begonnen met het bekijken van het B&W-besluit met het volgende resultaat:

  • Het besluit werd opgehangen aan de bouw van Maaszicht. Dat is een tijdelijke aangelegenheid, maar het besluit is definitief. Nou is dat wel weer op te heffen via een nieuw besluit, maar het geeft toch wel te denken. Bij navraag bleek mij ook dat het wel degelijk in de bedoeling ligt dat deze maatregel definitief is. Nu is er voor het Wisseveld nog geen bestemmingsplan waaruit blijkt dat dit stuk weg niet meer nodig is voor gemotoriseerd verkeer. Ook is er geen verkeerscirculatieplan waaruit zou blijken dat dit stuk weg niet nodig is. Dat zou niet zo erg zijn als die weg ook nu geen betekenis zou hebben. Daarmee ben ik bij de volgende, laat ik het maar merkwaardigheid noemen.
  • In de motivering van het besluit staat dat dit stuk weg alleen maar wordt gebruikt door verkeer dat in dat gebied moet zijn. En dat is niet juist. Het is vanuit de binnenstad de aangewezen route om richting Nijmegen te rijden. Daarmee worden Trompetterstraat met zijn chicane en de verkeerslichten vermeden. Ik heb mij laten vertellen dat er zelfs mensen zijn die deze route kiezen als zij richting Den Bosch moeten. De weg heeft dus wel degelijk een verkeersfunctie. Alvorens een definitief besluit in deze zin kan worden genomen moet er wel over de consequenties en alternatieve routes zijn nagedacht.
  • Nu zou een tijdelijke afsluiting nog te verdedigen zijn als dat voor de bouw strikt noodzakelijk is. Als je nu bedenkt hoe groot het bouwterrein en hoe klein het strookje dat door deze maatregel er aan wordt toegevoegd ga je je toch afvragen of het niet anders kan. En dat kan natuurlijk. Het direct naast het bouwterrein van de voormalige fabriek van Savelkouls wordt al als tijdelijk parkeerterrein ingezet. Daar is nog best ruimte voor de auto’s van de bouwer. Zeker als je bedenkt dat stadhuis, Mooiland en BHIC werden geacht hun eigen parkeerbroek op te houden. Daarbuiten liggen vlak in de buurt nog meer terreinen waar je een tijdje wat auto’s op kwijt kunt.

Alles bij elkaar is de motivering voor een definitieve afsluiting onvoldoende omdat de weg wel degelijk van betekenis en er dus op zijn minst een alternatief voor moet worden geboden. Daarbij komt nog dat blijkbaar bij de planvorming voor de provinciale weg N324 de ontsluiting van Grave aan de orde komt. De aansluiting Wisseveld zou daarbij wel eens van meer betekenis kunnen worden.

Voor een tijdelijke afsluiting is de noodzaak evenmin aangetoond. Er zijn alternatieven voorhanden. Het verkeer dat nu van die route gebruik maakt zal nu zijn weg zoeken via Pater van den Elzenstraat en Handelsstraat om dan links en rechts uit de flank de provinciale weg op te draaien. Dat middel lijkt mij erger dan de kwaal.

Aangezien ik er niet van uit durf te gaan dat men op basis van deze weblog het besluit zal herzien, of in ieder geval beter te onderbouwen, zie ik mij helaas genoodzaakt een bezwaar in te dienen . Ik vind dat geen fijne manier van communiceren, maar het is niet anders.

vrijdag 7 mei 2010

Tijdelijk jongerencentrum

Deze week hebben we weer kunnen genieten van enkele afleveringen van de scheepswerfsoap. Ik heb daar niets meer aan toe te voegen. Gelukkig was er nog wel een andere interessante mededeling: het tijdelijke jongerencentrum dat nu op het Wisseveld is gevestigd krijgt een nieuwe tijdelijke plaats op de hoek Bosschenaan, Generaal de Bonsweg. Er moet nog wel even een procedure worden doorlopen en er zullen wat kosten moeten worden gemaakt. Aldus de nieuwsbrief en kennelijk acht het college die mededeling aan de raad voldoende. Ik heb er nog wel wat vragen over, die ik nu maar langs deze weg aan de raadsleden voorleg.

