woensdag 5 maart 2014

2014-13 Raadsvergadering 25 februari deel 4 Deltaprogramma 1

De verschoven agendapunten werden toegevoegd aan punt 22. En zo werd agendapunt 13 Deltaprogramma Rivieren 22a en dat is nu aan de beurt.

Rivieren kunnen overstromen en daarbij veel slachtoffers maken en schade veroorzaken. Aangezien rivieren zich niets aantrekken van gemeentegrenzen worden maatregelen daartegen op landelijk niveau voorbereid. Gemeenten krijgen er wel mee te maken en daarom wordt er veel informatie verstrekt en krijgen de gemeenten nu de gelegenheid aan te geven hoe ze er over denken. En dat is nu aan de orde. Het college had een reactie voorbereid. Dat kun je een goede reactie vinden of niet. In dat laatste geval is het verstandig aan te geven hoe het wel moet. Gewoon het voorstel van het college afwijzen is hetzelfde als “wij hebben geen mening”. Het voorstel van het college werd geamendeerd en uiteindelijk met toch nog 4 tegenstemmers aangenomen.

Het onderwerp gaat mij zeer aan het hart, ik heb me tijdens mijn werkzame leven daarmee beziggehouden. Vandaar dat ik aan het begin van de vergadering gebruik heb gemaakt van het spreekrecht. Hieronder volgt hetgeen ik heb gezegd. De tekst had ik in een wat uitgebreidere versie al eerder aan de raadsleden toegestuurd. Wat in kaders staat heb ik niet uitgesproken en zo kon ik het bijna helemaal in 5 minuten kwijt.
In mijn volgende verhaal kom ik op de behandeling terug.


Geachte Raad,

U gaat straks praten over het deltaprogramma rivieren. Blijkbaar leeft dit onderwerp niet erg bij u leeft. En dat is jammer. Ik heb maar vijf minuten om u er van te overtuigen dat dit onderwerp voor Grave en het hele Land van Cuijk, in zoverre het onder invloed staat van de Maas, van groot belang is. De ontwikkelingen moeten daarom nauwlettend worden gevolgd en met de bevolking worden gecommuniceerd.
Basis is dat we onze woon- en leefomgeving moeten aanpassen aan de eigenaardigheden van de Maas. Dat hebben we in Nederland verwaarloosd. We dachten met dijken de rivieren wel te kunnen temmen
Een eskimo past zijn woon- en leefomgeving aan, aan de eigenaardigheden van zijn land. Hetzelfde doet een woestijnbewoner. Zo zouden wij dat ook moeten doen. De Maas speelt in onze omgeving een belangrijke rol en die voert soms weinig, maar soms ook veel en erg veel water af. Heel lang hebben wij daar wel rekening mee gehouden, maar op een gegeven moment zijn wij afgestapt van het leven met wisselende waterafvoeren en zijn overgestapt tot het verzetten tegen de gevolgen daarvan. Even kort door de bocht: dijken bouwen en weg probleem. Een van de gevolgen was dat we op onregelmatige tijden te maken kregen met dijkdoorbraken en dus een watersnoodramp. De geschiedenis kent er vele voorbeelden van. Onze oplossing was hogere en sterkere dijken. En ja, de frequentie van doorbraken en overschrijding van de beschermingshoogte nam af. Daardoor verdween op de duur  het besef van de omstandigheden uit onze gedachten. Een sluipweg voor het water als de Beerse Maas werd opgeheven en we gingen zelfs bouwen in de uiterwaarden.

De watersnoodramp in 1953 toonde de zwakte van onze dijken aan en dat werd opgelost door verbeteren van de waterkeringen. Ook toen was al bekend dat de rivierdijken slechts beperkte bescherming boden. Er waren plannen waar veel geld voor nodig was. Maar ach zo vaak komt een overstroming niet voor, en wegen aanleggen is toch een veel leukere investering dan dijken verhogen. Zo werden de dijkverzwaringen steeds uitgesteld. Het waterbesef was volkomen weg. Tot we in 1995 bijna met de noodlottige gevolgen van dat gebrek aan besef, niet alleen bij de bestuurders, maar bij de hele bevolking, werden geconfronteerd. Het is nog net goed afgelopen, maar veel mensen moesten toch zekerheidshalve hun woning verlaten.

Pikant detail is wellicht dat de enige echte dijkdoorbraak, met als resultaat een wereldwijd verspreide foto van een windsurfer op de A2 bij ons provinciehuis, plaatsvond in  het gebied waar ik ambtelijk verantwoordelijk was. En toch is er niets fout gegaan. Bij de aanleg van de A2 is uit landschappelijke overwegingen gekozen voor een laaggelegen weg. Bekend was dat er  een kans van 1/70 was dat de combinatie waterafvoer en Maas zou veroorzaken dat de weg onder water zou gaan. En die omstandigheid deed zich voor. Overwogen is nog de overstroming zelf in te leiden om te voorkomen dat het verkeer zou worden verrast. Omdat er tussen het begeven van de waterkering en het onder water gaan van de weg nog voldoende tijd was voor het treffen van verkeersmaatregelen werd hiervan afgezien. De kade was zo vriendelijk het tot 22:00 uur vol te houden. De verkeersmaatregelen waren voorbereid. Wel overlast maar meer ook niet. Desondanks werd toen toch bestuurlijk besloten dat dit nooit meer mocht voorkomen en dus werd de A2 van dijken voorzien. Te zijner tijd zal wel blijken of dit middel niet erger is dan de kwaal.

Daarna groeide, maar vooral bij direct betrokkenen het besef dat zich verzetten tegen de rivier niet tot een overwinning zou leiden. Het beleid werd “Ruimte voor de rivier”. Om er vaart in te krijgen en te vermijden dat het besef weer wegzakt is het project deltaprogramma onder leiding van de deltacommissaris aan de gang. De tijd is tekort om daar op in te gaan. Bovendien heeft u als raadsleden de beschikking over een schat van informatie. Ik weet niet waarom, maar kennelijk heeft u daar nauwelijks kennis van genomen. Zo blijkt ook uit antwoorden op vragen in de laatste commissievergadering. Informatiebijeenkomsten zijn niet of nauwelijks bezocht.

