maandag 13 september 2010

"Vernieuwend vergaderen" deel 2

In de vergadering van 13 juli is een besluit over een eerste versie van deze nota aangehouden omdat een deel van de raad vond dat de tijd tussen voorbereidende en besluitvormende vergadering wel erg lang zou kunnen worden.
Het schema van de raadsvergaderingen zou er als volgt uitzien:
Week 0 presidium;
Week 1 informatieavond eerste cyclus;
Week 3 voorbereidende vergadering eerste cyclus;
Week 3 besluitvormende vergadering vorige cyclus;
Week 6 presidium tweede cyclus;
Week 7 informatieavond tweede cyclus;
Week 9 voorbereidende vergadering tweede cyclus;
Week 9 besluitvormende vergadering eerste cyclus;
Week 12 presidium derde cyclus;
Week 13 informatieavond derde cyclus;
Enz. enz.

Tussen informatieavond en besluit liggen standaard 8 weken en dat is echt veel. De enige mogelijkheid is voorbereidende en besluitvormende bespreking op dezelfde avond te doen. Dat kan in uitzonderingsgevallen, waar het om louter formele zaken gaat wel eens verantwoord zijn.

Ik was benieuwd welke oplossing voor dit dilemma zou worden gevonden en of er verder nog iets over het hele besluitvormingstraject zou worden opgemerkt. Het vergaderschema is slechts een topje van de besluitvormingsijsberg. Met name de plaats van communicatie tijdens het proces kan in Grave wel wat verbetering gebruiken.

Dus eerst de nieuwe notitie maar gedownload. Tot mijn verbazing bleek die gewoon onveranderd. Vervolgens het vergaderschema en ja hoor daar was een verandering te zien. Allereerst natuurlijk dat het schema niet op 1 september 2010 begon, maar op 1 januari 2011. Belangrijker is echter dat in het schema de tijd tussen informatieavond en voorbereidende vergadering van twee weken is teruggebracht naar één en daarmee tegelijk de hele cyclus van zes naar vijf weken. In plaats van 8 weken zit er nu 6 weken tussen informatieavond en besluit.

Mijn verbazing ging over in ergernis toen ik het ontwerp raadsbesluit las. Daarin wordt voorgesteld zowel de notitie als het schema vast te stellen en die zijn met elkaar in strijd. Een op zich makkelijk te herstellen slordigheid, maar in mijn ogen een vreselijk storende. Besluiten moeten zorgvuldig worden geformuleerd, maar daar heb ik het al meer over gehad.

Inhoudelijk vind ik het niet echt een verbetering. 6 weken is heel vaak beter dan 8 en er kunnen nu 2 vergadercycli meer in een jaarprogramma worden opgenomen. Daar staat tegenover dat de tijd die de fracties hebben voor intern overleg wordt gehalveerd. Eigenlijk begint de cyclus met de vergadering van het presidium. In die vergadering wordt immers de agenda vastgesteld en dat gebeurt neem ik aan op basis van de ontwerpvoorstellen. Nu is in het nieuwe schema het tijdsverloop tussen presidiumbijeenkomst en informatieavond 2 weken in plaats van 1 zoals bij het schema van 13 juli. Het hele besluitvormingstraject duurt in het schema van 13 juli 9 weken en in dat van nu 8. Tel uit je winst.

De combinatie van een voorbereidende en een besluitvormende vergadering met eigen agenda vind ik ongelukkig. Er is maar de helft van de tijd beschikbaar in vergelijking met de huidige situatie. De ervaring heeft al geleerd dat het nu al moeite kost de avonden om 22:30 te beëindigen. De verleiding om over een achteraf makkelijk agendapunt maar direct te beslissen zal vaak te groot blijken. De wethouders worden halverwege de bijeenkomst naar huis gestuurd. Of is het toch handig ze ook bij de besluitvormende vergadering toch maar te laten meedoen?

Is er een alternatief? In mijn reactie op de vorige versie van het verhaal heb ik al aangegeven ergens een ander schema te hebben liggen. Dat diende als basis voor het volgende.

Allereerst moet ik wat dieper in de ijsberg doordringen. Een uiteindelijk raadsvoorstel moet alle relevante informatie bevatten die nodig is om een besluit te nemen. Die informatie zal vooral uit ambtelijke kring moeten komen. Ik mag er toch van uitgaan dat ambtelijk apparaat en zeker ook het college in ieder geval alle vragen die zij zelf zouden hebben in het stuk beantwoord zien. Op dit moment is dat wel anders. Dat brengt mij tot de conclusie dat informatieavond en voorbereidende vergadering bij een goede voorbereiding beter met elkaar kunnen worden gecombineerd dan voorbereidende en besluitvormende vergadering. In het verleden is gebleken dat 2 weekenden tussen ontvangen stukken en de vergadering de fracties voldoende ruimte biedt voor intern overleg en eigen informatie. Dat betekent dat er tussen voorbereidende en besluitvormende vergadering 14 dagen ruimte moet zijn. Er is dan na de voorbereidende vergadering een tweetal dagen om eventueel het definitieve raadsvoorstel aan te passen. Bij een goede voorbereiding hoeft in de meeste gevallen niet meer dan 2 weken te verlopen tussen voorbereidende en besluitvormende vergadering. Het doorschuiven van een besluit naar een volgende cyclus kan dan tot de uitzonderingen behoren.

Er hangen aan het opstellen van zo’n schema natuurlijk nog een hoop andere zaken. Om een lang verhaal daarom kort te maken hierbij een proeve van een besluitvormingstraject om in kabinetsformatietermen te spreken.
Week 0 (maandag of dinsdag) presidiumvergadering;
Week 0 (donderdag) openbaar maken stukken op website en toezenden;
Week 1 intern overleg fracties;
Week 2 (dinsdag) voorbereidende vergadering;
Week 2 tot vrijdag aanpassen voorstel, indienen amendementen en moties; raadplegen presidium over eventueel doorschuiven voorstel;
Week 2 (vrijdag) verspreiden aanvullende stukken.
Week 4 besluitvormende vergadering.

De hele cyclus vraagt zo 4 weken. De fracties hebben voor de vergadering telkens een week en 2 weekenden. Als het stramien van iedere zes weken een cyclus wordt aangehouden kunnen de 2 vrije weken worden benut voor presentatieavonden. Dat kunnen presentaties aan de raad zijn van onderwerpen die pas later aan de orde komen, maar ook over onderwerpen die in de eerstvolgende cyclus worden behandeld. Ook publieksavonden kunnen in deze 2 weken worden georganiseerd. Eventueel is daarvoor in week 1 en 3 ook nog wel een mogelijkheid, maar dan hebben de fracties weer minder tijd.

De voorbereiding in ambtelijk apparaat en college moet hier natuurlijk nog worden voorgehangen.
Er is naast het schema nog een hele reeks andere onderwerpen die onderdeel zijn van de organisatie van het besluiten. Bij voorgaande gelegenheden heb ik daar al het een en ander over geschreven. Betrokkenheid van belanghebbenden en belangstellenden is daarbij een belangrijke. Ook de vorm van de beleidsvormende vergadering verdient nog veel aandacht. Ik wees daar ook op in mijn reactie op het voorstel voor het Arsenaal. In plaats van de stoelendans van nu die veel weg heeft van drie commissievergaderingen na elkaar zouden parallelvergaderingen een alternatief kunnen zijn. En dan natuurlijk de vastlegging van de besluiten. Allemaal herhalingen.

Ik moet oppassen dat deze weblog niet gaat lijken op de zomerprogrammering van de televisie. Daarvoor verwijs ik naar voorgaande bijdragen. Het zijn er inmiddels al heelwat en helaas komen sommige zaken meermaals aan de orde. Dat dwingt mij om daar wat orde in te gaan aanbrengen.

besluitvormende vergadering 28 september, besluitenlijsten

De agenda voor deze vergadering is nog niet beschikbaar. Wel is een aantal stukken toegezonden waaronder de besluitenlijsten van de vergaderingen van 1 juni en 13 juli 2010. Ik ben benieuwd of er nog opmerkingen worden gemaakt over de wijze waarop een tegenkandidaat voor de post van Graafse vertegenwoordiger bij de Euregio werd afgeserveerd. Een amendement om deze tegenkandidaat te benoemen werd afgewezen. In feite was hier sprake van een tegenkandidaat en dan zal er eerst moeten worden gekozen alvorens kan worden benoemd. Over personen moet schriftelijk worden gestemd en dat is niet gebeurd. Bij de benoeming van wethouders op 1 juni is evenmin gestemd, maar daar waren ook geen tegenkandidaten. Daar viel dus niets te kiezen en er is niet om een schriftelijke stemming gevraagd waarbij dan andere kandidaten in de arena zouden kunnen worden gebracht. Die waren natuurlijk bij voorbaat kansloos. Begrijpelijk dat de oppositie daar niet aan begon. De twee voorgedragen kandidaten waren daarom automatisch gekozen en konden na onderzoek van de geloofsbrieven worden benoemd. De stemming ging alleen over de vraag of de geloofsbrieven in orde waren en dat was zo. En dan moet je, graag of niet, instemmen met de benoeming.

Waarom ik me hierover zo druk maak? Ik heb al vele malen geconstateerd dat besluiten slecht zijn geformuleerd en gedocumenteerd. Vroeg of laat kun je dan lelijk je neus stoten. Er is al besloten tot een juridische audit. Wanneer komt daarvan het resultaat? (stond ook nog niet op mijn lijstje van onderwerpen)

Het Arsenaal

Aan de Raad wordt gevraagd “een richtinggevende uitspraak” te doen omtrent de verdere uitwerking/ontwikkeling met betrekking tot het pand bekend als ‘Het Arsenaal’. Dat wordt wel tijd. Het pand staat al zo’n 4 jaar leeg en dit is de eerste keer dat er echt over gaat worden gepraat.

Het is de taak van de raad om kaders aan te geven, zoals dat heet. Dat doe je zo maar niet op een achternamiddag. En dat wordt nu wel gevraagd. Op 21 september licht Jan des Bouvrie zijn ideeën voor het complex toe, daarna moet de raad er over van gedachten wisselen en voor 22:30 uur ook nog enkele andere zaken behandelen. Op 28 september moet dan de uitspraak van de raad volgen. Waarom opeens die haast? Ik vrees trouwens dat die uitspraak inhoudelijk niet meer zou kunnen voorstellen dan “het lijkt wel een aardig idee en wij weten ook niets beters”. De randvoorwaarden die in het raadsvoorstel zijn opgenomen behelzen niet meer dan allerlei min of meer wilde ideeën over wat allemaal in dat complex zou kunnen. Opvallend vind ik wel dat geen enkele genoemde activiteit wordt verworpen. Mijn stelling is altijd geweest dat je geen goede idee kunt ontwikkelen als je er niet minstens negen hebt verworpen. Bij kwam wel weer de vraag naar boven waarom het Arsenaal nooit is betrokken bij het zoeken naar ruimten voor allerlei activiteiten die nu in het MFC een plaatsje moeten krijgen

Er is door deze eng op het Arsenaal gerichte benadering helemaal geen rekening gehouden met de consequenties voor andere ontwikkelingen. Dat die er zijn bleek onmiddellijk na de publicatie in de Gelderlander uit de reactie van Huub Linders. Hij vreest voor concurrentie met het project “Hart van Grave” (voortaan noem ik dat maar het HvG). Tijdens de bespreking tussen het toenmalige college en des Bouvrie op 9 december werd van gemeentezijde de ontwikkeling van appartementen nog afgewezen. Daar was onvoldoende vraag naar en de raad zou het wel afwijzen. Op basis waarvan is het inzicht veranderd? Het college noemt 13 stuks een beperkt aantal. Dat is 29% van het aantal dat in het HvG wordt gerealiseerd. Mijn definitie van beperkt is iets anders. Appartementen bouwen wordt langzamer de oplossing voor alle ruimtelijke kwalen en daar moeten we mee oppassen. Dit wil nog niet zeggen dat ik de vrees van Huub zonder meer deel. De behoefte aan appartementen in Grave moet gewoon worden onderzocht om daar een zinnig antwoord op te geven (of heeft iemand een recent onderzoek in een la liggen?). Ook is belangrijk welke afspraken zijn gemaakt in het kader van HvG over andere –mogelijk concurrerende- projecten. Je kunt er overigens donder op zeggen dat ook het verruimen van winkelmogelijkheden van lyfestile e.d. naar meer gewone zaken ook de nodige discussies zal losmaken.

Nu wreekt zich duidelijk het feit dat het gemeentebestuur van Grave het al jaren heeft verrekt –anders kan ik het niet noemen- een nieuw bestemmingsplan voor de binnenstad te ontwikkelen. Dat zou een werkelijk kader hebben geboden waar Jan des Bouvrie en anderen mee aan de slag hadden gekund. Dat bestemmingsplan is ook nodig voor de nieuwe ontwikkeling van het oude Maaszicht. Als het goed gaat zou is het nieuwe eind volgend jaar klaar en zou het oude begin 2012 leeg kunnen komen. Dan moet er een uitvoeringsgereed plan liggen. Ook het HvG moet op tijd in een nieuw bestemmingsplan zijn opgenomen wil de gemeente geen aanzienlijke financiële schade leiden.