  • Het gaat wederom om een tijdelijke voorziening. Een definitieve voorziening is nog niet in zicht. We worden verwezen naar een stuk dat binnenkort aan de raad zal worden voorgelegd. Zouden wij nog tijd krijgen om over dat stuk mee te praten? Het draagt de schone naam “I have a dream”. Mooi Engels, maar een Nederlands spreekwoord luidt “dromen zijn bedrog”. Hier had weer de volgorde moeten zijn: eerst het beleid, dus de droom waarmaken, en als daaruit blijkt dat daar te veel tijd voor nodig is een tijdelijke oplossing met zicht op de termijn waarbinnen de definitieve vestigingsplaats klaar is.
    Ik ben benieuwd wat er in het raadsprogramma 2010-2014, of zo u wil het collegeprogramma, over dit onderwerp staat.
    Vragen naar wat er intussen daadwerkelijk is gedaan aan het vinden van een definitieve oplossing heeft nu weinig zin. Er zal dan wel naar dromenland worden verwezen. (Sorry voor het sarcasme, maar met zo’n titel geef je wel een voorzet.)
    Je kunt misschien zelfs het verhuizen van de ene naar de andere tijdelijke vestigingsplaats tot definitief beleid verheffen.
  • De vergunning liep al op 31 maart af. Dus erg op tijd zijn we weer niet. Maar belangrijker vind ik de vraag waarom de vergunning maar voor zo’n korte periode is gegeven. De Wet Ruimtelijke Ordening laat een tijdelijke vergunning tot 5 jaar toe. De enige mededeling die ik daarover heb kunnen terugvinden is dat het gebouw niet voor 2010 zou worden gesloopt, maar toen was al bekend dat het Wisseveld op zijn gat lag. Er is dus ook nog ruimte voor verlenging. De voedselbank is ook nog niet weg en daarvoor is de vergunning (?) ook al enkele malen verlengd. Of past die wel in het bestemmingsplan?
  • In de nieuwsbrief van oktober 2008, waarin de raad werd geïnformeerd over de huidige vestiging stond als voorwaarde dat de kosten in redelijke verhouding moesten staan tot de gebruiksduur. Het enige dat ik over kosten heb kunnen vinden was dat er een budget van € 21.200 was voor aanpassingen en gebruik. Het gebouw is voor dat geld maar een goed jaar in gebruik. Zelfs als de helft van het budget is gebruikt zou menige organisatie die ook voor de jeugd werkt zich bij zo’n jaarbudget de vingers aflikken. Informatie over de werkelijke kosten is dan ook dringend gewenst en ook over het aantal jongeren dat van deze voorziening gebruik maakt. Per keer 25 à 40 staat in de nieuwsbrief. Zijn dat steeds dezelfde of is er een totale groep van enkele honderden die regelmatig komen. Dit ter vergelijking met de vele honderden jongens en meisjes die wekelijks op de sportvelden zijn te vinden. We moeten ook ophouden met te beweren dat er “niets voor de jeugd” gebeurt. Er wordt in Grave heel veel gedaan voor de jeugd, maar er is een groep die zich bij die voorzieningen niet thuis voelt. Daar mag ook best iets voor gebeuren, maar dan wel in de goede verhoudingen. Een eigen bijdrage, eventueel in natura, is ook heel normaal.
  • Het zal duidelijk zijn dat ieder jaar verhuizen een kostbare aangelegenheid wordt. Nadere informatie over de levensduur van de nu voorgestane aanpak is daarom ook nodig.
  • Over de kosten die aan de verhuizing zijn verbonden wordt helemaal niets meegedeeld. Ook met het oog op de bezuinigingsoperatie, die naar ik hoop al een eind is gevorderd, is die informatie wel belangrijk.