U hoeft vandaag geen besluit te nemen, maar bent wel in de gelegenheid aan te geven of degenen die enthousiast bezig zijn plannen te ontwikkelen, die u later wel in gemeentelijke besluiten moet verwerken, op de goede weg zijn en welke aanbevelingen en aandachtspunten u daarbij heeft. Geruststellend daarbij is dat u eigenlijk geen verkeerde opmerkingen kunt maken. Waarom ik dan toch hier sta is omdat er te weinig aandacht is voor het meenemen van de burger in deze ontwikkeling. De reden daarvoor is dat men daarmee wil wachten tot er concrete informatie is te geven over hetgeen er moet gebeuren. En dat is niet slim.  Er zijn al veel voorbeelden van projecten waartegen grote weerstand bij de bevolking en dus bij de gemeentebesturen was tegen de voorgestelde maatregelen. Een voorname reden daarbij is dat men de noodzaak van de maatregelen niet inziet. En dat zeker als de voordelen niet rechtstreeks voelbaar zijn. Betuwelijn,  HSL en verschillende wegenprojecten zijn daarvan duidelijke voorbeelden.
In de Gelderlander van donderdag 13 februari stond een ingezonden stuk dat dit illustreert. Het ging over de Betuwelijn waar, volgens de inzender, de verwachte aantallen treinen nog steeds niet worden gehaald. Hij vond dus dat de beslissing om de lijn aan te leggen op verkeerde uitgangspunten berustte. Vervolgens noemde hij een aantal andere projecten waarbij zich hetzelfde verschijnsel voordeed. In dat rijtje kwam ook de hoogwateraanpak voor.
Hetzelfde is nu al merkbaar, ook in de commissievergadering. Daar was duidelijk weerstand tegen de retentiegebieden voelbaar.

Wat ik van u vraag is om in uw opmerkingen mee te nemen dat zo spoedig mogelijk wordt begonnen met een actief informatieprogramma voor het publiek waarbij vooral de aandacht wordt gevestigd op de feitelijke situatie. Als daarmee wordt bereikt dat er bij de bevolking, waarbij u dan voorop gaat, voldoende besef is van de opgave waarvoor we staan; dan zal het begrip voor de te nemen maatregelen ook veel sneller groeien.

Onlangs is in dat kader al een televisieserie “Nederland in zeven overstromingen” te zien geweest. Heeft u die gezien?

In de tijd die mij rest nog enkele aspecten van het leven aan de Maas, die wij zo vaak liefdevol bezingen.
Allereerst is absolute veiligheid niet realistisch. Met zijn allen verhuizen naar hogere gebieden zou dat wel zijn maar is onbetaalbaar. Wettelijk zijn daarom veiligheidsnormen vastgesteld.
In het economisch centrum van ons land, de randstad, geldt een veiligheidsnorm van 1:10.000. Dat is niet hetzelfde als éénmaal in de 10.000 jaar. Je kunt het vergelijken met een loterij. Aangezien we gemiddeld 80 jaar worden betekent het dat iedere Randstedeling deelneemt aan een loterij met 125 loten.
Voor het rivierengebied wordt een veiligheidsnorm van 1:1250 voldoende geacht. Iedereen heeft dus een kans van 1 op 16 dit in zijn of haar leven mee te maken. Toch wel de moeite waard daar rekening me te houden. Daarbij moet ook worden bedacht dat twee keer achter elkaar ook een mogelijkheid is. De winters van 93/94 en 94/95 hebben dat wel duidelijk gemaakt.

In de eerder genoemde televisieserie werd opgemerkt dat als ons hoogwatersysteem in de randstad het begeeft Nederland kapot is Rampenplannen zijn daar niet tegen opgewassen.

Er zijn drie grondbeginselen van watermanagement waar we niets tegen kunnen doen.
·         Water loopt van boven naar beneden;
·         Water moet ergens blijven;
·         Water kiest de weg van de minste weerstand;

Deskundigen hebben fraaie methodes ontwikkeld om deze grondbeginselen om te zetten in plannen om zowel de Maas als onszelf voldoende leefruimte te bieden.

Voor bestuurders die op grond van de door deskundigen op basis van de grondbeginselen gevonden aanpak besluiten moeten nemen geldt nog een vierde criterium

·         De Maas trekt zich niets aan van democratisch genomen besluiten.

Ook in het verleden had men kennis van deze grondbeginselen. Een land omdijken betekende dat het water daar niet terecht kon. Aangezien iedereen zijn grondgebied ging omdijken kon de rivier het water dus nergens kwijt en ging naar de minste weerstand zoeken. De mens hielp daarbij door de dijken bij de buren door te steken om op die manier de rivier aan de nodige ruimte te helpen. Wij doen dat beschaafder en hebben de opdracht gegeven naar de optimale oplossing te zoeken. Als de Maas dan toch ruimte nodig heeft laat ons die dan aanwijzen op grond van bovenstaande beginselen en zodanig inrichten dat de schade minimaal is en er geen slachtoffers vallen.

Omdat we weten dat water ergens moet blijven is het beter dat we de Maas zodanig manipuleren dat het water naar een door ons bepaalde plek gaat. Dat zijn de retentiegebieden. Daar is een hoop over te vragen en te beantwoorden. Laat ik het zo samenvatten. Als ik zou wonen in een gebied dat onder invloed staat van de Maas dan zou ik het liefst in een retentiegebied zitten. Dan woon ik in ieder geval in een goed ingericht en voorbereid gebied. Want bedenk wel: er is een kans van 1/16 dat degenen die niet in een retentiegebied wonen toch minstens eenmaal in hun leven, en dan bij verrassing, door het water worden getroffen.

Tot slot. Ook buiten het directe watermanagement zijn er mogelijkheden rekening te houden met de Maas en zijn nukken. In de eerder genoemde TV-serie kwam ook aan de orde dat evacuatie geen echt soelaas biedt en zoveel mogelijk moet worden voorkomen. Dat begint dus met vanaf nu alle woningen in het Maasgebeid, en niet alleen in de retentiegebieden hoogwaterbestendig te bouwen. Ziekenhuizen en zorgcentra zijn natuurlijk lastige evacuatieprojecten. Zoek daarvoor een plek waarbij evacuatie niet nodig is of bouw zodanig dat men daar kan blijven. Misschien is daarom nog niet eens zo slecht dat Catharinahof 70 cm hoger staat dan de bedoeling was.

Er bestaat een Vereniging van Nederlandse Riviergemeenten. Grave heeft als medeoprichter in die VNR een belangrijke rol gespeeld. Een resultaat daarvan was dat Grave kon deelnemen aan een experiment om toch in het winterbed bouwactiviteiten te ontwikkelen; de zogenaamde EMAB. Inmiddels is er een nieuwe beleidslijn op grond waarvan wordt bepaald of een project wel of niet kan worden gerealiseerd. Het experimentele is er vanaf. Aangezien er geen absoluut verbod geldt zal Rijkswaterstaat nooit beginnen met af te wijzen. Kom maar met een voorstel zal het antwoord zijn. Toch durf ik te wedden dat we eerder te maken krijgen met een overstroming dan dat er vergunning voor woningbouw, waarvoor een markt is, ter plekke wordt gegeven.

Afgelopen vrijdag is er in Wijchen een bijeenkomst geweest van de taakgroep Maas van de VNR. Daar stond ook het onderwerp van vanavond op de agenda. De stukken voor die vergadering bevatten daarover nog interessante informatie. Beschikt u daarover? Overigens heb ik geconstateerd dat de gemeente de laatste twee jaar zich heeft beperkt tot het sturen van bericht van verhindering.