Het raadvoorstel bevat ook een communicatieparagraaf. Degenen die mijn verhalen regelmatig lezen zullen begrijpen dat ik die paragraaf met extra aandacht heb bestudeerd. Nou daar was ik gauw mee klaar! Er wordt met Jan des Bouvrie gesproken en hij krijgt het raadvoorstel tijdig. Dat haalt je de koekoek. Voor mij ligt het nogal voor de hand dat hij bij de ontwikkeling is betrokken; sterker nog: hij moet de kar trekken. Bij deze ontwikkeling is wel wat meer aandacht voor communicatie vereist.
Toch is deze paragraaf niet helemaal negatief. Tot mijn vreugde las ik dat de heer des Bouvrie tijdens de raadsvergadering mag reageren op het raadsvoorstel. In de samenvatting van het voorstel staat ook dat hij zijn ideeën wil toelichten. Ik neem aan dat hij zich daarbij niet hoeft te beperken tot de vijf minuten spreekrecht. Dat is een hele verbetering en ik hoop dat in het vervolg ook anderen een werkelijk gesprek met de raad kunnen aangaan. Diezelfde avond komt ook de notitie “Vernieuwend vergaderen” aan de orde. Dan kan het meteen worden geregeld. Ik kom daar in een ander stuk nog op terug.

Met het voorstel zoals het er nu ligt schieten wij en ik denk ook Jan des Bouvrie niets op. Jan des Bouvries gaat verder; er wordt op een gegeven moment een procedure gestart en dan komen de problemen pas echt. Wat dan wel?

Het Arsenaal is geen eenvoudig complex en het gaat om zo’n 20 à 25 procent van de oppervlakte van het centrum. Wel een zaak van betekenis. Alle aandacht moet daarom nu worden gericht op een nieuw bestemmingsplan met alle daarbij behorende toeters en bellen zoals verkeercirculatie, parkeernota beeldkwaliteitplan en wellicht nog meer. De belangrijkste spelers zullen als partners leiding moeten geven aan het ontwikkelen van dat bestemmingsplan. Dat zijn er 4. Natuurlijk allereerst de gemeente, die ook de regie moet voeren. Daarnaast degenen die nu eenmaal de touwtjes van een belangrijk deel van de stad in handen hebben. Dat zijn Jan des Bouvrie, HvG en Mooiland. Zij zullen het eigenlijke werk moeten. Voor een belangrijk deel hebben zij dat natuurlijk al voor hun eigen ontwikkeling gedaan. De gemeente doet het werk voor alle andere inwoners en ondernemers. Daarom is er ook een begeleidingsgroep met ondernemersvereniging(en) en wijkraad nodig. Het opzetten van zo’n projectstructuur vraagt natuurlijk ook tijd, temeer omdat een planning en ook een financiële paragraaf onmisbaar zijn. Er zijn nog wel meer aspecten te bedenken, maar die projectstructuur moet door de partners worden opgesteld en niet door een stuurman aan de wal. Er moet daarom zo snel mogelijk een gesprek komen tussen deze partners met als doen een plan te maken voor de gezamenlijke aanpak.

Kan Jan des Bouvrie daarop wachten? Punt één is natuurlijk dat hij niet gaat wachten, maar meedoen. Bovendien denk ik dat hij op de lange duur er tijd mee wint, omdat mogelijke problemen eerder naar voren zullen komen. Er is al een hele hoop materiaal her en der beschikbaar. Er moet nog voor een samenhang worden gezorgd. De belangrijkste vraagvan des Bouvrie: mag ik appartementen bouwen, kan in een vroeg stadium aan de orde komen zodat hij met de uitwerking niet hoeft te wachten tot de formele vaststelling van het bestemmingsplan. De wet Ruimtelijke Ordening biedt ook andere mogelijkheden te bouwen voordat heyt bestemmingsplan helemaal klaar is.

Het zou goed zijn het hele verhaal over het Arsenaal met randverschijnselen zo vanaf 1995 nog eens door te nemen. Dat levert een hoop leerzame stof op!

zaterdag 11 september 2010

Presentatgieavond dinsdag 14 september 2010 19:30 uur, stadhuis

Het vergaderseizoen gaat weer beginnen. Op 21 september is een voorbereidende en op 28 september een besluitvormende raadvergadering vastgelegd. De agenda voor 21 september is vrijdag verschenen. Er staan enkele interessante punten op, zoals de bestemming van het Arsenaal en de aangepaste nota “Vernieuwend vergaderen”. Daarnaast komt nog een erfgoedverordening aan de orde. Op Arsenaal en “Vernieuwend vergaderen” kom ik na het weekend nog terug. De erfgoedverordening lijkt op het eerste gezicht een technische aangelegenheid, een andere formulering van het bestaande monumentenbeleid, maar wellicht zit er meer achter. Niet op de agenda staan nog de kermis en de markt. Maar daar zal beslist ook over worden gesproken.

Uit de datering van de stukken leid ik af dat over deze zaken al een week later het besluit moet vallen!

Het is maar een beperkte keuze uit de lijst onderwerpen die ik een paar weken geleden gaf. Overigens is de lijst niet compleet. Zo denkt iedereen te weten dat het VVV in het historisch stadhuis komt en dat de trouwzaal in ere zal worden hersteld, maar een besluit is daar nog niet over genomen. Ook is nog onbekend hoe het er komt uit te zien. Er zal toch ook wel ergens een lift moeten komen.

Volgens de vorige nota “vernieuwend vergaderen” was in het vergaderschema ook een vaste avond voor presentaties ingeruimd. De in het vergaderschema op 14 september opgenomen besluitvormende vergadering is dan ook vervangen door een presentatieavond.

Vreemd genoeg, alhoewel voor Grave gebruikelijk, is die openbare avond niet aangekondigd, maar alleen aan insiders bekend gemaakt. Toch zijn de onderwerpen ook voor de gewone burger interessant. Jacques Leurs noemde in zijn agenda voor raadsleden de onderwerpen “We have a dream” en het parkeerbeleid.

Op de agenda staat inderdaad een presentatie over de Visie Huisvesting Maatschappelijke voorzieningen door een vertegenwoordiging van het bureau Penta Rho. Dat is het bureau dat het rapport dat is opgescheept met de naam “we have a dream” heeft uitgebracht. Ik heb op deze plaats op 15 augustus al geconstateerd dat dit rapport met de datum december 2009 al is gepresenteerd op 20 oktober 2009. Ik vraag me af wat er nu nog door het bureau zou kunnen worden gepresenteerd. Vanuit de gemeente zou misschien al iets te vertellen zijn over de manier waarop dit rapport zou moeten worden uitgewerkt tot een concreet uitvoeringsplan.
Nu is er op dit terrein de laatse weken wel het een en ander aan de hand.

Het interim-bestuur van Quadrant, de stichting die een aantal gemeenschapshuizen beheert heeft de werkzaamheden beëindigd, zonder dat er een nieuw bestuur is benoemd. Op zich een merkwaardige gang van zaken. Normaal dient een interim bestuur of functionarissen om het gat tussen 2 vaste te vullen. Nu is er een interim-coördinator aangesteld die volgens een B&W-besluit voor 2010 nog bijna € 18.000 kost. Nu weten in ieder geval hoe kostbaar en waardevol vrijwilligerswerk is! Het interim-bestuur heeft wel een rapport uitgebracht. Wellicht dat daar de reden is opgenomen waarom men niet is aangebleven totdat de opvolging was geregeld. Het simpele feit dat er het bestuur “een tijdelijk karakter had” (citaat raadsleden-nieuwsbrief) kan toch niet de enige reden zijn? Misschien dat hier in de presentatie iets over wordt verteld.

In de nieuwsbrief stond ook dat wijkraden en buurtverenigingen zijn benaderd om een rol te spelen bij het zoeken naar een nieuw bestuur. Er is daarover door de gemeente een “conceptnota beheer en exploitatie accommodaties” uitgebracht. Mogelijk dat ook die nota een onderwerp is van de presentatie. We zien en horen het dinsdag wel.

Bij de voorbereiding van de parkeernota is een klankbordgroep betrokken. Daarin kan mijn ideeën daarover kwijt. Voordat onderdeel heb ik deze weblog als sluipweg dus niet nodig. Dinsdag zal wel blijken hoever de invloed van de klankbordgroep reikt.

Deze 2 onderwerpen zijn hoe dan ook best een gang naar het stadhuis waard. Dan kunt u ook aanhoren hoe de gemeentesecretaris denkt over de reorganisatie van het ambetlijk apparaat.

zondag 15 augustus 2010

Aanvulling op Waar zijn we mee bezig -Accommodaties

Zojuist heb ik het rapprot "We have a dream" doorgenomen. Dat noopt me tot een iets andere kijk op de zaak en daar ben ik niet blij mee.
Allereerst is het niet "I have a dream" maar "We have a dream". Een subtiel verschil. Mijn ergernis over de engelse titel blijft, maar ik moet toegeven dat de titel inhoudelijk juist is. Het komt niet verder dan een droom. En dan niet in de zin van: een droom is een ideaalbeeld. Mijn ervaringen met dromen is dat zij wel een kern van waarheid bevatten maar overigens nogal chaotisch zijn en uiteindelijk niets bruikbaars opleveren.

Over deze materie is op 20 oktober 2009 een presentatie gegeven. Ik was toen redelijk positief over de aanpak, maar vroeg me af waarom het op dat moment werd gepresenteerd. Er moest toen nog heel veel worden uitgezocht. Het eindrapport heeft als datum 22 december 2009. Inhoudelijk zijn er geen afwijkingen en aanvullingen op de presentatie van oktober 2009. Een financiële paragraaf en zelfs financieel gerichte opmerkingen in de hoofdstukken ontbreken helemaal. Ik weet niet wat exact de opdracht was. Ik kan daarom ook niet zeggen of het een goed of slecht rapport is. Als de opdracht niet meer was dan een globale verkenning van de mogelijkheden voor onderwijs, kinderopvang en activiteiten van kinderen van O tot 18 jaar dan geeft het een bruikbare start, maar niet meer. De cijfermatige onderbouwing is mager en , staat zelf in het rapport, deels verouderd.

Opvallend vind ik dat eigenlijk geen aandacht wordt besteed aan de gevolgen van wegvallen van Esterade, Westhoek en Katrien. Bij de maatschappelijke partners ontbreken bijvoorbeeld wijkraden. Zat dat ook wel in de opdracht? De uiteindelijke visie geeft een heel vage aanwijzing:

Op basis van een combinatie van hoge kwaliteit en voldoende schaalgrootte, nabijheid en flexibiliteit werken de maatschappelijke partners intensief samen aan ontmoeteing van iedere inwoner van de gemeente Grave en zorg voor het kind, met het zwaartepunt bij kinderen van 0 tot 18 jaar.

Het gaat dus wel om alle inwoners en dus wijkgebonden activiteiten voor de 18+ ers.

Wat is er feitelijk gebeurd tussen 20 oktober en nu? Het wordt daarom tijd dat voor dit project een degelijke planning wordt opgesteld. Daarbij moet ook de communicatie aan de orde komen. In het rapport komt dit onderwerp helemaal niet voor. De partners zijn allemaal leveranciers van maatschappelijke voorzieningen. Toekomstige gebruikers komen in het stuk niet voor.

vrijdag 13 augustus 2010

Waar zijn we allemaal mee bezig?

In de laatste vergadering voor de vakantie heeft de raad uit het reglement voor het presidium de bepaling geschrapt dat dit presidium ieder jaar een programma voor de raad moet opstellen. Het opstellen van een programma is in veel organisaties een normale zaak. Dan weet je wat je hebt te verwachten, je kunt de programmanummers over de beschikbare tijd verdelen. Zelf werken we ook veel met programmatjes. Een boodschappenlijstje is daar al een voorbeeld van. Als we met vakantie gaan hebben we lijstjes met dingen die we mee willen nemen en dingen die we voor vertek nog moeten afwerken. Alles om er voor te zorgen dat we geen belangrijke zaken vergeten. De gemeenteraad van onze gemeente denkt daar kennelijk anders over. “We zien wel wat er op de agenda’s komt”. Dat levert ongetwijfeld een interessante afwisseling op van vergaderingen met bijna niets van betekenis op de agenda en vergaderingen met een aantal zaken die op zich een hele vergadering waard zijn en nauwelijks of geen tijd om er over te discussiëren. Een ander gevolg is dat het gevaar dreigt dat zaken in de vergetelheid raken.

Ter illustratie volgt hier een rijtje zaken die binnenkort aan de orde moeten komen. Ze zijn afkomstig uit mijn geheugen, opgediept uit de weblog van Jacques Leurs en mijn eigen werk. Ook heb ik wat hulp van buitenaf gehad. Ik twijfel er niet aan dat de lijst onvolledig is. Er liggen vast nog ergens projectjes, toezeggingen en onbeantwoorde raadsvragen.

Begroting 2011
De inhoudelijke discussie over wat er de komende vier jaren gaat gebeuren en waar we het geld daarvoor vandaan halen is van het coalitieakkoord en de kadernota doorgeschoven naar de begrotingsbehandeling. De opdracht is niet gering. Allereerst ligt er de opdracht uit de begroting 2010 om alles bij elkaar € 700.000 te bezuinigen. Daarnaast moeten nog wat miljoenen worden gevonden in het kader van de algehele malaise. Ook zijn er zaken in voorbereiding die juist om meer of nieuw geld vragen. De begroting moet begin november zijn afgerond.