Grave 18 februari 2014

Leo de Vreede


2014-12 Raadsvergadering 25 februari deel 3 motie Keerpunt 2010

Agendapunt 22b ging over een verzoek van St. Anthonis om aan te sluiten bij CGM. Keerpunt had dit in de krant gelezen. Omdat de raad van Grave daar niets van wist diende Keerpunt direct een motie in. 

Het was nog niet zo eenvoudig om bij het begin van de behandeling de motie boven water te krijgen. Hij bleek op de Ipad van de raadsleden te staan onder agendapunt 24. De raadsleden uit de brand, maar het publiek had nog geen idee. Maar Jacques Leurs mocht in ieder geval het “dictum” voorlezen. Dat luidde eenvoudig “draagt het college op het verzoek van de gemeente St.Anthonis in de eerstvolgende werkvergadering aan de nieuwe raad voor te leggen”. 

Hij had nog wel een paar zinnen en misschien dat daar een motivering in stond, maar dat zullen we wel nooit weten. Alvorens de discussie kon beginnen kwam de voorzitter met de mededeling dat er geen verzoek was en dat de motie dus onuitvoerbaar was. Daarop werd de motie ingetrokken met de mededeling dat Keerpunt er op terug zou komen.


In een oud handboek voor raadsleden staat: “lees alle kranten, maar ga voor je raads-vragen gaat stellen eerst na wat er werkelijk aan de hand is”. Dat advies is blijkbaar nog steeds van kracht, Het geldt overigens ook voor blogs en andere media. In het algemeen is het in de politiek verstandig alleen vragen te stellen als je al een goed idee hebt over het antwoord dat je krijgt.

dinsdag 4 maart 2014

2014-11 Raadsvergadering 25-02-25 deel 2 scheepswerf

2014-11 Raadsvergadering 25-02-25 deel 2 scheepswerf
De motie van Keerpunt 2010 over de scheepswerf werd door de fractieleider al aangekondigd bij de behandeling van agendapunt 17, aanpassing bestemmingsplan Centrum, Grave. De bedoeling van de motie was om de strekking van het voorstel uit te breiden. Om dat te bereiken had het beter als amendement kunnen worden ingediend. Nu kon de voorzitter stellen dat de motie geen invloed zou hebben op het besluit en dus kon worden bezien als een motie geen betrekking hebbend op een agendapunt. Helemaal juist was die redenering niet, maar op die manier kon een schorsing om de motie te verspreiden worden vermeden. Daar was iedereen gelukkig mee.


Omdat motie en raadsvoorstel wel degelijk een relatie met elkaar hebben behandel ik agendapunt 17 maar bij de motie.

Waar gaat het over? De scheepswerf is bij de Raad van State in beroep gegaan tegen 2 aspecten van het onlangs vastgestelde bestemmingsplan centrum Grave.

Allereerst was men er achter gekomen dat een stuk terrein dat geen eigendom was van de scheepswerf, maar in het verleden wel een bestemd was voor activiteiten van de scheepswerf had, in het nieuwe bestemmingsplan de bestemming parkeerterrein heeft gekregen. De gemeente had het bestemmingsplan in de procedure nogal nadrukkelijk gekenschetst als een conserverend bestemmingsplan. Dat wil zeggen dat er geen wezenlijke wijzingen in zouden zijn opgenomen. De wijziging naar parkeerterrein werd daardoor te laat ontdekt om via de zienswijzen verandering in te brengen. Tijdens de behandeling in de raad heeft VPGrave via een amendement geprobeerd dat alsnog te doen. Dat is niet gelukt.

Het tweede punt betrof de formulering van enkele gebruiksvoorschriften. Die waren nogal star uitgevallen en waren hinderlijk voor de scheepswerf. Daar had de scheepswerf in de zienswijze wel op gereageerd, maar zonder succes.

Over het eerste punt was de Raad van State al heel duidelijk. Er kan alleen maar een beroep op de Raad van State worden gedaan als er ook een zienswijze is ingediend, tenzij een goede verklaring voor het niet indienen was. Juridisch gezien bestaat een conserverend bestemmingsplan niet, dus kon ook niet worden aangevoerd dat men niet bedacht had hoeven zijn op deze wijziging. De scheepswerf is niet ontvankelijk en het beroep zal zonder twijfel worden afgewezen.

Bij de behandeling in de Raad van State bleek dat de gemeente niet had beoogd met deze bepalingen te scheepswerf in zijn werkwijze te belemmeren. En voor die omstandigheden bestaat een truc; de zogenaamde bestuurlijke lus. Het komt er op neer dat een gemeente in de gelegenheid wordt gesteld bepalingen in het bestemmingsplan opnieuw te formuleren.

De tussenuitspraak van de Raad van State was dan ook dat de raad van Grave in de gelegenheid werd gesteld de gebruiksbepalingen opnieuw te formuleren. Dat zou voor 15 april moeten zijn gebeurd. Heel belangrijk in deze uitspraak is dat voor deze bestemmingsplanwijziging – want dat is het eigenlijk- niet de normale procedure hoeft te worden gevolgd. De wijziging hoeft niet ter inzage te worden gelegd en er kunnen geen zienswijzen worden ingediend en er kan ook geen beroep bezwaar tegen worden aangetekend. Het conform de tussenuitspraak gewijzigde bestemmingsplan is direct van kracht.

Een andere gewenste wijziging van het plan kan dan ook niet meeliften in deze procedure, ook al zou heel Grave dat willen.

In wezen was de zaak voor de raad dus heel eenvoudig, het had een A-stuk kunnen en eigenlijk ook moeten zijn. De problematiek rond het hekwerk op deze manier oplossen kon gewoon niet. Het is in de commissie niet door de voorzitter en niet door de wethouder gelukt dit uit te leggen.

In het begin van de raadsvergadering deed de directeur van de scheepswerf toch nog een beroep op de raad om ook de hekwerkkwestie tegelijkertijd te regelen. Hij wees ook op de verjaring. Maar verjaring gaat over het eigendom en dat staat volkomen los van hetgeen hier aan de orde was. Natuurlijk heeft het weinig zin aan het stukje grond de bestemming parkeerterrein te geven als blijkt dat het door verjaring van de scheepswerf is, maar het kan wel.

Dan nu eindelijk de motie. Ik heb hem drie keer afgeluisterd om een idee van de inhoud te krijgen. Het bleek een opdracht te zijn aan het college om het bestemmingsplan te wijzigen zodat het hekwerk scheepswerf zou blijven. Een onmogelijke opdracht omdat alleen de raad daartoe bevoegd is. Het voornaamste bezwaar vanuit de raad was echter dat de zaak van verjaring niet in de motie werd genoemd. En dat dus volgens mij juist niet ter zake. De motie werd dus –en dat was wel terecht- afgewezen.

Alhoewel nergens uit bleek dat de raad de bestemming parkeerterrein een goede vindt, eerder het tegendeel, bleef het besluit uiteindelijk beperkt tot hetgeen de Raad van State had opgedragen. De raad kon ook niet anders en dus was A-stuk een terechte keuze geweest.

Blijft de vraag of dit nu werkelijk is wat de raad echt wil; parkeerterrein of scheepswerf, ofwel niet wijzigen of wel wijzigen van het bestemmingsplan in deze.
Daarom nog een kijkje vooruit.

Niet wijzigen is zonder twijfel de makkelijkste oplossing. Niemand hoeft iets te doen. Er zijn wel consequenties.

·         Het is dan logisch dat de gemeente en het rijk hun eigendom gaan terugeisen en zelfs dat de gemeente ook het rijkseigendom overneemt want de gemeente is nu wel verplicht het parkeerterrein daar ook aan te leggen. De scheepswerf zal dan de verjaring wel in stelling brengen en de kans is reëel dat de werf gelijk krijgt. Dat wordt een onmogelijke situatie.
·         De scheepswerf zal mogelijk planschade claimen. De bestemming van die grond is immers van scheepswerf in parkeren veranderd en dat de werf in zijn geheel daardoor in waarde is verminderd is op zijn minst aannemelijk.
·         Een schadeclaim van de werf is al ter sprake geweest. De neiging om een claim in te dienen zal door handhaven van het bestemmingsplan zoals het nu is niet doen afnemen.

Om het bestemmingsplan wel te wijzigen zal iemand het initiatief moeten nemen. De poging van Keerpunt 2010 dat via een motie te doen heeft gefaald. Die afwijzing was echter niet bedoeld als afwijzing van de gedachte tot wijzigen op zich. Het ging meer om tijdstip en wijze en misschien ook wel om de indiener van de motie. De mogelijkheden zijn:
·         Een verzoek van de scheepswerf. De meest logische aanpak om een bestemmingsplan tussentijds te wijzigen is dat de belanghebbende, in dit geval de scheepswerf, daartoe een verzoek indient bij de gemeenteraad. Het is de gemeenteraad en niet het college die daarover een besluit moet nemen, dat is inmiddels ook bij de gemeente wel duidelijk. Er moet dan een normale procedure worden gevolgd met ter visie leggen, zienswijzen, raadsbesluit en beroepsprocedure. De kosten zijn dan gewoonlijk voor de aanvrager.
·         ­­­Een voorstel van het college. Als het college achteraf vindt dat het toch niet zo elegant was om op deze wijze weer ergens ruimte voor parkeren te creëren of inziet dat dat de scheepswerf door verjaring toch eigenaar wordt, zou het college zelf een wijzigingsvoorstel in procedure kunnen brengen. Verstandig zou dan wel zijn eerst te polsen of de gemeenteraad die kant wel op wil.
·         Een motie van de raad met verzoek aan het college. Via een motie kan de raad al uitspreken dat men het terrein binnen het hek de bestemming scheepswerf weer terug wil geven. Op die manier wordt duidelijk vastgelegd welke richting het gemeentebestuur op wil. Het college moet dan wel bereid zijn die motie uit te voeren.
·         Een motie van de raad met opdracht aan het college. Aangezien alleen de raad bevoegd is te beslissen of een bestemmingsplan moet worden veranderd kan het in deze het college opdracht geven die wijziging voor te bereiden. Het college kan de opdracht wel naast zich neerleggen, maar dan is een logische consequentie dat het college wordt weggestuurd. De ongelukkig geformuleerde motie van Keerpunt 2010 kwam het meest met deze aanpak overeen.
·         Een initiatiefvoorstel van één of meer fracties. Deze aanpak werd in de vergadering gesuggereerd. Ik vind dat een merkwaardige suggestie. Het zou inhouden dat die fracties ook de hele voorbereiding op zich zouden nemen. Dat is een onzinnige gedachte. Het initiatief zou dan ook niet verder kunnen gaan dat de raad besluit het college een opdracht te geven. Daarvoor is een motie het geëigende middel.

We kennen ook nog het burgerinitiatief. Maar daarvoor zou nog twee jaar moeten worden gewacht.

Hoe is hier met goed fatsoen uit te komen? Daar is “overleg” natuurlijk het toverwoord en zijn college en scheepswerf aangewezen om oud zeer even op zij te zetten en samen te kijken hoe het best in het belang van beide partijen kan worden gehandeld. 

maandag 3 maart 2014

2014-10 De laatste raadsvergadering deel 1 snippergroen


Dit was dus de laatste werkvergadering van deze raad.  De vraag ligt dan worden gesteld of dit een succesrijke periode kan worden genoemd. Misschien is  het adagium “eind goed, al goed” van toepassing.

IK bespreek daarom de agenda in omgekeerde volgorde. Dan ziet u snel of het einde echt goed was. Het bepalen of dat voldoende is om de hele raadsperiode tot een succes te verklaren laat ik aan u over.

 Omdat ik wel eens commentaar krijg dat mijn verhalen zo lang zijn en dat nu toch ook weer dreigt maak ik van ieder agendapunt een afzonderlijk artikel. Aangezien in een weblog de nieuwe artikelen bovenaan worden geplaatst krijgt een latere lezer alles weer in de goede volgorde. Zo zie je maar weer dat hoe gek je ook doet, alles uiteindelijk weer op zijn pootjes terecht komt.

De oorspronkelijke agenda was nogal door elkaar gehusseld. Ik gebruik de volgorde en nummering zoals op de geluidsopname. Dat levert al direct een complicatie op.

Agendapunt 22d Motie over het project snippergroen Deze motie van fractie Stoffer hoorde bij Agendapunt 22 Interpellatiedebat “Snippergroen” dat was aangevraagd door Keerpunt 2010. De splitsing was een truc om schorsing om te kopiëren te vermijden. Ik bespreek dit maar in de logische volgorde. Dat wordt een verhaal dat –wat verder uitgewerkt- uitstekend als Boekenweekgeschenk zou kunnen dienen.

Voorgeschiedenis
Project “snippergroen”, beter operatie “snippergroen” gaat over een oud en bekend probleem dat in vele gemeenten voorkomt en in Grave al meermalen aan de orde is geweest.

Dat kleine stukjes gemeentegrond door aanwonenden worden onderhouden alsof het een deel van hun tuin is kan worden beschouwd als een vorm van landjepik of als een voorbeeld van een win-win situatie. Er is voor de gemeente natuurlijk wel een “aandachtspunt”. Door de zaak op zijn beloop te laten bestaat de kans dat de grond door verjaring eigendom van de gebruikers wordt. Dat in combinatie met chronisch geldgebrek bij de gemeente is op gezette tijden dan aanleiding voor de gemeente om contact op te nemen met de gebruikers van die snippers groen.