Scheepswerf
De raad heeft stilzwijgend geaccepteerd dat er geen haalbaarheidsonderzoek komt naar de mogelijkheid de scheepswerf te verplaatsen. Gelukkig is die gedachte verlaten maar er is wel veel tijd met dit voorbeeld van “I have a dream” verloren gegaan. Nu moet wel op korte termijn worden aangegeven wat er dan wel met de scheepswerf gaat gebeuren. Er ligt al een hele tijd een voorstel van de werf zelf. De raad heeft gevraagd om een “kaderstellend debat” en liefst al in september.

Loswal
Er ligt een soort structuurplan voor het havenfront met als uitgangspunt dat de werf weg is. Dat plan moet dus worden herzien. Over de eerste fase, het opknappen van de loswal, is al heel wat te doen geweest. Nu bleek onlangs tussen neus en lippen door dat het overleg met Rijkswaterstaat nog niet eens is afgerond (had ik al veel eerder op gewezen). Er is ook een relatie met de parkeernota.

Parkeernota
Dit p(l)annetje staat inmiddels alweer een hele tijd op het gemeentelijke vuurtje te pruttelen. Er is een klankbordgroep die direct al heeft gevraagd om een verruiming van de taak. Het gaat immers om veel meer dan alleen maar het inrichten van enkele terreinen. De raad heeft gevraagd om op 14 september de deksel van de pan te lichten. Ik ben benieuwd wat er dan te voorschijn komt. Inmiddels is wel bekend dat aanleg van parkeergelegenheid veel meer geld gaat kosten dan begroot. Het zou dus wel prettig zijn als daar bij de begrotingsbehandeling al wat zicht op zou zijn.

Mobiliteitsfonds
Bij de behandeling van het parkeerbeleid in het najaar van 2009 heeft de raad besloten dat de verordening op het mobiliteitsfonds moest worden herzien. De tekst van het besluit was hoogst merkwaardig, maar er moet hoe dan ook een nieuwe verordening komen. Op grond van die verordening moeten mensen die wat willen bouwen aanzienlijke bedragen aan de gemeente betalen als zij niet zelf voor voldoende parkeerruimte kunnen zorgen. Vervolgens moet de gemeente er dan voor zorgen dat die parkeerplaatsen er komen. Ook bij de verdere ontwikkeling van het “Hart van Grave” speelt dit een rol.

Beeldkwaliteitsplan Binnenstad
Dit plan dient om er voor te zorgen dat het uiterlijk van de binnenstad blijft of wordt zoals we vinden passen bij het historisch karakter ervan. Het gaat over grote en kleine zaken zoals het al dan niet toelaten van zonneschermen.
Begin van dit jaar was er opeens haast mee. Er werd een plan gepubliceerd waarop zienswijzen konden worden ingediend. Er zijn zienswijzen ingediend waarbij het plan flink onderuit werd gehaald. Er kwam een bespreking met als uitkomst dat een en ander zou worden heroverwogen. Sindsdien is er niet meer over gehoord. Mogelijk dat wisseling in personele bezetting, een euvel waar veel gemeentelijke projecten van te lijden hebben, een rol heeft gespeeld.

Markt
De raad heeft altijd heel stoer geroepen dat de markt in het centrum moet blijven, dus op de Markt/Hoofdwagt/Hoofschestraat. In de randvoorwaarden voor het “Hart van Grave” is keihard opgenomen dat ook tijdens de bouw de markt op die plaats moet blijven. De simpele mededeling van B&W dat de markt (tijdelijk) naar de Lunette zal worden verplaatst heeft dan ook voor enige consternatie in die raad gezorgd. Daar zal dus ongetwijfeld in september ook over moeten worden gepraat. Het zou wel verstandig zijn eens met alle betrokkenen om de tafel te gaan zitten om te praten over de toekomst van de weekmarkt. En niet afzonderlijk met ondernemers, wijkraden en marktkooplieden, maar samen. Misschien kan de toekomst van de kermis dan ook aan de orde komen.

Plan Hermanussen
Op 19 januari werd een plan gepresenteerd om in het buitengebied van Velp een landgoed, zeg maar een appartementencomplex, te ontwikkelen. Dit riep gemengde gevoelens op. Vanuit toen nog de PvdA werd gevraagd om eerst een algemeen beleid over dit soort zaken te formuleren. Daarna niets meer over gehoord of gezien. Dat lijkt me ook voor de ontwikkelaar niet zo leuk.

Bestemmingsplan buitengebied
Daarmee zijn we in het buitengebied aangeland. Mij staat bij dat het ontwerp in juni zou worden gelanceerd. Naast alle “gewone zaken” van zo’n bestemmingsplan zijn er 2 hoogtepunten. Allereerst natuurlijk het bedrijf Litjens. Lukt het echt om regels op te stellen waar en Litjens, en de omgeving en de provincie mee overweg kunnen? Daarnaast is er natuurlijk de aloude kwestie van de “Prinses Margriet”. Bij een onderwerp als dit is communicatie van enorm belang, zeker als duidelijk is dat er tegenstrijdige belangen en dus ideeën aan de orde zijn. Ik heb begrepen dat er wel contact met diverse partijen is geweest, maar juist een gezamenlijk overleg met alle partijen kan er voor zorgen dat er op zijn minst begrip voor elkaars standpunt ontstaat en dat is goed voor het draagvlak, om de scheidende voorzitter maar eens te citeren.

Bestemmingsplan Binnenstad.
Nu er is besloten voor het “Hart van Grave” met een projectprocedure te werken dreigt de herziening van dit stokoude bestemmingsplan weer wat op de achtergrond te raken. Los van de financiële risico’s die voor de gemeente verbonden zijn aan uitstel is het ook belangrijk dat er eindelijk eens een nieuwe allesomvattende visie op dit deel van de gemeente komt. Arsenaal is nu al en het huidige Maaszicht wordt eind 2012 bestuurlijk gezien een witte vlek en als we niet uitkijken in werkelijkheid een vuile vlek

Wisseveld
Ook daar moet hier en daar nog wat worden beslist, maar wat?? Tijdelijk jongerencentrum, tijdelijke voedselbank, tijdelijke –en misschien definitieve- parkeerterreinen. Scheepswerf is van de baan en evenementen zijn welkom, maar een visie ontbreekt. Teruggrijpen op de kanobaan misschien?

Accommodatiebeleid
De bouw van het nieuwe Maaszicht en daarmee van het Multifunctionele Centrum (MFC) gaat komend voorjaar van start. De reden van het uitstel van de bouw vind ik vreemd. Het komt blijkbaar omdat het waterschap niet toestaat dat in de winterperiode aan en in de directe omgeving van een dijk wordt gewerkt. Dat is een gegeven dat algemeen bekend is, of in ieder geval hoort te zijn en dus ook in dit geval. Bovendien is het bouwterrein zo groot dat het niet helemaal onder die bepaling zal vallen. Geruststellend is meegedeeld dat de oplevering geen vertraging ondervindt en toch eind 2012 zal plaatsvinden. Zomaar een half jaar bouwtijd weggeven? Ik hoop dat er een goede boetebepaling in het contract zit.

Maar ter zake; het MFC wordt mede gefinancierd uit de verkoop van Katrien, Esterade en de Westhoek. Het wordt nu tijd dat dat geld op de plank komt. Maar er is ook toegezegd dat wijkgebonden activiteiten, wat dat dan ook moge zijn, in de wijk blijven en daar moet dan weer nieuwe accommodatie voor komen. Daarvoor zouden dan weer de brede scholen moeten dienen. (In Velp is er zo een. Hoe bevalt dat eigenlijk?). En daarmee zijn we bij het onderwijs beland. Een werkgroep heeft nu een rapport uitgebracht met de titel “I have a dream”. Overal hoor je de klacht dat de kwaliteit van het taalonderwijs zo afneemt. Dan moet je zo’n rapport vooral een Engelse titel meegeven. Bovendien is “Ik heb een droom” nou niet zo’n sterke tekst voor dit onderwerp. Vertaling in een vreemde taal maskeert dat natuurlijk. Aan dromen hebben we niets. Hopelijk is de inhoud van het rapport concreter dan de titel. Misschien wordt het dan “Hier is de oplossing” .

Dominobesluiten.
Even tussendoor; Grave is nogal sterk in het nemen van besluiten die niet kunnen worden uitgevoerd zonder dat eerst weer een ander besluit is genomen. En als dat besluit ook weer een nieuw besluit nodig heeft heb je een dominobesluit. Oudere mensen zouden dit ook een Blookerbesluit kunnen noemen.

Vernieuwend vergaderen
Ook de gemeenteraad vindt zelf dat de werkwijze van het Graafse gemeentebestuur wel wat beter zou kunnen. Daarom is er een notitie met de titel “vernieuwend vergaderen” opgesteld. Die is in juni wel aan de orde geweest, maar een op zich eenvoudig te beantwoorden vraag gaf gelegenheid de zaak over de vakantie heen te tillen. In september zou dat weer opnieuw op de agenda moeten.

Rekenkamerrapport.
In april is het rapport van de rekenkamer over het Trefpunt in Velp besproken. Het college kreeg de opdracht met een actieplan te komen. De burgemeester durfde toen niet toe te zeggen dat ze binnen 3 maanden daarmee zou komen. Dat is ook niet gelukt. Maar het wordt wel tijd.

En de rest
Voorlopig genoeg werk aan de winkel. En dan heb ik het nog niet eens gehad over het AZC, de proef met e-readers, de rioleringsrechten van diverse clubs en de intergemeentelijke samenwerking. Ongetwijfeld liggen er in het stadhuis nog meer dossiers te wachten. Ook moet er nog een nieuwe burgemeester worden gezocht. Het onderwerp Communicatie heb ik veiligheidsshalve maar overgeslagen. Hopelijk doet de raad dat nou eens een keer niet.

In het kader van de behandeling van mijn bezwaar over de afsluiting van de Koninginnedijk heeft de gemeente toegezegd dat alvorens het besluit wordt uitgevoerd er nog overleg met betrokkenen komt. Eigenlijk was ik helemaal niet gerechtigd bezwaar te maken. Aangezien er geen andere bezwaren waren zou het college het besluit dus zonder meer hebben kunnen uitvoeren. Dat er nu eerst overleg komt is positief en dat is toch een mooi eind van dit verhaal.

woensdag 21 juli 2010

Besluitvormende vergaderring 20 juli 2010

Dat de wethouders niet meer aan de vergadertafel zitten en niet meer rechtstreeks deelnemen aan de debatten is een duidelijke verbetering.

Eigenlijk is het begin van de besluitvormende vergadering het leukst, nou ja het ligt er maar aan wat je leuk vindt. Natuurlijk werden de voorstellen van Keerpunt 2010 om de scheepswerf alsnog op de agenda te zetten getorpedeerd. Jacques zou eens moeten proberen precies het omgekeerde van wat hij wil voor te stellen.

Overigens heeft de raad –door het onderwerp niet aan de orde te stellen- geaccepteerd dat wordt afgezien van een haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsingsmogelijkheden en daarmee is de verplaatsing van de scheepswerf compleet van de baan met alle consequenties van dien. Gezien de voorgeschiedenis en de standpunten van raad, college mag dit rustig het meest verstrekkende besluit van deze laatste vergadering voor de vakantie worden genoemd. Het is terecht dat de wethouder pas goed voorbereid over de consequenties wil praten.

Besluitenlijst
Over de besluitenlijst heb ik het al meer gehad. Ik kijk daar niet eens meer naar. Aan de daarin opgenomen informatie heb je toch niets. Toppunt was nu wel dat er bij een voorstel stond dat het was verworpen terwijl gelukkig Nel Schuts (weer Keerpunt 2010) wist dat het was aangenomen. Niemand vroeg zich af hoe het mogelijk was dat zo’n fout het zelfs tot de raadsvergadering haalde. Ik ben nu wel benieuwd hoe de fout wordt hersteld. Dat is bij besluitenlijsten en notulen altijd en overal een vraag. Ik vond wel dat de voorzitter er wat luchtig over deed. “Gelukkig hebben we de band”. Het lijkt mij onwaarschijnlijk dat iemand die in de besluitenlijst leest dat een voorstel is afgewezen voor de zekerheid nog maar even de band afluistert. We moeten het toekomstige archiefvorsers niet moeilijker maken dan noodzakelijk.

Aanwijzing vertegenwoordigers
Verbazingwekkend vond ik dat VPGrave via een amendement moest proberen een wijziging in de vertegenwoordiging naar de Euregio aan te brengen. Van wie was het voorstel dan? Dit is nou typisch een onderwerp waarover een voorstel in vooroverleg moet worden opgesteld. Kom je er dan niet uit dan moet er in de vergadering over de kandidaten worden gestemd. Ik vraag me trouwens af of deze wijze van handelen wel correct is (natuurlijk bedoel ik dat die volgens mij fout was). Het ging immers over de keuze tussen 3 personen en daarover moet schriftelijk worden gestemd. Op het resutaat had dit alles natuurlijk geen invloed. Hier bleek wel de kracht van de coalitie.

Wijziging reglement presidium
Tot verdriet van de coalitie werd het noodzakelijk geacht de vergaderingen van het presidium niet meer openbaar te laten zijn. De aanleiding was natuurlijk dat, door welk toeval dan ook, bij een presidiumvergadering zowel de Gelderlander als de Graafsche Courant als ondergetekende kwamen opdraven en dat was even schrikken. Openbaar wil in Grave nog niet zeggen dat het de bedoeling is dat er iemand komt.

Overigens vind ik dat presidiumvergaderingen, evenals de B&W-vergaderingen niet openbaar moeten zijn. Dat wil helemaal niet zeggen dat er “in achterkamertjes” wordt gewerkt. Een voorname taak van het presidium is te beoordelen of stukken rijp zijn voor behandeling in de raad. Onrijpe stukken in de openbaarheid brengen is een bron van misinformatie.