Alsnog verkopen van de grond aan de gebruikers is voor de gemeente de meest afdoende aanpak. Huur, eventueel symbolisch, betalen kan ook. Het andere uiterste is dat de gemeente de grond terugneemt en zelf gaat onderhouden, maar dat middel is meestal erger dan de kwaal.  Voor verkopen en zelfs verhuren is wel de medewerking van de gebruikers nodig. Maar wat voor voordeel hebben die bij aankoop?

Waardevermeerdering van het huis? Dat geldt alleen voor huiseigenaars en in de huidige woningmarkt is het maar de vraag of je die investering terugverdient. Bovendien moet je het geld wel hebben. Kortom een complexe situatie die voor iedereen weer anders ligt en waar uiteindelijk tussen de partijen overeenstemming moet worden bereikt. Dat vereist een zorgvuldige aanpak.

In niet alle gevallen zal die overeenstemming kunnen worden bereikt en dan rest niets dan de bestaande situatie op een of andere wijze handhaven. In ieder geval is dan de verjaring weer een tijdje gestopt. Zo is het in het verleden een aantal malen gegaan.

Deze keer ging het anders.

Een inspreker tijdens de commissievergadering deelde mee dat de aanpak van de gemeente bestond uit een brief waar de betrokkenen met een soort ultimatum werd voorgehouden. Men kon  de grond kopen of de boel opruimen en de grond weer aan de gemeente laten. Er was ook een informatiebijeenkomst in Gassel. Volgens de inspreker hielp die bijeenkomst niet bepaald om bij de betrokkenen begrip voor het gemeentestandpunt op te wekken. Van de bijeenkomst is geen verslag gemaakt en dus zijn er twee versies van  het overleg: een negatieve zoals door de inspreker verwoord en een positieve van gemeentezijde.

Het interpellatiedebat
Alles bijeen voor Keerpunt 2010 aanleiding een interpellatiedebat aan te vragen en dat werd als agendapunt 22 voor deze raadsvergadering geagendeerd. Als gevolg van de omvangrijke agenda kwam dit agendapunt niet op de oorspronkelijke datum 18 februari aan de beurt maar op 25 februari. De direct betrokken wethouder bleek door familieomstandigheden verhinderd. Dat was voor de indiener van het interpellatiedebat reden om op zijn site mee te delen dat het interpellatiedebat niet zou doorgaan omdat andere collegeleden niet in staat waren het debat over te nemen. De vragen zouden schriftelijk worden beantwoord. Hij gaf belangstellenden voor juist dit punt het advies de vergadering daarom maar niet te bezoeken. Alsof de rest van de agenda niet van belang zou zijn.

Toen de voorzitter dit bij de heropening op 25 februari dit meedeelde kreeg hij direct de wind van voren. Allereerst was de agenda al een week eerder definitief door de raad vastgesteld en die kon je dus niet zo maar veranderen. De fractiegenoot van Jacques Leurs, Nel Schuts vond ook de argumentering van de onmogelijkheid voor andere collegeleden om het debat te voeren wat mager en dus bleef het agendapunt op de agenda staan.

Het debat begon met een langdurige gekrakeel (anders kan ik het niet noemen) of de raad zich niet zelf de problemen had uitgelokt. Als de raad dit punt perse in deze raad had willen behandelen had men dit punt bij het vaststellen van de agenda maar naar voren moeten. Dan had men het risico niet gelopen dat de meest betrokken wethouder bij het vervolg niet aanwezig zou zijn.  Als tegenargument werd aangevoerd dat het toch vreemd zou zijn dat het college zich niet gezamenlijk zou hebben voorbereid voor behandeling op 18 februari en dat overname dus zeer wel mogelijk moest zijn. Diverse partijen waren op het idee gekomen dat opschorten van de procedure tot er een echt debat in de raad had plaatsgevonden in de gegeven omstandigheden het best zou zijn. Wethouder Adams, die ook om zijn mening werd gevraagd, vond dat niet nodig want volgens de informatie die hij had gekregen bestond er veel instemming met de aanpak door de gemeente en was de informatieavond prima verlopen. Er waren maar enkele mensen die er moeite mee hadden. Dat veroorzaakte hilariteit op de publieke tribune bij degenen die de raad van Jacques Leurs om maar niet te komen hadden genegeerd. Ook in de gemeenteraad was een getuige die tijdens het biljarten in de Viersprong duidelijk signalen van ontevredenheid had ontvangen.

Om het college tot een time-out te bewegen zou een motie van de raad nodig zijn en dan zou het college wel zien wat ze met de motie zouden doen. En dus werd de motie aangekondigd maar tot na de pauze verschoven zodat er geen schorsing nodig zou zijn om de motie op te stellen en te verspreiden.

Behandeling van de motie
Er werd begonnen met de voortzetting van een discussie tussen de voorzitter en de heer Reijnen waarmee een deel van de raad zich “bij interruptie” bemoeide. Voor het publiek was er geen touw aan vast te knopen. Voor de voorzitter was “de vraag helder”. Ogenschijnlijk ging het over het bestemmingsplan centrum en de scheepswerf maar in feite over het uit de school klappen uit de presidiumvergadering en dat mag niet. Vervolgens werd de discussie afgekapt.

Tussenopmerking: Het presidium fungeert ook als agendacommissie en die vergadert in het openbaar. Als er uit de school is geklapt over de raadsagenda –en dat lijkt mij niet onwaarschijnlijk- dan was dat niet tegen de regels.

Voordat Mevrouw Schuts de tekst van de motie had kunnen voorlezen ontstond alweer “bij interruptie” een discussie over de geestelijke eigenaar van de motie. Iedereen wilde graag de motie ondertekenen. Dan zou het laatste besluit van deze raad eenstemmig zijn en dat zou toch prachtig zijn. Over de inhoud werd alleen opgemerkt dat die ongelukkig was geformuleerd (zie vorig verhaal). De inhoud was duidelijk: “pas op de plaats”. Zelfs over de vraag of er gestemd moest worden ontstond nog rumoer. De voorzitter kreeg het voor elkaar dat er bij handopsteken werd gestemd. Aangezien iedereen zijn hand opstak zag het er juichend uit. Dat was toch een waardig slot van de laatste werkvergadering van deze raad….vond de raad zelf.

Nawoord
De motie is weliswaar aangenomen maar de vraag is nog wel of het college het verzoek tot opschorten van de acties zal honoreren. De heer van Geest heeft nog gewezen op de duidelijke strekking maar ongelukkige formulering van de motie. Strikt genomen bevat de motie geen enkel verzoek, laat staan een opdracht. De raad gaat niet verder dan in de overweging te pleiten voor opschorten en publiceren en meedelen daarvan. Het college vergadert pas 11 maart. Voor die tijd gebeurt er niets en gaat de zaak in ieder geval gewoon door.

Ik vond het al vreemd dat het college al in mei het project had gestart en dat de inspreker vertelde dat men begin dit jaar een brief had gekregen. Wat was er in de tussentijd gebeurd? Het blijkt dat in Escharen en Velp de operatie al veel eerder daadwerkelijk is gestart en dat een minderheid zich bereid heeft verklaard te kopen. De overgrote meerderheid heeft niet gereageerd en wacht gewoon af.”Blijf zitten waar je zit en verroer je niet” was in de kindertijd al een goed advies.

In Grave West en Gassel heeft een klein aantal mensen inmiddels een brief gekregen waarop binnen drie weken moest worden gereageerd.  Ze worden voor de keus gesteld of kopen of binnen drie maanden schoon opleveren. Gezien de dagtekening van de brief –hetgeen iets anders is dan de datum van ontvangst- verloopt de termijn van reageren voor de eerstvolgende B&W-vergadering. Te kort om een eventuele financiering te regelen. Maar daar zou men volgens ambtelijke mededeling niet zo zwaar aan hoeven tillen.

Overigens is het daadwerkelijk ontruimen nog niet zo eenvoudig af te dwingen. De gemeente opereert niet als overheid, maar als grondeigenaar. Toepassen van bestuursdwang kan dan niet. De gemeente moet daarvoor een civielrechtelijke procedure volgen. Nu zal op die grond wel de bestemming “openbaar groen” rusten en dat is iets anders dan erf of tuin” en dan kan handhaving van het bestemmingsplan aan de orde komen. En dat is voor de gemeente al lang een hoofdpijndossier.

De vraag of dit nu echt een succesrijk slot van een raadsperiode kan worden genoemd beantwoord ik met “nee”, het is eerder de start van een carnavalsperiode en dat is toch ook leuk.


vrijdag 28 februari 2014

2014-9 De laatste werkvergadering van deze raad: opmerkingen vooraf

Voor de laatste werkvergadering van de gemeenteraad waren weer twee avonden nodig. Omdat Keerpunt 2010 dit al verwachtte en er op de tribune mensen waren die voor een laat punt op de agenda stonden werd de agenda flink door elkaar gehusseld. Een andere reden daarvoor was dat er nogal wat amendementen en moties werden aangekondigd. Die moesten allemaal nog worden verspreid en dat geeft sinds enige tijd problemen. Door wat verschuivingen zouden de motie- en amendementsgevoelige punten na de rookpauze aan de orde komen. Aldus geschiedde.

Maar voor ik mijn reactie op de gebeurtenissen geef even aandacht voor twee zaken waarover ik al meer een klaagzang heb gehouden.

Formulering van besluiten en wat dies meer zij.
De voorzitter maakte zich nogal druk over de formulering van moties en amendementen, die er weer in overvloed waren. Hij viel met name over de in moties gebruikelijke zinsnede “….draagt het college op….”. Waar het gaat om collegetaken zou dat “….verzoekt het college…..” moeten zijn. Het verschil is uitermate subtiel. Een motie is geen raadsbesluit. Het college kan gerust een verzoek afwijzen en een opdracht naast zich neerleggen. In beide gevallen kan de gemeenteraad de boot in.

Toch is aandacht voor formulering van moties, amendementen en besluiten geen overbodige luxe. Als je er al in slaagt een besluit van de Graafse raad terug te vinden is het vaak een raadsel wat er nu werkelijk is besloten. De besluitenlijst zou daar uitsluitsel over moeten geven. Ik heb daarom de besluitenlijst van 28 januari er maar eens bijgehaald en dan gekeken naar de besluiten over de structuurvisie. Dat begint al goed. Een voorstel om de behandeling uit te stellen naar 18 februari is met 6 stemmen voor en 8 tegen aangenomen!! Zelfs mevrouw Schuts is deze slordigheid niet opgevallen. Uit de context blijkt dat de stemverhouding goed is weergegeven en het voorstel dus is afgewezen. De structuurvisie is gewoon behandeld. Er zijn 12 amendementen ingediend waarvan er 2 zijn aangenomen. Bij één van de amendementen staakte de stemmingen. Dat zou betekenen dat de hele film alsnog naar 18 februari zou gaan. Daarvoor werd een list verzonnen. Het amendement werd alsnog ingetrokken en zo op 18 februari als initiatiefwijzigingsvoorstel worden ingediend. Of het na de stemming alsnog intrekken van een voorstel helemaal correct is betwijfel ik. De regels zijn nogal rechtlijnig en zo is de voorzitter ook vaak. Stemmen betekent “voor” of “tegen” zeggen en niets anders en bij staken moet de volgende keer worden overgestemd. Daar is ook geen alternatief voor aangegeven. Maar handig was het wel.

De ene motie was van Keerpunt 2010 en werd (dus?) afgewezen.

In het verband van deze opmerking is het belangrijker dat van de inhoud van de amendementen en de motie niets is terug te vinden. Ik heb nog op ruimtelijkeplannen.nl gekeken, want daar zou de uiteindelijke visie worden geplaatst. Maar daar heb ik niets kunnen vinden. Dat zou kunnen liggen aan de naamgeving maar de namen “structuurvisie Grave 2025” en structuurvisie 2025 “Vitale vestinggemeente aan de Maas” die ik in de stukken tegenkwam leverden niets op. Wellicht dat er nog een andere naam circuleert.

Uitsluitsel zou de opname van de vergadering moeten geven, maar dat werd me te gortig. En dat heeft te maken met de volgende opmerking.

Voldoet geluidsopname?

De vergaderingen worden opgenomen en tegenwoordig live uitgezonden. Dat is voor degenen die niet lijfelijk aanwezig kunnen zijn een uitkomst. Het is ook nuttig om later nog eens terug te horen of je aantekeningen wel kloppen. Meer gemeenten hebben inmiddels zo’n systeem. In Grave is het daarbij ook de enige –weliswaar tijdrovende- manier om terug te vinden wat er werkelijk is besloten. Dat brengt wel met zich mee dat de opname nagenoeg feilloos en makkelijk toegankelijk moet. Helaas is dat sinds de overgang naar de live-uitzending niet meer zo. Er zijn nog veel storingen en te vaak ontbreken hele gedeelten. Een luisteraar weet zo niet of er sprake is van een schorsing of een storing of gaat aan zijn eigen apparatuur morrelen (eigen ervaring). In de laatste vergadering gaf de voorzitter gelukkig een keer aan dat er een storing

Aanbeveling
De tijd tussen de laatste werkvergadering van deze raad den de eerste van de volgende raad zou nuttig kunnen worden besteed door bovengenoemde punten te verbeteren. Dat is heus niet zo moeilijk.


woensdag 29 januari 2014

2014-8 Nabeschouwing raadsvergadering 28 januari 2014

Tegenwoordig kun je de raadsvergadering ook via internet beluisteren. Er is geen beeld en dat was zeker gisteravond voor de luisteraars een gemis. Van de non-verbale communicatie viel meer te genieten dan van de gesproken teksten. Het gedoe met microfoons was werkelijk een genot voor de wat cynische bezoeker van de raadsvergadering.