Jammer blijf ik vinden dat de taak om een jaarprogramma voor de raad op te stellen is geschrapt. Gelukkig is het ook niet verboden. Kennelijk zijn reglementen toch niet zo belangrijk voor de wijze van werken. Niemand die dat ook vreemd vindt.

Litjens
Hoera, er is een uitspraak en zelfs het amendement van VPGrave haalde het voor tweederde. De politiek heeft gesproken. Maar het echte werk komt bij het bestemmingsplan buitengebied. Trots op Nederland gaf terecht als aanbeveling het voorstel aan te nemen zodat er bij de behandeling van het bestemmingsplan over besloten kon worden. Dat riep bij mij de vraag op of dat anders zou zijn als het voorstel zou worden verworpen. Mijn conclusie was: nee. Er is nu wel een lijn uitgezet en dat maakt het werk straks wat makkelijker, hoop ik.

Bijl/Hofplein
Bij de gemeente heet “Hart van Grave” weer Bijl/Hofplein. Het zou de duidelijkheid wel ten goede komen als alle partijen dezelfde naam voor dit project hanteren.

Hetzelfde geldt voor cijfers. Nu moest er over worden gediscussieerd. De oplossing is natuurlijk dat er in het “Hart van Grave” 2 appartementen minder komen en in “Bijl/Hofplein” 5. Het eindresultaat is 45 appartementen in beide projecten.

De overige vragen die er nog zijn krijgen hopelijk in de vakantieperiode een goed antwoord. Het is wel fijn dat deze wethouder zich niet laat verleiden tot discussies zonder over de juiste informatie te beschikken.

Evenementen op Wisseveld
Toen bleek dat wat de VPGrave wilde al lang kon, hetgeen niet wil zeggen dat het ook gebeurt, was er natuurlijk geen aanleiding het initiatiefvoorstel te handhaven. Dat werd dan ook ingetrokken.
En zo eindigde de vergadering op tijd voor de vakantie en kan Ben Peters aan zijn nieuwe functie als opa beginnen.

zaterdag 17 juli 2010

Duidelijkheid over Bijl/Hofplein ?

Er is weer discussie over de overeenkomst die de gemeente heeft afgesloten met vd.Horst over de ontwikkeling van Bijl/Hofplein. Dit project heet tegenwoordig “Hart van Grave”. De nieuwe wethouder heeft geconstateerd dat de gemeente flink wat risico loopt en dat het wel eens veel geld zou gaan kosten. Reden voor Keerpunt 2010 te proberen dit onderwerp in de besluitvormende raadsvergadering van dinsdag a.s. aan de orde te stellen. Dat gebeurt op basis van vragen over de verplaatsing van de markt naar de Lunette. Die verplaatsing is via de “straatradio” naar buiten gekomen. Dat betekent dat het net zo goed niet meer dan een idee kan zijn als een genomen besluit. Wat er met de markt gebeurt is op zich wel een belangrijk punt, maar in het geheel van het project een detail.

Dat de gemeente met Bijl/Hofplein flinke financiële risico’s loopt is geen nieuws. Ik wees daar ook al op in mijn reactie op de afgelopen voorbereidende vergadering. Ook is er al herhaaldelijk –en niet alleen door mij- op gewezen dat de gemeente bij de ontwikkeling van het plan niet bepaald slim is geweest.

Het is daarom goed bij de beoordeling van de huidige situatie en het bepalen van een standpunt daarin de voorgeschiedenis in het oog te houden.

Het begon al in 2002 toen de pas aangetreden raad het besluit nam het stadhuis te verplaatsen naar het Zuidoosterterrein, met als gevolgd dat de locatie van het bestaande moest worden herontwikkeld. Het vorige college –waar ik zelf deel van uitmaakte- had dit al afgeraden, maar dat was gezien de voorgeschiedenis te verwachten (maar daarom nog niet onjuist). Opmerkelijker was dat ook het nieuwe college, dat was gebaseerd op een coalitie die verplaatsen van het stadhuis hoog in het vaandel had staan, die verplaatsing afraadde. Bij nader inzien zag ook dat college dat een financieel verantwoorde herontwikkeling zacht gezegd uitermate twijfelachtig was. Dat dit project de gemeente dik geld zou gaan kosten stond dus vanaf het begin vast. Op zich niet zo erg als er voldoende voordelen tegenover staan en er alles aan wordt gedaan de risico’s te beperken.
Vanaf het begin zijn de risico’s niet onderkend en is het project slecht aangestuurd. Natuurlijk een eerste verantwoording van de colleges, maar de raad heeft het wel laten gebeuren ofschoon er genoeg waarschuwende geluiden zijn geweest.

De aandacht werd vooral gericht op de architectonische aspecten. Zaken als verkeer, parkeren, bestemmingsplanwijziging en ja ook consequenties voor de markt, kermis en andere evenementen kwamen niet of nauwelijks in aan de orde. We herinneren ons allemaal nog de discussie over de architectkeuze, waarin uiteindelijk de raad weer tegen het advies van het college in een keuze heeft gemaakt. Ik geloof nog steeds dat de voorkeur van het college (en de toenmalige ontwikkelaar op de achtergrond) voor een belangrijk deel was gebaseerd op financiële argumenten.

Vervolgens duurde het tot december 2006 alvorens een plan werd gepresenteerd dat volgens het college rijp was om de planologische procedure te starten. Er konden zienswijzen worden ingediend en dat is dan ook gebeurd, ook door mij. Ik heb een aantal zaken aangesneden met als conclusie dat het plan niet rijp was voor een kansrijke procedure. Het werd daarna stil. Af en toe kwam er iets naar buiten, vooral over problemen met de parkeergarage en dan vooral met de financiële aspecten daarvan.

Pas in mei 2008 vroeg de toenmalige wethouder mij wat er moest gebeuren om er voor te zorgen dat ik niet meer lastig zou doen. (Hij zei dat natuurlijk wat anders.) Ik antwoordde: reageer maar eens op de zienswijze. Dat gebeurde dan ook in juni 2008. Ik kreeg toen een reactie met als conclusie dat de procedure niet zou worden gestart alvorens een aantal problemen was opgelost. Het werd weer stil totdat in het voorjaar 2009 de samenwerking van gemeente met Mooiland bij dit project ontplofte. Gelukkig stond v.d. Horst samen met de HEMA al klaar om het project over te nemen. Daarvoor werd in de zomer van 2009 razendsnel door de raad besloten het terrein aan deze combinatie te verkopen voor een bedrag van 1.5 miljoen. Tegelijkertijd werd een verlies van 1.9 miljoen alvast voor gemeenterekening genomen. In de koopovereenkomst kon niet alles worden geregeld. Wel nam de gemeente het op zich tijdig, en ik schrijf met nadruk tijdig, voor een bestemmingsplan te zorgen. De ontwikkeling van het gebied zou volledig voor rekening van de ontwikkelaar komen. Die heeft dat dan ook aangepakt en wel op een communicatief andere wijze dan daarvoor.

Naast de koopovereenkomst was er ook nog een lijst met aandachtspunten van de raad. Die lijst is nog steeds vertrouwelijk. Ik weet dus niet welke extra verplichtingen er bij de ontwikkelaar berusten. Logisch zou zijn als die zich beperken tot het gebied dat door de gemeente is verkocht. Dat betekent dat zaken als verkeer, parkeren en markt tot de verantwoording van de gemeente behoren. De verordening op het mobiliteitsfonds zou nog verplichtingen voor de ontwikkelaar met zich mee kunnen brengen. Die verordening is echter zo lek als een vergiet. In augustus 2009 heb ik daar een beschouwing gewijd. De raad heeft in november 2009 besloten dat die verordening moet worden herzien, maar daar is nog niets van gekomen.

Begin dit jaar moest worden geconstateerd dat de gemeente niet kan voldoen aan zijn verplichting tijdig voor een nieuw bestemmingsplan te zorgen. Dat betekent dat een zogenaamde projectprocedure moet worden gevolgd. Normaliter zijn de kosten daarvan voor rekening van de ontwikkelaar, maar in dit geval komt de gemeente zijn verplichting niet na en dan is het logisch dat de consequenties, zoals de kosten daarvan, ook voor de gemeente zijn. Vervolgens blijft de verplichting van de gemeente voor een nieuw bestemmingsplan te zorgen overeind met als extra risico dat de bouwleges in gevaar komen als dat bestemmingsplan er niet op tijd is. En dat gaat over tonnen.

Ook aanverwante zaken als parkeren, verkeersafwikkeling, eventuele herinrichting van openbare ruimte die niet direct tot het project hoort moeten nog door de gemeente worden aangepakt. Ik zie niet in waarom die kosten voor rekening van de ontwikkelaar zouden moeten komen, tenzij ze in de vertrouwelijke aandachtspunten zijn opgenomen.

Wat daarin over de markt is opgenomen weet ik daarom ook niet. Wel is bekend dat iedereen wil dat de markt ook tijdens de bouw op de huidige plaats blijft. Ook heeft de ontwikkelaar altijd gezegd daaraan volledig te willen meewerken. Als ik bouwondernemer was zou ik nog wel een paar keer achter mijn oren krabben alvorens die medewerking toe te zeggen. Zowel van de Horst als de HEMA hebben al meer laten blijken dat zij er graag aan meewerken de binnenstad niet al te zeer te laten lijden onder het bouwgeweld. Wat de ontwikkelaar betreft blijft de markt dus waar hij nu is. Aan de andere kant is het begrijpelijk dat de marktkooplieden in die tijd liever naar de Lunette gaan (en misschien zelfs wel permanent). Dat kan echter geen reden zijn de kosten van marktverplaatsing voor rekening van de ontwikkelaar te laten komen. Tenzij dat natuurlijk eerder was overeengekomen.

En als we dan toch bezig zijn. Het carillon hangt ook nog steeds in de lucht, figuurlijk dan natuurlijk. Volgens een lijstje van juni 2009 moet het carillon behouden blijven, maar zou dat met de toren niet perse het geval hoeven te zijn. Inmiddels is wel duidelijk dat ook de toren blijft. Dan moet wel duidelijk worden wie daar eigenaar van wordt of blijft en wie opdraait voor de kosten van aanpassen.
Waar alle partijen belang bij hebben is dat ieder zijn taak voortvarend aanpakt. Het kan daarom niet zo zijn dat de gemeente procedures ophoudt omdat er zaken waarvan de verantwoordelijkheid ook bij de gemeente ligt nog niet goed zijn geregeld.

Dat de gemeente bittere pillen zal moeten slikken staat voor mij al lang vast. De juichkreten uit het college bij de overname van het project dat er in plaats van verlies nu winst zou worden geboekt, waarbij een bedrag van 3 miljoen in de krant kwam, heb ik altijd ongeloofwaardig gevonden.

Tot slot: een goede zaak dat de wethouder weer een kast opentrekt om te kijken of er een lijk in zit. Er zijn nog wel een paar kasten.

woensdag 14 juli 2010

voorbereidende vergadering 13 juli 2010, nabeschouwing

Twee niet geagendeerde zaken waren voor mij het meest opmerkelijk.

Allereerst natuurlijk de aankondiging van de burgemeester dat zij Grave gaat verlaten. Verrassend, maar niet verbazingwekkend. Deze stap past volledig in haar carrière. 4 Jaar is voor ons kort, maar als ik mij goed herinner is het burgemeesterschap van Grave de functie die zij in haar loopbaan het langst heeft uitgeoefend. Voor haar is deze benoeming een succes en dus een felicitatie waard.

Grave moet nu op zoek naar een nieuwe burgemeester. Ik ben benieuwd hoe dat zal gaan. Doet de hele raad daar aan mee of regelt de coalitie het weer net als bij de wethouderskeuze. Ik heb veel kritiek gehad op de wijze waarop dat is gebeurd, maar de indruk tot nu toe is wel dat het resultaat van die verkeerde procedure veelbelovend is.

Vervolgens circuleerde er een Raadsleden-Nieuwsbrief waarin werd meegedeeld dat er geen haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing van de scheepswerf zou worden gedaan. Dat ontlokte bij mij een zacht “Hoera”. Eindelijk is besloten een bij voorbaat doodlopende weg te verlaten. Al te lang werd de raad en alle betrokkenen de worst voorgehouden dat verplaatsen van de scheepswerf, en dan bij voorkeur naar het Wisseveld, een haalbare en afdoende oplossing van de problemen zou zijn. Al gauw was duidelijk dat niemand geld beschikbaar had voor deze operatie en daarmee is verplaatsen uitgesloten en het resultaat van het haalbaarheidsonderzoek bekend: onhaalbaar. De Zwarte Piet van het stoppen met het steeds maar niet beginnen met het onderzoek wordt wel erg nadrukkelijk bij de scheepswerf gelegd. Van een ondernemer mag je toch verwachten dat hij geen geld uitgeeft aan zaken die geen rendement opleveren. Zeker raadslid Bos moet het aanspreken dat de directeur van de scheepswerf de gemeente behoedt voor nutteloos geld uitgeven aan een onderzoek. Ook al terzijde van de vergadering ontlokte het bericht dat de gemeente een onderzoek laat doen naar de toestand van een tweetal panden in de Hamstraat opmerkingen in deze zin.

Met de scheepswerf zijn we hiermee wel weer terug bij af. Nu bekend is wat er niet gaat gebeuren moet er snel duidelijkheid komen over hoe de problemen wel worden aangepakt. Ook zullen de plannen voor het Maasfront moeten worden aangepast.

En dan nu nog wat over de punten die wel op de agenda stonden.

“Vernieuwend vergaderen”.
Zoals ik al vreesde werd er inhoudelijk niet veel over gezegd. VPGrave maakte een opmerking over de inderdaad lange duur tussen voorbereidend bespreken en besluiten. Dat werd direct aanleiding om de zaak maar over de vakantie heen te tillen. De gebruikelijke vraag of dit niet voor de besluitvormende vergadering van 20 juli zou kunnen worden opgelost werd niet gesteld. Ik heb nog ergens een schema liggen, waarbij dit bezwaar zich niet voordoet, maar ongetwijfeld kleven daar weer andere bezwaren aan. Maar daarom zou een brede discussie waarin alternatieven naast elkaar worden besproken en afgewogen zinvol zijn. In ieder geval beter dan achtereenvolgens alle mogelijkheden af te schieten vanwege een of ander nadeel. Aan het eind houd je dan niets over. In mijn voorbeschouwing wees ik er ook nog op dat het om meer dan een vergaderschema moet gaan. Alhoewel Keerpunt 2010 bij het begin van de discussie nog vroeg of het voorstel tot wijziging van het reglement voor het presidium bij het onderwerp mocht worden betrokken, hetgeen mocht, werd hier verder geen woord over vuil gemaakt. Wordt dus vervolgd.

Het archeologisch beleid.
De discussie hierover was zeer beperkt. VPGrave vroeg alleen om een onderscheid tussen amateurarcheologen en goudzoekers. De VVD bij monde van Hans Bos vroeg zich af of er wel tijd aan moest worden besteed. Na wat gesteggel constateerde voorzitter Vollenberg dat het stuk rijp was voor de besluitvormende vergadering. Mijn vragen over de communicatie zijn dus niet beantwoord en zullen ook in de besluitvormende vergadering wel niet aan de orde komen, maar wellicht dat degenen die de startnotitie gaan uitwerken zelf tot de conclusie komen dat dit onderwerp meer aandacht verdient. Ik heb daar goede hoop op.

De kwestie Litjens.
Dit werd een volledige herhaling van de vorige bespreking. Iedereen was het er toen en nu wel mee eens dat er een oplossing moet komen en dat die in het bestemmingsplan Buitengebied moet worden vastgelegd. De ideeën hierover van Litjens zijn bekend. Het is nu een zaak van goed formuleren wat de gemeente toelaatbaar acht. Wat er volgende week dan ook wordt besloten, al of niet via een amendement , bij de behandeling van het bestemmingsplan Buitengebied begint de discussie opnieuw. Na een partijtje langs elkaar heen praten constateerde de voorzitter dat ook dit stuk rijp was voor besluitvorming.

Hart van Grave
Met het eigenlijke voorstel: verruiming van het winkeloppervlak met opoffering van enkele woningen kon de hele raad wel instemmen. Wel werd duidelijk dat er nog enkele hobbels zitten in de overeenkomst, maar dat was eigenlijk al lang bekend.

Initiatiefvoorstel over Wisseveld
VpGrave kwam met het idee het Wisseveld, zolang er geen definitieve bestemming is, beschikbaar te stellen voor evenementen. Een goed idee, maar of daar nou een raadsbesluit voor nodig is? Merkwaardig blijf ik vinden dat initiatiefvoorstellen rechtstreeks naar de besluitvormende vergadering dienen te gaan. Je zou toch verwachten dat ook die behoorlijk worden voorbereid, zodat eventuele raakvlakken met andere zaken en de consequenties zowel juridisch als financieel bekend zijn. Ook de fracties kunnen het ambtelijk apparaat toch bij de voorbereiding van een voorstel betrekken?

Overpeinzingen.
Tijdens en na de vergadering heb ik me afgevraagd of er voor Litjens en het archeologiebeleid in dit stadium wel een raadsbesluit nodig was. De raad bemoeit zich toch alleen met hoofdlijnen? De hoofdlijnen voor Litjens zitten in het bestemmingsplan Buitengebied. Dat bij de voorbereiding daarvan het college ook de bestuurlijke Litjenssoap betrekt is logisch en dat de raad er via een nieuwsbrief van op de hoogte wordt gesteld dat men in samenspraak met Litjens in dat bestemmingsplan een hanteerbare bepalingen zal voorstellen is communicatief verstandig. Maar waarom alvast een principe-uitspraak vragen voor uiteindelijk een detail in het bestemmingsplan?

Op zich was de vraag van Bos of gezien de andere drukke bezigheden het wel verstandig is een archeologiebeleid te formuleren terecht. Maar die afweging hoort thuis bij de behandeling van de kadernota, de begroting of het eventuele jaarprogramma voor de raad. De raad informeren over startnotitie en wat daarmee samenhangt is prima, maar besluiten doet de raad over het uiteindelijke beleid en dat moet nog woreden voorbereid.

Zeker Litjens is een politiek gevoelige zaak en dan kun je ook overwegen dat het beter is een keer teveel naar de raad te gaan dan een keer te weinig. Maar de scheepswerf ligt evenzeer gevoelig en het haalbaarheidsonderzoek werd, althans door een deel van de raad als weg naar de hemel gezien, en kwam zelfs voor in een coalitieprogramma. Dat werd wel via een nieuwsbrief afgevoerd.

De vraag hierbij is natuurlijk wat de definitie is van besturen op hoofdlijnen

maandag 12 juli 2010

Hoe zit het met het beeldkwaliteitplan?

Rond de jaarwisseling was het beeldkwaliteitplan aan de orde. Er was een voorgenomen besluit waarop zienswijzen konden worden ingediend. Dat is dan ook gebeurd en daarbij werd de zaak aardig overhoop gehaald, waaronder de communicatie over deze zaak. Er volgde een bespreking met de indieners van zienswijzen en daarin werd toch wel op zijn minst de suggestie gedaan dat er een herbezinning zou komen.

Sindsdien heb ik niets meer gemerkt van voortgang in de procedure. En toch is een beeldkwaliteitplan belangrijk.

Vandaar de kop boven dit artikeltje.

Voorbereidende vergadering 13 juli 2010

Archeologisch beleid
Op de agenda voor de komende voorbereidende vergadering van 13 juli en de besluitvormende vergadering van 20 juli (dus geen fatsoenlijke tijd voor aanpassingen) staat ook het voorstel een archeologisch beleid voor de gemeente Grave. Zoals wel meer gebeurt ademt het voorstel vooral een sfeer van: voldoen aan een wettelijke bepaling. Ogenschijnlijk dus een voorstel van weinig betekenis voor de burgers van onze gemeente. Dat blijkt ook uit de communicatieparagraaf:

“De gebruikelijke inspraakprocedure zal worden gevolgd. Daarnaast zal er aandacht zijn voor de inbreng van de plaatselijke historische vereniging en amateurarcheologen. De commissie RKZ zal advies over het concept uitbrengen”


Opdat deze bepaling niet in de rest van mijn tekst wordt ondergesneeuwd heb ik hem wat extra ruimte gegeven! U begrijpt dat ik het wel erg mager vind.

De eerste vraag is natuurlijk wat de gebruikelijke inspraakprocedure is. In het verhaal over “vernieuwend vergaderen” heb ik het gezegde “inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht” al aangehaald. Communicatie begint met informatie verstrekken. Dat de historische vereniging en de amateurarcheologen erbij worden betrokken is prima. Zijn er ook kwaliteitseisen voor erkende amateurarcheologen? Hoe worden ze erbij betrokken? Komt er een klankbordgroep? Het nog te ontwikkelen beleid is van betekenis voor meer dan voornoemde categorieën. Degenen die bouwplannen willen ontwikkelen en uitvoeren zullen ermee te maken krijgen en dan is het toch wel prettig als men daar ruim van te voren van op de hoogte is.

Conclusie: de communicatieparagraaf zal meer aandacht moeten krijgen en dat zal moeten leiden tot een communicatietraject.

Ingekomen stukken

Zoals gebruikelijk is er ook nu weer een uitgebreide lijst met een opgave van brieven die aan de raad zijn gericht. Er zijn brieven bij, zoals circulaires en veel stukken van de VNG, waarop de afzender geen antwoord verwacht. Op brieven van burgers en verenigingen dient wel te worden gereageerd en wel door de raad, eenvoudig omdat de brief, terecht of onterecht, aan de raad is gericht. Nu viel me bij het afluisteren van de laatste vergaderingen op dat bij dit onderwerp herhaaldelijk werd gevraagd of de betreffende brief al was beantwoord. En dat kan eigenlijk niet. Nu stelt iedereen natuurlijk ook prijs op een snelle beantwoording en dan is het efficiënt de raad er niet bij te betrekken als dat niet strikt nodig is. Daar moet dus iets op worden gevonden. Een mooi punt om te betrekken bij “vernieuwend vergaderen”. (een andere naam in de geest van optimale werkwijze zou niet slecht zijn). Een suggestie: laat een lid van het presidium met de griffier wekelijks de aan de raad gerichte brieven doornemen en sorteren op: “voor kennisgeving aannemen”; “ter afdoening naar B&W” en “raad krijgt concept antwoord”. Op de lijst die aan de raad wordt voorgelegd wordt deze sortering vermeld. Natuurlijk hoort er ook een volgsysteem bij.

Het heeft mij overigens op een idee gebracht. Nu schrijf ik mijn weblogs in de hoop dat de raadsleden er iets mee doen en soms merk er iets van. Ik zou natuurlijk iedere tekst kunnen afsluiten met “Gaarne verneem ik uw reactie op het bovenstaande” en als formele brief aan de raad richten. Daar moet ik toch nog eens over nadenken!

zaterdag 10 juli 2010

Is vernieuwend vergaderen ook beter vergaderen?

Woord vooraf
Met veel belangstelling en ook hoop heb ik uitgekeken naar een voorstel om de werkwijze van de raad te verbeteren. Hoop omdat verbetering mee zou brengen dat ik kan stoppen met deze weblog en mijn inbreng zou kunnen leveren op de juiste manier manier: via de politieke partijen. Vol enthousiasme ben ik dan ook begonnen met het lezen van de stukken: de notitie “Vernieuwend Vergaderen in Grave” en het nieuwe reglement voor het presidium naast het oude. Mijn hoop is nog niet weg, want de discussie moet nog worden gevoerd en waar leven is, is nog hoop. Mijn voornaamste probleem met de notitie is dat ze niet af is. Er zijn teveel open einden en niet voldoende uitgewerkte ideeën om verantwoord op 1 september op deze wijze aan het werk te gaan. Echt onzinnige dingen staan er ook niet in de notitie. Als start voor een verbetertraject is het heus wel een bruikbaar verhaal. Laat ik maar een aantal punten aansnijden.

Welk systeem je ook hanteert, met of zonder commissies, het succes staat of valt met de wijze waarop je ermee omgaat. Dat het huidige systeem met voorbereidende en besluitvormende vergaderingen niet goed werkt vindt zijn oorzaak niet eens zozeer in het systeem zelf als wel in o.a. de volgende punten.

  • Stukken komen te laat en zijn onvolledig;
  • Veel vragen en opmerkingen kunnen in de voorbereidende vergadering niet voldoende worden beantwoord;
  • De dossierkennis van wethouders en aanwezige ambtenaren is onvoldoende om tijdens de voorbereidende vergadering alle gevraagde informatie te verstrekken. Dat betekent dat veel informatie later en somns zelfs in de besluitvormende vergadering moet worden verstrekt.
  • Het vergaderschema biedt voor de fracties weinig ruimte voor overleg met de achterban;.
  • De agenda voor de vergadering is vaak zo vol dat discussies niet zijn afgerond binnen de vastgestelde tijd. Dat betekent uitstel of onvoldragen besluiten.
  • Enzovoorts.

Er is natuurlijk een samenhang tussen de diverse punten. Als een onderwerp met onvoldoende informatie in bespreking komt, kost de behandeling in de raad meer tijd en kunnen minder onderwerpen in de beschikbare tijd worden afgewerkt.
Het is wat erg cru gesteld en er worden wel goede besluiten op tijd genomen, maar toch kan worden gesteld dat het eindtijdstip van de vergadering om 22:30 uur het enige onderdeel van de vergaderwijze van de raad is waarover niemand iets te klagen heeft.


Alhoewel niet bij het werk van de commissie evaluatie “Anders Vergaderen” 2010 betrokken hoort de vastlegging van de werkzaamheden van de raad naar mijn mening volledig bij het systeem.
De geluidsopname van de vergadering is behoorlijk snel voor iedereen toegankelijk en heel goed benaderbaar. Wat mij betreft is er dan ook geen enkele behoefte daar nog iets van schriftelijk vast te leggen. Het enige van belang is de juiste tekst van een besluit. Die tekst hoort in de besluitenlijst thuis. Dat geldt ook voor amendementen en moties. Een besluit genomen met algemene stemmen is net zoveel waard als een besluit met de kleinst mogelijke meerderheid. De stemmenverhouding is dan ook minder belangrijk dan de tekst van de besluiten zelf.
Een vraagstuk apart is hoe moet worden omgegaan met gewijzigde raadsbesluiten. Zo is meegedeeld dat de raad binnenkort een onderdeel van de besluiten over het Hart van Grave moet wijzigen. Er zijn daarvoor diverse aanpakken denkbaar.Moraal: de wijze waarop besluiten worden vastgelegd dient ook onderwerp van bespreking zijn.