Amendementen waren er bij de vleet en zoals nog steeds gebruikelijk veelal op het laatste moment ingediend. Twee amendementen lagen gelukkig bij aanvang van de vergadering op de tafel. Gezien en gehoord de reactie van de voorzitter zal aan dat gebruik wel snel een einde komen. Er was ook geklaag over stukken die raadsleden niet via de gebruikelijke weg hadden bereikt. Kennelijk waren die raadsleden niet op het idee gekomen dan maar op de openbare site te kijken. Zij hebben immers bepaald dat alle openbare raadsstukken ook op die site moeten staan. Dat hun eigen opdrachten ook wel eens correct worden uitgevoerd kwam blijkbaar niet in hen op. En ze stonden er natuurlijk wel. Dat leverde wat gegniffel op de publieke tribune op.

Nu moest de agenda worden omgegooid. De behandeling van de structuurvisie werd naar achter geschoven, zodat tijdens de pauze de amendementen konden worden vermenigvuldigd en verspreid. Dit laatste bleef beperkt tot de raadsleden zelf. De tribune moest het doen met het zogenaamde dictum dat steeds werd voorgelezen. Omdat ook de formulering van amendementen ook beter kan was het voor het publiek soms raden wat het amendement precies zou inhouden. De motivering bleef helemaal in het ongewisse.

Bij het spreekrecht herhaalden 2 insprekers hetgeen zij ook al in de commissie naar voren hadden gebracht. De vertegenwoordiger van GBB vertelde er nog bij dat GBB inmiddels 14 miljoen heeft geïnvesteerd en de gemeente 8 miljoen. Uit de brief die nog aan de raad is gestuurd blijkt dat de rechtszittingen gaan over de verrekening van de grondverkoop aan Catharinahof en de beslaglegging op het huidige tijdelijke parkeerterrein. Steeds weer nieuwe stukjes van de Wisseveldpuzzel.

De derde inspreekster ondersteunde het initiatiefvoorstel van Frank Stoffer om het leefklimaat in Grave te verbeteren, althans voor de bijen.

De overdracht van de jeugdzorg was tot A-stuk of wel hamerstuk verklaard. Ik heb wikipedia geraadpleegd en daar deze definitie gevonden.

Een hamerstuk is een te behandelen document met een voorstel om dat document goed te keuren, dat in de vergadering zonder discussie wordt aangenomen. Het wordt dan door de voorzitter "afgehamerd". De voorzitter slaat met zijn voorzittershamer op te tafel, met woorden zoals "hierbij is het stuk aangenomen"

In Grave mag er wel een stemverklaring worden afgelegd en dus wordt er wel gestemd zodat zonder discussie kan worden tegengestemd en dat is voor een volksvertegenwoordiging toch vreemd. En gediscussieerd mag ook in Grave niet. Een raadslid deed nog een poging  daartoe omdat het toch wel over een belangrijke zaak gaat waarvoor de gemeenten de verantwoording van het rijk overnemen. De poging werd door de voorzitter in de kiem gesmoord.

En zo waren we snel bij de overeenkomst met het COA over het AZC. Na de behandeling in de commissie leverde de behandeling in de raad geen nieuwe aspecten meer op. LPG, Trots en VVD warren altijd al tegen en bleven dat. Ook nadat de wethouder nogmaals had bevestigd dat de overeenkomst pas wordt ondertekend als de overdracht van de bestaande gebouwen aan BOEI is geformaliseerd. De tegenstemmers benadrukten nog eens dat door dit voorstel aan te nemen de gemeente zich verplichtte er voor te zorgen dat uitgeprocedeerde asielzoekers niet op straat komen te staan. En dat is volkomen juist.

Als intermezzo kwam toen een procedurevoorstel over het Visio aan de orde. Er was nog een vraag die volgens de voorzitter in de commissie thuis hoorde, maar waar toch het al bekende antwoord op werd gegeven. Vervolgens werd het voorstel zonder verdere discussie en stemming aangenomen; een typisch hamerstuk en in Grave dus A-stuk.

De discussie over het bestemmingsplan dat betrekking heeft op het AZC leverde geen nieuwe elementen op. De privacy bij een pand aan de Hogeweg werd nog wat beter in bescherming genomen op basis van een amendement van de heer Reijnen, die vervolgens tegen het voorstel stemde. Er was ook nog een amendement van de VPG dat voor de helft al in het amendement van de heer Reijnen zat. De andere helft bleek niet goed mogelijk. Dat amendement werd dan ook verworpen. Dus ook hier 8-6 voor.

Er was nog wat discussie over het papier waarop de heer Reijnen zijn amendement indiende. Dat droeg het logo van Trots Liberaal Land van Cuijk, een voortzetting van Trots in de huidige gemeenteraad. Dhr. Stoffer vond dat dit niet kon en hij werd bijgevallen door de heer Leurs. De hierdoor dreigende nieuwe vertraging werd gelukkig voorkomen doordat de raad niet zo zwaar aan dit misbruik van het papier van een nieuwe partij tilde. Overigen staat de heer Reijnen al op de site vermeld als vertegenwoordiger van Trots Liberaal Land van Cuijk.

En dan na de kopieer-, rook- en plaspauze de structuurvisie. Eerst werd nog een poging gedaan de behandeling uit te stellen omdat de amendementen eerst moesten worden bestudeerd. Te zien was dat uitstel voor een aanzienlijk deel van de raad een aantrekkelijke gedachte was. De voorzitter wist de neiging tot uitstel vakkundig de kop in te drukken. En waarom ook niet? Waar de amendementen over gingen was genoegzaam bekend en over een scherpe formulering heeft deze gemeenteraad van Grave zich nog nooit druk gemaakt.

Aangezien de gemeenteraad zich sinds 2002 niet meer met details maar met de grote lijnen dient bezig te houden zou je verwachten dat behandeling van dit onderwerp een demonstratie van visionair denken en handelen door de gemeenteraad zou zijn. Na de commissie was dat al niet meer te verwachten. Het werd vooral een poging om juist geen visie te geven. Tekenend vond ik daarbij dat de wethouder bij het aangeven van de betekenis van de structuurvisie begon, en niet voor het eerst, met de mededeling dat een wettelijk voorgeschreven product is. De structuurvisie is dus een “moetje”. Wel gaf hij ook aan dat een structuurvisie de richting aangeeft waarin de gemeenteraad wil. Het antwoord van de raad hierop was “alle kanten tegelijk”. Daar schiet je niet veel mee op.