Alle fracties geven herhaaldelijk te kennen dat zij betrokkenheid van de burgers bij het raadswerk belangrijk vinden. In de notitie wordt dit onderwerp wel een aantal malen genoemd, maar niet echt uitgewerkt. Aan dit onderwerp zou best een afzonderlijke bespreking mogen worden gewijd. En dan niet beperkt tot betrokkenheid bij raadsvergaderingen. Een voorzetje geef ik verderop.

Opmerkingen over de notitie.
Allereerst viel mij op dat er kennelijk grote overeenstemming heerst in de commissie. Er wordt na een beschouwing van de huidige situatie in één keer een nieuw systeem gepresenteerd. Ik ben benieuwd welke gedachten hier achter zitten.
Al bestuurlijke generaties lang wordt gevraagd aan de raad alternatieven voor te leggen, zodat een afweging en een keuze kan worden gemaakt. In deze notitie is daarvan geen sprake. Strikt genomen zou op basis van de eenstemmigheid in de commissie en geen enkel blijk van verschil van mening over de inhoud en het voorstel door het presidium kunnen worden geconcludeerd dat er geen discussie over nodig is en de zaak dus als A-stuk kan worden beschouwd. Hopelijk denkt men daar toch anders over.Op 1 september hiermee beginnen en dan denken dat de vergaderwijze in Grave daarmee is verbeterd is een illusie.

Dat brengt mij op een detail. De vorige notitie droeg de naam “Anders Vergaderen”, deze heet “Vernieuwend Vergaderen” wat dat ook moge betekenen. Ik mag toch hopen dat het doel is dat de raad op een efficiënte en effectieve wijze, passend in de huidige opvattingen over democratie, besluiten neemt.

Waarom in 2005 “Anders vergaderen” ?
Een probleem van de commissievergaderingen was dat er totaal geen belangstelling voor was in de media. Slimme opmerkingen in de commissie moesten wel in de raadsvergadering worden herhaald om aan de vergetelheid te worden onttrokken. En daarmee was inderdaad het hek van de dam.
Commissievergadering waren in de regel helemaal niet lang en saai. Het grote voordeel van dit systeem was dat belanghebbende burgers en verenigingen aan tafel zaten en konden meepraten. De sfeer was duidelijk ook gemoedelijker en dat kwam de discussie wel ten goede. Misschien een voordeel van het ontbreken van de media.


Er waren inderdaad per cyclus drie vergaderingen en in het huidige systeem maar één. Ik geloof niet dat het oude systeem ook alles bij elkaar drie keer zoveel vergadertijd heeft gekost. Inhoudelijk is de voorbereidende vergadering nooit meer geweest dan drie commissievergadering tegelijkertijd. Hetgeen ten koste is gegaan van de burgerparticipatie.


Overigens is het niet het dualisme dat het mogelijk maakte commissie af te schaffen. Commissies als deze waren nooit verplicht. Ze werden in het monistisch systeem alleen gezien als een goede wijze om raadsvergaderingen voor te bereiden. In het dualistisch systeem zou de raad veel meer op hoofdlijnen moeten besturen en daardoor minder op details in hoeven te gaan en dat zou de bespreking in commissie overbodig maken. Voorwaarde was natuurlijk wel dat de raad voldoende aandacht besteed aan het vastleggen van de hoofdlijnen en het controleren van het college. Maar kadernota’s, begrotingen, buraps en jaarrekeningen worden nog steeds door de raad gejaagd op een wijze die het voor de burgers totaal onmogelijk maakt het raadswerk te volgen. En dat was nou net het hoofddoel van de invoering van het dualisme.


Evaluatie in 2006
Dat het systeem al na één rondje werd geëvalueerd, en daarna niet meer, getuigt wel van een groot optimisme. Mensen in een ander systeem laten werken vraagt nu eenmaal veel tijd en sturing.

Vragen vooraf (van de commissie)
Deze paragraaf zou moeten dienen als opstap naar het ontwikkelen van de verbeterde werkwijze. Alhoewel wat er in staat allemaal volkomen juist is vind ik het toch wat mager en zeker het vierde punt: “welke doelen streven we na met een gewijzigde aanpak”

Dat “gast aan tafel” is mislukt was te voorspellen. Als je daadwerkelijk inbreng wilde hebben moest je allereerst door een fractie worden uitgenodigd. In het algemeen hebben die meer behoefte aan ondersteuning en minder aan het ruimte geven aan een mogelijk afwijkende visie. Natuurlijk kon je vragen om te worden uitgenodigd, maar dan moest je om daadwerkelijk iets te bereiken wel de goede partij kiezen. Het alternatieve systeem van spreekrecht in de vergadering werkt ook niet. De spreektijd is beperkt tot 5 minuten en dat is te weinig om ook maar één raadslid op andere gedachten te brengen en van meepraten is geen sprake. In de praktijk is mij van daadwerkelijke invloed op de besluitvorming dan ook niets gebleken. Het spreekrecht is in mijn ogen alleen geschikt als gelegenheid nog een laatste symbolisch beroep te doen op de raad.


Het (ver)nieuwe(nde) systeem.
Ik vraag me af wat er eigenlijk nieuw is aan dit systeem. Ik zie het niet anders dan het strikter toepassen van het systeem zoals in 2005 ingevoerd, hetgeen op zich al een aanzienlijke verbetering zou zijn. Maar daarvoor zijn wel andere dingen nodig, zoals ik in het woord vooraf heb beschreven.


Conclusie
Dat het onderwerp aan de orde komt is een heel goede zaak. Voor een verandering zal echter meer discussie en meer tijd nodig zijn. Dit is een startnotitie. Een projectmatige aanpak kan daarbij helpen. Intussen is er best een aantal verbeterpunten aan te geven. Ik kan er wel enkele noemen, maar wacht toch liever eerst af wat de raad zelf a.s. dinsdag hierover zegt. Op 2 punten wil ik nu nog wel even ingaan.


Het presidium
In dit kader wordt ook het reglement voor het presidium aangepast. Verbazingwekkend is dat dit punt wel op de agenda staat van de besluitvormende vergadering, maar niet op die van de voorbereidende. Het presidium is juist belangrijk vooral om te waken voor een correcte en gedisciplineerde toepassing van de regeling werkwijze raad. Uiteindelijk is de vastlegging in een reglement een uitvloeisel van de discussie hierover. Het raadsvoorstel geeft geen enkele motivering van de wijzigingen

Eigenlijk zijn er maar 2 wijzigingen.

Allereerst worden de presidiumvergaderingen niet meer openbaar maar besloten, hetgeen zij in de praktijk ook meestal waren. Ik heb daar geen enkel probleem mee. Ook in een toneelstuk blijft de regisseur buiten beeld. De taak van het presidium is de werkzaamheden van de raad te regelen. Bij de werkzaamheden wil ik wel worden betrokken, maar bij het regelen niet.

Veel minder (eigenlijk geen) aandacht heeft getrokken dat Artikel 3 uit het reglement is verdwenen. De letterlijke tekst van dit artikel is:
“Het presidium stelt jaarlijks een jaarschema voor raads- en commissievergaderingen en andere activiteiten voor de raad en de commissies op en legt dit ter besluitvorming voor aan de raad.”

En dat vind ik nou juist een mogelijkheid meer orde te scheppen. Een jaarprogramma of bedrijfsplan is voor iedere organisatie een goed basis om te werken. Natuurlijk zullen zaken anders lopen, maar bijsturen is altijd beter dan van begin af aan te zwalken.

Wat gelukkig wel is gebleven is dat het presidium de agenda’s voor de raad vaststelt. Het betekent ook dat alleen het presidium stukken kan toevoegen of afvoeren. Ook kan het presidium kwaliteitseisen stellen aan de raadstukken. Om te beginnen kan het presidium eisen dat de stukken volledig moeten zijn alvorens ze op de agenda worden geplaatst. Als dan het presidium de agenda vaststelt 14 dagen voor de voorbereidende vergadering en de stukken direct daarna worden verstuurd en op de website geplaatst hebben de fracties voldoende tijd zich met hun achterban voor te bereiden en eventuele aanvullende informatie te vragen. Dat zal de behandeling in de vergadering zelf ten goed komen. Kortom: het presidium heeft nu al de mogelijkheid direct aanzienlijke verbeteringen te bewerkstelligen.


Betrokkenheid van de burger
Hiervoor schreef ik dat dit onderwerp een afzonderlijke discussie waard is en dat ik er een voorzet zou geven.
Wij hebben een parlementaire democratie. Dat betekende in zijn oorsprong dat we eens in de vier jaar onze vertegenwoordigers kozen en dat die vertegenwoordigers dan voor ons de beslissingen namen. Wie wat meer wilde moest maar lid worden van een politieke partij. Tegenwoordig is de burger niet meer zo gedwee. Hij en zij willen ook tijdens de rit meedoen. Daar moeten ze dan ook de gelegenheid voor krijgen. Een gezegde uit de beginperiode van de inspraak is: “inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht”. Dat gezegde is nog steeds van kracht.
Het basisprincipe dat de raad de beslissingen neemt en wel zonder last en ruggespraak is nog steeds van kracht. Dat betekent dat de burgerparticipatie ophoudt wanneer het daadwerkelijke besluitvormingsproces is begonnen.

Bij het tot stand komen van besluiten worden drie fasen onderscheiden, zo constateert ook de commissie: informatiefase; meningsvormende fase en uiteindelijk het besluiten zelf. Natuurlijk zijn de grenzen niet scherp.

Het eigenlijk besluiten begint als alle informatie bekend is en de alternatieven op tafel liggen. Vanaf dat moment is de burger uitgepraat. In het algemeen is dat halverwege de meningsvormende fase.

Er zijn ook 2 “soorten” burgerparticipanten. Allereerst de mensen die gewoon uit belangstelling mee willen doen, maar er zijn ook mensen die een directer belang hebben, bijvoorbeeld omdat zij zelf bij een besluit zijn betrokken, maar ook omdat zij een belangengroep vertegenwoordigen. Deze laatste groep zou best wat langer direct mogen meepraten. De eerste groep zou zeker in de meningsvormende fase de inbreng kunnen leveren via de politieke partijen.

Ook hier is nog bespreekstof voldoende voorhanden.

donderdag 8 juli 2010

Terug van weggeweest

De caravan staat weer in de stalling. De spullen zijn opgeruimd, dus de draad kan weer opgepakt.

Het eerste dat bij terugkomst opviel was de troosteloze aanblik van het Hofplein. Dat het een kale vlakte zou zijn was te verwachten, maar dat onkruid geeft toch wel een heel troosteloze aanblik. Zoiets leidt tot smartelijke gedachten, maar dat zal de burgemeester toch niet bedoeld hebben toen zij in haar telefonische column in de Graafsche Courant opmerkte dat Grave geen decor nodig heeft om de juiste achtergrond te krijgen voor het smartlappenfestival. Bij de behandeling van het bestuursakkoord gaf de woordvoerder van de coalitie nog aan dat Grave het vooral moet hebben van toerisme en recreatie. Grave wil dus gastvrij zijn. Het eerste wat je doet als je gasten ontvangt is zorgen dat je huis er een beetje netjes uitziet. Zo’n kostbaar karwei is dat toch niet. Hopelijk is het ruim voor de intocht van de vierdaagse opgeknapt.

Tijdens het opruimen van weet ik allemaal wat heb ik de opnames van de voorbereidende en besluitvormende vergadering afgespeeld. Ik heb dus maar met een half oor geluisterd. Daarom wat zaken waarbij mijn onderbewustzijn aan de bel trok.

Het bestuursakkoord.
Ik blijf de wijze waarop ook deze raad werkt merkwaardig vinden. De coalitie had een concept opgesteld en aan de anderen gevraagd daar commentaar en aanvullingen op te geven. Dat hebben ze netjes gedaan en dus zou je denken dat concept en opmerkingen samen tijdens de voorbereidende vergadering zouden worden besproken. Vergeet het maar! Het commentaar bleef buiten behandeling. Toen Jacques Leurs het dan in de vergadering nogmaals probeerde werd hem dat niet in dank afgenomen.
Voor de besluitvormende vergadering was een nieuw concept, waarin de gemaakte opmerkingen waren verwerkt, kennelijk zonder dat het veel invloed had.

Alles bij elkaar vind ik het eindresultaat eigenlijk wel goed. Het is een vaag verhaal waar niemand iets op tegen kan hebben. Bij paars plus zijn ze ook zo iets van plan omdat er te grote verschillen zijn tussen de coalitiepartijen. Het moet dan maar in de kamer worden uitgevochten. In Grave is het omdat het verschil tussen oppositie en coalitie te klein is om een dichtgetimmerd coalitieprogramma op te stellen.

AZC
Bij het eerste het beste inhoudelijk stuk bleek al dat de meningen zowel in “coalitie” als in “oppositie” verdeeld waren. Het eindresultaat betekent hoe je het wendt of keert dat de raad tegen een nieuw contract “Ja mits” heeft gezegd. De mitsen zoals door het CDA opgesteld hebben vooral betrekking op de ruimtelijke aspecten. Je mag toch aannemen dat tijden de planontwikkeling het college zelf daar wel op zou hebben gelet. Het COA zal ook wel zo verstandig zijn tijdens de planontwikkeling regelmatig contact te hebben met de gemeente. Liever had ik gezien dat er wat meer over het beleid in het AZC in de mitsen had gestaan. Al eerder heb ik gewezen op het belang van een goede dagbesteding en het voorkomen dat er bewoners op straat worden gezet. In de discussie kwam dit “klinkeren” wel even aan de orde, maar daar bleef het bij.

Er waren 2 insprekers die van de burgemeester te horen kregen dat de raad hun opmerkingen “wellicht zou betrekken” in de discussie. Ik heb daar niet echt veel van gemerkt. Communicatie daarover is belangrijk en zoals door het CDA terecht werd opgemerkt op de eerste plaats een verantwoordelijkheid van de gemeente en dus niet van het COA.

Financiële stukken
De toelichting heb ik volledig gemis en dat het belang volgens mij deze keer ook niet zo groot was had ik al eerder opgemerkt. Dat blijkt ook wel uit het besluit over de kadernota. Die werd niet vastgesteld, maar voor kennisgeving aangenomen. Daarom geen inhoudelijke opmerkingen

Opvallend vond ik de inbreng van raadslid Bos. Hij was toch tot 1 juni wethouder en dus verantwoordelijk voor deze stukken. Van hem zou je dus geen vragen, maar antwoorden kunnen verwachten. Het meest verbaasde mij dat geen raadslid en geen collegelid inging op zijn opmerking in zowel de voorbereidende als de besluitvormende vergadering dat het probleem bij het opstellen van deze stukken was dat “het zo moeilijk is informatie uit de organisatie te krijgen”. Hier sprak geen raadslid maar een ex-wethouder die zelf hiervoor verantwoordelijk was. Het is niet netjes in een openbare vergadering het ambtelijk apparaat te beschuldigen.

Initiatiefvoorstel jeugdhonk
Op zich is het verheugend dat het college zelf al was teruggekomen op het plan het jeugdhonk te verplaatsen van het Wisseveld naar de “Kleine Elft”. Het initiatiefvoorstel werd daardoor bijna helemaal overbodig. Bijna is niet helemaal, LPG had ook voorgesteld een beslissing te nemen over een definitieve oplossing. Ik herhaal nu nog maar eens dat voor mij het gebruik maken van een gelegenheid die voor een jaar of vijf beschikbaar is misschien wel beter is dan een permanente vaste voorziening.

Volgende week wordt het ook weer interessant als de raad gaat praten over haar werkwijze. Ik heb het stuk inmiddels gelezen en mijn commentaar ligt te rijpen.

woensdag 9 juni 2010

Wisseveld

Velen zullen met belangstelling naar deze presentatie hebben uitgekeken. Het Wisseveld is al een hele tijd in een geheimzinnig waas gehuld met lekkende en onbekend gebleven raadsleden of misschien toch anderen. Wat is er aan de hand en wat gaat er gebeuren?

De presentatie bleef beperkt tot een terugblik op de geschiedenis van het project. Mijn conclusie uit het gepresenteerde was dat er afgezien van Maaszicht/MFC in 8 jaar eigenlijk niets concreets is gebeurd en dat de gemeente met handen en voeten aan de grondbank, die je tegenwoordig Grond- en BouwBureau (GBB) moet noemen, is gebonden. En toch hebben er bureaus, ingehuurde krachten en eigen mensen aan gewerkt.

Over de voortzetting van het project werd nog niets gezegd. De pas aangetreden wethouder gaf op tactische wijze te kennen dat de aanpak wel moest worden veranderd. Onder het motto “niet als een dolle gaan hollen” moet de toekomst van het Wisseveld op een later tijdstip worden besproken.

Over de verhouding met GBB werd wel gezegd dat de ontwikkeling op 50 50 basis gebeurt, maar wat dat precies betekent is niet gebleken. Voor mij is een belangrijke vraag in hoeverre de gemeente zelfstandig beslissingen kan nemen over bestemmingen en planning. Ook de financiële positie bleef onbesproken. Wat heeft de gemeente er aan gespendeerd en welke vruchten heeft dat afgeworpen?

Natuurlijk was er weer een besloten slot aan de presentatie. Mogelijk dat daarin die onderwerpen aan de orde zijn geweest. Feiten zijn feiten en die moeten een keer openbaar worden en het heeft dan ook geen zin daar geheimzinnig over te doen. Iets anders is de wijze waarop je met de situatie omgaat. Tijdens onderhandelingen moet je je niet in de kaart laten kijken. GBB en gemeente zijn toch partners?
  • Zoals dikwijls ook hier enkele opvallende details:
    Enige tijd geleden werd voor de raad een presentatie gehouden waarbij het bedrijf DHL zijn plannen uiteen zette. Dat zag er goed uit. Op een vraag naar de strand van zaken kwam als antwoord dat het bedrijf inmiddels had afgehaakt.
  • Al enige malen is vanuit het college is aangekondigd dat het haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing van de scheepswerf binnenkort zou worden afgerond. Nu bleek dat daar gewoon nog niets aan is gedaan. Er is inmiddels contact geweest tussen nieuwe wethouder en scheepswerf. Hopelijk binnenkort nu duidelijkheid over de vraag of Wisseveld en scheepswerf iets voor elkaar kunnen betekenen. Waar ik mijn geld op zet zal wel bekend zijn, maar ik ben nooit goed in wedden geweest.
  • Er is nog een ambitieus onderdeel van het Wisseveldproject: woningbouw op het voormalige Coxterrein, dus buiten de bescherming van de dijk. Iets waar Rijkswaterstaat bijzonder huiverig voor is. Gezien de stijgende kans op overstromingen erg logisch. Maar men was wel erg star. Je mocht bij wijze van spreken nog geen paal in de uiterwaarden slaan. Een aantal jaren geleden is op aandrang van o.a. de riviergemeenten dit beleid herzien. Bij wijze van experiment werd toen een 15-tal locaties aangewezen waar bij wijze van experiment meer zou mogen dan volgens het toen vigerend beleid. Het Cox-terrein was één van de gelukkigen. Niet dat alles mocht, maar met een goed verhaal en ook ruimtewinst voor de rivier zou daar mogen wat eerst niet mocht. Dat zouden ook bouw van woningen kunnen zijn. Inmiddels heeft het nieuwe beleid gestalte gekregen en is van experimenten geen sprake. Het nieuwe beleid geeft iets meer ruimte, maar het blijft een moeizame en kostbare zaak. En dan rijst de vraag waarom zou je het doen? Grave heeft bouwlocaties zat en de markt is ook niet meer zodanig dat je er goud aan kunt verdienen of zelfs maar de extra kosten mee kunt betalen. En daarvoor moet je dan tijdrovende procedures doorlopen. En tijd kost het zeker als het sturen van een brief en het wachten op antwoord al zo lang duurt. Mijn idee: plan vergeten of voorlopig op zolder zetten en de aanwezige menskracht inzetten op eenvoudiger gedeelten van het Wisseveld.

AZC

In september 2009 is door het COA een plan voor een nieuw AZC gepresenteerd dat prima op het Wisseveld zou passen. Na die presentatie zou de raad een keer discussiëren over de principiële vraag of er met de gemeente Grave te praten viel over de voortzetting van de samenwerking bij de opvang van asielzoekers, of dat het nu wel genoeg was. Die discussie is er niet gekomen. Het kon dus een punt worden bij de gemeenteraadsverkiezingen.
Uit de diverse programma’s bleek dat niemand voelde voor het Wisseveld als vestigingsplaats. Alleen de VVD sprak zich duidelijk uit over de beginvraag. Voor die partij was het nu wel genoeg. Zonder nu direct al ja te zeggen waren de anderen toch wel bereid over voortzetting na te denken, waarbij een aantal vragen werden gesteld. Geen echte duidelijkheid dus. Die zou je dan in het bestuursakkoord verwachten. In dat document is geen letter gewijd aan dit onderwerp. Als er één onderwerp is waarover binnen de coalitie niet bij voorbaat overeenstemming bestaat, is het wel de AZC-kwestie. Dat is voer voor een compromis dat in het bestuursakkoord komt te staan. Nee dus.

En nu komt opeens het COA met een presentatie vergezeld van een verzoek het huidige contract met een jaar te verlengen.
Nu mocht je ook verwachten dat het COA met antwoorden zou komen op bekende, maar nog niet formeel gestelde vragen uit de raad. Uit de presentatie bleek echter dat het COA al een eind is gevorderd met het ontwikkelen van een plan binnen het huidige complex. Voor de uitwerking is nog een jaar nodig. En om het plan uit te werken vroeg het COA om verlenging van het contract. Dus niet om de raad meer ruimte te geven een principiële beslissing te nemen. Geruststellend werd er bijgezegd dat, als de plannen zijn uitgewerkt de raad van Grave alsnog “nee” kan zeggen tegen een nieuw contract. Naar mijn mening kun je het niet maken tegen het COA (of wie dan ook) te zeggen dat er tijd wordt gegeven de plannen uit te werken terwijl je toch al weet dat je uiteindelijk sowieso tegen zal stemmen. Nu ja zeggen tegen een jaar tijd om het plan uit te werken betekent dat de gemeente met de nodige mitsen en maren bereid is tot een nieuw contract. Een complicatie is dat enkele principiële vragen zoals over noodopvang als bewoners op straat worden gezet en over de dagbesteding niet door het COA kunnen en mogen worden beantwoord. Dat moet het ministerie doen. Als op die vragen geen bevredigend antwoord komt zou dat voor een deel van de raad wel eens een breekpunt kunnen zijn, hoe mooi de uitgewerkte plannen er ook uitzien. Maar dat is echt risico rijk, ofschoon de raad dit nu wel kenbaar moet maken.

  • Nog een paar opvallende zaken:
    Het indertijd gepresenteerde model van een AZC in de vorm van een woonwijk is kennelijk onder het tapijt verdwenen. Een vraag daarover werd tactisch omzeild.
  • Een aantal verzoeken om asiel zal worden afgewezen. Deze mensen zullen Nederland dus moeten verlaten. Om dat minder hard te laten zijn worden zij niet uitgewezen maar moeten ze terugkeren. Dat is nog verder verzacht. Heel consequent spraken de vertegenwoordigers van het COA niet over wegsturen of helpen bij de terugkeer, maar over stimuleren om terug te keren.
  • In september werd al aangekondigd dat het ministerie zou besluiten om geen afzonderlijke centra meer te beheren voor vragers, blijvers en verdwijners (mijn terminologie). Het nieuwe AZC wordt gebouwd voor alle asielzoekers onafhankelijk van de vraag in welk stadium hun verzoek verkeert. Op de vraag of dit niet tot spanningen zou leiden kon het COA ook geen rechtstreeks antwoord geven. De burgemeester vond dat de raad er bij de presentatie niet zo diep op moest ingaan.

Uit deze, maar ook andere vragen bleef dat voor een deel van de raad echt eerst de principiële vraag aan de orde is: willen we een AZC of niet en pas daarna wordt de vraag hoe het er uit komt te zien van belang.
Omdat vergaderingen van de raad altijd om 22:30 uur worden beëindigd is de volgorde van de agenda wel belangrijk.

Voorbereidende vergadering vervolg

Tijdens de presentatieavond werd bekend dat het verzoek van het COA het huidige contract met 1 jaar te verlengen aan de agenda voor 15 juni zou worden toegevoegd en volgens mij dus ook aan de nog onbekende agenda van de besluitvormende vergadering van 29 juni.
Nu zie ik net (9 juni 16:15 uur) dat de agenda voor de voorbereidende vergadering op de website is verschenen. Daar staat dit punt echter niet op. Twee mogelijkheden. Op de site is een verouderde agenda geplaatst of de bespreking gaat niet door, misschien vanwege de toch al rijkelijk gevulde agenda. Voorlopig ga ik er maar van uit dat het dinsdag wordt besproken. Het wordt wel een helse toer om nog tijdig een voorstel te produceren of zou de zaak rechtstreeks naar de besluitvormende vergadering gaan?
Ik ben benieuwd wanneer COA dit verzoek heeft gedaan. Als die brief recent is zou ik de bespreking liever uitstellen dan er haast- en dus broddelwerk van maken.
In Grave is het altijd weer spannend wat er besproken gaat worden.

Jacques Leurs maakte zich nogal kwaad over het schrappen van principebeslissing over de zaak Litjens. Nu is dat punt inhoudelijk al uitgebreid besproken, het kan dus zijn dat het rechtstreeks op de agenda van de besluitvormende vergadering wordt geplaatst. Maar logisch dat hij zich begint af te vragen wat de rol van het presidium nu eigenlijk is.

Ik heb nu 2 versies van de agenda: Allebei gedateerd op 4 juni! Een heel nieuwe uitleg van het gezegde “met twee tongen spreken”.

dinsdag 8 juni 2010

Intermezzo

Dit is alweer de honderdste blog . Een goede reden om eens iets anders aan de orde te stellen. En de inspiratie daarvoor kwam ijdens de presentatievergadering van vanavond, waarbij AZC en Wisseveld aan de orde kwamen.

De opstelling in de raadzaal heeft mij steeds verbaasd. Het lijkt mij ook onpraktisch. Een deel van de raadsleden zit met de rug naar een spreker en moet zich bij een presentatie behelpen met een scherm waarbij het contact met de spreker natuurlijk verloren gaat. De opstelling is ook star, hetgeen gebruik van de ruimte voor andere doeleinden uitsluit.

Vanavond realiseerde ik mij dat deze opstelling eigenlijk heel symbolisch is. Misschien is daar zelfs bewust voor gekozen. Raad en college zitten in een gesloten kring met het zicht op elkaar en keren de rug toe naar alles wat zich buiten de eigen kring bevindt. Een cirkel is een teken van geslotenheid. Denk maar aan een heksenkring, het is onmogelijk daaruit te breken.

Zou dit heidens symbool echt van invloed zijn op de werkwijze van de raad? Ik hoop dat men uit die kring is gebroken alvorens ik aan de tweehonderdste blog toe ben.

De voorbereidende vergadering 15 juni 2010

Eigenlijk moet u de blog “stoom afblazen” hebben gelezen alvorens aan dit verhaal te beginnen.

De agenda liegt er weer niet om. Burap 2010-1e, Kadernota 2011 en Bestuursakkoord 2010-2014 zijn ieder voor zich al voldoende voor een afzonderlijke vergadering. Het is mij ook niet duidelijk of er voor Burap en Kadernota voor 15 juni nog een technische toelichting komt. Daar was wel sprake van, maar er moest nog al wat worden geschoven, o.a. om de nieuwe wethouders de gelegenheid te geven zich in te werken. Dat soort informatieavonden is meestal wel openbaar, maar wordt maar zelden van gemeentewege publiekelijk aangekondigd. De agenda voor de besluitvormende vergadering op 29 juni (er zit dus veertien dagen tussen en dat is een verbetering) is nog niet bekend, dus de mogelijkheid bestaat dat deze punten worden doorgeschoven, hetgeen ook weer zijn voor- en nadelen heeft.

Evaluatie collegevorming

Ondanks de volle agenda vind ik dat er nog een punt moet worden toegevoegd. Laten we het maar noemen: evaluatie collegevorming. Heel terecht werd er in de vergadering waarin Peter Hendriks werd herdacht maar ook de nieuwe wethouders werden benoemd niet op ingegaan. Toch werd wel duidelijk dat er bij de niet-coalitiepartijen nog heel wat zeer over de gang van zaken zit. En dat moet er toch uit. Aangekondigd werd dat bij de bespreking van het bestuursakkoord daarvoor wel gelegenheid zou zijn. En daar ben ik het helemaal niet mee eens. Evaluatie kijkt terug en daarbij moet de gelegenheid zijn op nette manier gal te spuwen. Daarna moet een eventuele strijdbijl worden begraven en, het voorbeeld van de juffrouw van de Tom-Tom volgend, uitgaande van de nu eenmaal ontstane situatie gezamenlijk worden gewerkt aan de toekomst. Een vluchtige blik in de kadernota heeft de noodzaak daartoe wel onderstreept. Het scheiden van evaluatie collegevorming en discussie over het raadsprogramma lijkt mij ook prettiger voor de nieuwe wethouders.

En er zijn daarbij naast meer emotionele zaken ook wel wat rationele vragen te stellen.

Sinds 2002 bestaat de mogelijkheid wethouders van buiten aan te trekken. In het dualisme wordt daarmee bedoeld dat de wethouders niet perse uit de raad hoeven te worden gekozen. Het wil niet zeggen dat ze ook van buiten de gemeente moeten komen. De zogenaamde coalitie heeft daar wel voor gekozen. Is het dan uitgesloten dat er in Grave goede kandidaten zouden zijn? Als argument is wel aangevoerd dat van buiten de wethouders boven de partijen zouden staan. Maar als dat het criterium is rijst de vraag waarom deze drie partijen dan vinden dat alleen zij drieën die onpartijdige wethouders moeten uitzoeken.

Een tweede punt is dat men een open sollicitatie wilde. Maar hoe open is die procedure geweest. Er is een advertentietekst gepubliceerd, maar is die advertentie ooit geplaatst en zo ja waar? En zo nee, hetgeen ik geloof, waar zijn dan die 27 sollicitanten vandaan gekomen. Ik weet dat de grote partijen daar bureautjes voor hebben.

Financiële aspecten zijn natuurlijk wel van belang, maar mogen naar mijn mening geen invloed hebben op de keuze. Er is nu eenmaal een rechtspositieregeling die inhoudt dat bij benoeming van ex-wethouders zij hun bij andere gemeenten hun opgebouwde wachtgeldrechten meenemen.

Dit alles neemt niet weg dat een slechte procedure toch wel tot een goed resultaat kan leiden.

Bestuursakkoord

Aan hetgeen ik eerder over het bestuursakkoord schreef heb ik verder niets toe te voegen. De kadernota onderschrijft mijn mening dat verbetering van de relatie met de burgerij veel meer aandacht in dat akkoord verdient.

De kadernota

Op het eerste gezicht zou je denken dat het bestuursakkoord besproken zou moeten worden voor de kadernota. Eerst moet de nieuwe raad aangeven wat zij wil en dat wordt dan financieel vertaald. Dat is in de huidige situatie onmogelijk. De informatie van de kadernota is, zoals ik eerder beargumenteerde, nodig voor een programma van de raad. De kadernota zoals die nu voorligt is een zuiver ambtelijk stuk. Het geeft wel informatie, maar doet geen keuzes. Ik ben er nog maar één keer vlug doorheen gegaan en dat is te weinig om er zinvol commentaar op te kunnen leveren. Hetzelfde geldt voor de Burap.

Je hoeft niet diep in de stukken te duiken om te constateren dat het voor de raad geen eenvoudige zaak zal worden. Landelijk gaan de Graafse coalitiepartijen VVD en CDA voor hervormingen. Nou daar zullen ze in Grave ook mee aan de gang moeten. De ontwerp kadernota geeft wel cijfers waaruit blijkt hoeveel omlaag moet worden hervormd (=bezuinigd) maar laat hert aangeven van de wijze waarop dit moet gebeuren wijselijk en terecht over aan de gemeenteraad. Ook de al ingeboekte bezuiniging van € 700.000 is nog niet geconcretiseerd terwijl het vorige college toch aangaf dat daarvoor in het eerste kwartaal van dit jaar het nodige materiaal zou worden aangedragen. Eigenlijk zou in de kadernota hierover duidelijkheid moeten worden verschaft. Daarnaast zal nog meer moeten worden bezuinigd en dat nog los van hetgeen voortvloeit uit het rijksbeleid.

Ik acht het uitgesloten dat het mogelijk zal zijn de noodzakelijke bezuinigingen te realiseren zonder dat de burger dat merkt. En zeker als subsidies en andere voorzieningen aan bod komen zal dat niet kunnen zonder gebruik te maken van de creativiteit van verenigingsbestuurders en anderen. Dat is een mooi onderwerp voor het bestuursakkoord.

De kadernota is op het eerste gezicht duidelijk. Tot nu toe heb ik één raadselachtig verschijnsel geconstateerd. Bij ieder programma wordt een categorie activiteiten opgesomd met de vermelding “geen financiële consequenties/geen dekking”. En tussen die kenmerken links en rechts van de schuine streep zit nog al een verschil. Als er geen financiële consequenties zijn kan die activiteit rustig doorgaan. Als er geen dekking is zul je die activiteit wel moeten schrappen.

Vreemd vind ik ook de opmerking over de parkeernota. De voorbereiding daarvan is zover gevorderd dat men ambtelijk weet dat er € 1.700.000 voor nodig is. In de kadernota is echter slechts € 500.000 opgenomen. En daar kan de parkeernota dus niet voor worden gerealiseerd. Een tabelletje van activiteiten met een kolom kosten (kan 0 zijn), een kolom aanwezige dekking en een kolom nog te vinden dekking zou daarom wel handig zijn.

Wordt waarschijnlijk vervolgd als ik niet met vakantie ben.

Mogelijke andere punten voor de besluitvormende vergadering

Bij de stukken voor de voorbereidende vergadering waren ook enkele raadsvoorstellen gevoegd voor de besluitvormende vergadering die niet op de agenda van de voorbereidende vergadering staan. Het college vermoedt waarschijnlijk dat de raad over die punten niet zal discussiëren. Het zijn inderdaad vooral technische zaken met één uitzondering.

Er is een voorstel de erepenning van de gemeente , in de wandeling het ereburgerschap genoemd, te moderniseren. Na 40 jaar mag dat ook wel. Er komt een nieuw ontwerp, maar ook wordt voorgesteld de mogelijkheid te openen dat organisaties de erepenning krijgen. De huidige penning kan alleen aan personen worden toegekend. Vandaar waarschijnlijk ook de term ereburgerschap. Dat punt vind ik toch wel een nadere bespreking waard. Het is een goed idee om ook organisaties zo’n blijk van waardering te geven, maar mijn eerste gedachte is om daar iets aparts voor te verzinnen. In ieder geval zou ik dan een ander voorwerp kiezen dan zo’n toch betrekkelijk kleine penning. In een club moet het toch een zeker omvang hebben om het in een kast te kunnen zetten of aan een muur te hangen.

Bij de andere punten heb ik even gekeken naar de communicatieparagraaf. Er is een standaardformulier voor raadsvoorstellen, dat ook wel eens vernieuwd mag worden, maar gelukkig is wel iedere opsteller verplicht enige zinnen aan communicatie te wijden. In deze gevallen komt dat vooral neer op publiceren. Mij viel op dat daar kennelijk geen protocol voor is. De ene keer staat er “publiceren op de gebruikelijke wijze”, maar die moet je dan wel weten. Bij het volgende voorstel staat er dat in de Graafsche Courant wordt gepubliceerd en het derde en laatste besluit wordt ook op de website geplaatst. Een kleinigheid misschien, maar daar is een lied over. “Het zijn de kleine dingen die het doen”.

maandag 7 juni 2010

Stoom afblazen.

Soms is het goed eerst stoom af te blazen alvorens inhoudelijk op de materie in te gaan. Daarom nu eerst maar de veiligheidsklep open gezet.

In de verkiezingstijd struikelden de partijen over elkaar heen bij het beloven van “het terugwinnen van het vertrouwen in het bestuur bij de burger” En zowaar na de verkiezingen werd zelfs een ad-hoc commissie in het leven geroepen. Maar daar is het wel bij gebleven. Nu win je vertrouwen niet zo makkelijk terug. Daar is tijd voor nodig, maar je moet wel ergens mee beginnen. Begin dan met het eenvoudige en laat zien dat je de burger, en zeker de burger die blijk geeft interesse te hebben voor het besturen van de gemeente, serieus neemt. De burgemeester heet bij het begin van iedere vergadering het publiek welkom. Maar daarmee heb je het wel zo ongeveer gehad.

Volgende week dinsdag 15 juni is de eerste voorbereidende vergadering. Leny van Lieshout wees er ook al op dat er op de website van de gemeente niets over is terug te vinden. Wij zijn dus afhankelijk van papieren informatie via gemeentehuis en bibliotheek. Het beschikken over een digitale versie vergemakkelijkt o.a. door de zoekfunctie het bestuderen van omvangrijke stukken als een kadernota aanzienlijk. Bovendien is de beschikbare tijd tot de vergadering zo kort dat de beperkte openingstijden een echte hinderpaal vormen. Kortom het gemeentebestuur doet alles om het de burger moeilijk te maken het raadswerk te volgen, laat staan te beïnvloeden.

In wezen is de oplossing zo simpel. Alle stukken worden digitaal aangemaakt. Op hetzelfde moment dat zij naar de raadsleden worden verzonden en uitgeprint kunnen zij ook op de website worden gezet. Één keer regelen en het werkt. Het probleem zal wel zijn dat de website door een andere afdeling wordt beheerd dan de club die de raadsstukken produceert en verspreidt. En het valt meer de constateren dat zo gauw er meer afdelingen bij een zaak zijn betrokken de coördinatie hapert. Zo las ik ook het verslag van een bewonersbijeenkomst over het bouwrijp maken voor het nieuwe Maaszicht. Dat verslag staat bol van “uit nadere informatie in het gemeentehuis….”. Op veel voor de hand liggende vragen moest degene die de voorlichting gaf het antwoord tijdens de bijeenkomst schuldig blijven. Een verschijnsel dat tot in de raad doorwerkt en bij een goede coördinatie grotendeels te vermijden valt. Natuurlijk is het spreekwoord ”een gek kan meer vragen dan tien wijzen kunnen beantwoorden” er niet voor niets.

Dit probleem is niet nieuw. Herhaaldelijk heb ik daar al op gewezen. Het is ook de belangrijkste reden waarom ik met deze, als je het goed bekijkt eigenlijk belachelijke en overbodige, weblog ben begonnen. Maar denk je dat er ook maar één raadslid is dat zich daar druk over maakt? Oh ja, in een gesprek wordt het wel toegegeven, maar daar blijft het ook bij. “Laat maar lullen” is kennelijk de aanpak van de burgerparticipatie. Zelfs Jacques Leurs laat op zijn website vol trots zien dat hij nu een nieuw speeltje heeft gekregen om de stukken te bekijken. Dat zou, als je erin gelooft, moeten leiden tot nog minder papieren stukken, dus tot nog minder informatie aan het publiek.

Genoeg gekanker. Ik wil dit stoom afblazen positief beëindigen. Heel eenvoudig een klein beetje verbetering aanbrengen. Daarvoor is wel de hulp van de raad nodig, want ik doe het in de vorm van een motie:

De raad van Grave, in vergadering bijeen op 15 juni 2010 draagt het college op er met ingang van heden voor te zorgen dat raadsagenda’s en raadsstukken onmiddellijk bij het verschijnen op de website van de gemeente worden geplaatst en gaat over tot de orde van de dag.

Die laatste gebruikelijke kreet mag dan niet betekenen dat het daarmee is geregeld, maar dat het slechts een begin van de verbetering is.