Termen als “niet in beton gegoten” maar ook “bindend voor de gemeente” vlogen heen en weer. Het getal 487 kan in Grave voortaan magisch worden. Het is een hard gegeven maar de provincie kan er over een paar jaar anders aan denken. Gaandeweg de bespreking namen de irritaties toe en wel zodanig dat Trots zijn amendementen die betrekking hadden op de N321 introk. En juist op dat onderdeel had de raad van enige visie blijk kunnen geven.

De discussie was voornamelijk een herhaling van de commissievergadering die ik dus terecht al try-out voor de voorstelling noemde.

GBB had in de brief en tijdens het spreekrecht te kennen gegeven dat een eenvoudige redactionele wijziging van de tekst de kou uit de lucht zou halen. Het college betoogde dat die kou er niet was en dat de redactionele wijziging dus niet nodig was. Bij dat soort voorstellen moet je altijd kijken of het omgekeerde niet van toepassing is; dus dat de gemeente zich aan die redactionele wijziging juist de vingers zou branden. Dat heeft het college niet gedaan.

Het advies van de commissie Ruimtelijke kwaliteit dat volgens het raadsvoorstel positief was hoorde nu tot de bijgevoegde stukken. De conclusie is een letterlijk citaat waard:

“De commissie is gematigd positief. Inhoudelijke wijzigingen zijn gezien het tijdstip van behandeling in de procedure niet meer mogelijk. Geadviseerd wordt bij de verdere uitwerking van de plannen voortvloeiend uit structuurvisie rekening te houden met de gemaakte opmerkingen”

Ik vind het nogal gedurfd dit in een raadsvoorstel een positief advies te noemen.

Door regelmatig “bij interruptie” het woord te nemen kon de discussie tot 2 termijnen worden beperkt en worden overgegaan tot stemming over de 12 amendementen, waarvan enkelen elkaar overlapten.

Aangezien de meeste amendementen de publieke tribune niet hebben bereikt waag ik me niet aan commentaar op de inhoud. Veel nieuwe aspecten zaten er niet in. Het eerste amendement was waarschijnlijk ook bedoeld om het venijn bij GBB weg te nemen.

Tot mijn verbazing en ergernis werd de verwijzing naar mogelijke maatregelen ter bescherming van ons woon- en leefgebied tegen overstromingen uit de visie verwijderd. Als er iets zeker is dan is het dat ook de gemeente Grave, als Maasgemeente, daarbij betrokken zal zijn en dat het invloed op ons zal hebben. In een structuurvisie hoort het dus thuis.  In de volgende raadsvergadering komt dat onderwerp weer aan de orde.

De stemming over de amendementen verliep volgens de wet van Murphy. Omdat de nestor Piet Vollenberg afwezig was waren er steeds 14 stemmen te tellen en dan is 7-7 een mogelijke uitslag. Bij de tweede stemming was het raak.  Het amendement ging bovendien over een zaak die al in het eerste inmiddels aangenomen amendement verwerkt was. Ja , en dan moet eigenlijk de rest worden uitgesteld tot de volgende vergadering. De voorzitter verzon een list die werd geaccepteerd. Over de rest en het voorstel zou gewoon worden gestemd en in de volgende raadsvergadering (18 februari) kon dan opnieuw over dat amendement worden gestemd.

De uitgeklede structuurvisie werd na een vergeefse poging Keerpunt 2010 te verleiden het resterende amendement in te trekken  tenslotte met 9-5 aangenomen. Daarop werd de vergadering geschorst tot 4 februari voorafgaand aan de commissie  Ruimte waarvoor met vooruitziende blik het eindtijdstip al op 23:00 uur was bepaald.

Slotopmerkingen
De manoeuvre voorlopig te stemmen over het totale voorstel is volgens mij tegen de regels. Het al of niet aannemen van een amendement kan van invloed zijn op het stemgedrag over het geamendeerde voorstel. Aannemen van een amendement kan een tegenstander tot alsnog voorstemmen brengen (hoeft niet, zie de stemming over het bestemmingsplan) en omgekeerd. Die mogelijkheid is nu ontnomen. Praktisch was de handelwijze wel. Het betrokken amendement zal wel worden verworpen en dan is er niets aan de hand.

Op de agenda en dus uitgesteld tot volgende week staat ook het in leven roepen van een werkgroep uit de raad die een takendiscussie moet voorbereiden. De fracties hadden daarvoor kandidaten moeten opgeven. Blijkbaar heeft slechts één fractie dat gedaan. Het is dus maar goed dat dit punt is uitgesteld anders had de raad zich weer eens geblameerd.

Opvallend vond ik dat bij de stemming over de structuurvisie de scheidslijn tussen voor en tegenstemmers dwars door de fracties liep. In zowel CDA, LPG als VPG werd verdeeld gestemd.  Mensen zitten samen in een fractie omdat ze het over de hoofdlijnen van het bestuur eens zijn. Een structuurvisie kan je toch wel een hoofdlijn noemen. In Grave blijkbaar niet.

Nu kan ik me voorstellen dat op de lange duur in een fractie een diep verschil van inzicht naar buiten komt. We hebben zo gezien dat Frank Stoffer afscheid van VPGrave heeft genomen, maar dat personen die van plan zijn vanaf 19 maart tot één fractie te behoren verdeeld stemmen over de structuurvisie vind ik hoogst merkwaardig. Frank Stoffer en Keerpunt 2010 gaven trouwens de gehele vergadering weinig blijk van eensgezindheid.




2014-7 De burgemeester heeft gebeld

Hij belde niet met mij maar met de redactie van de Graafsche Courant. Het onderwerp was Handhaving: een noodzaak.

Bij de bespreking van de vergadering van de commissie Inwoners en bestuur schreef ik het vreemd te vinden dat de rapporten van de rekenkamer over het leerlingenvervoer en de handhaving niet in de raadsvergadering behandeld zouden worden. De rapporten waren toch aan de raad gericht en de raad zou moeten zeggen wat er mee gebeurt. En daarvoor is de gemeenteraadsvergadering de plaats en de tijd.

In het gesprek met de Graafsche Courant van deze week - die tegenwoordig in tegenstelling tot de Maasdriehoek keurig op dinsdag in de brievenbus valt- kwam het rapport van de rekenkamer over dat onderwerp aan de orde. Hij zei dat hij graag met de raad in discussie was gegaan over dat rapport. Die discussie is er niet geweest. Het rapport is in de commissie Inwoners en Bestuur besproken. Maar commissies zijn, volgens de Graafse raad zelf, alleen bedoeld om vragen te stellen en liefst beantwoord te krijgen. Het vervolg van het telefoongesprek maakt veel duidelijk. De burgemeester zegt in het telefoongesprek dat het college de opmerkingen van de rekenkamer onderschrijft en dat het college uit zichzelf met een voorstel komt om de aanbevelingen van de rekenkamer in het handhavingsbeleid te verwerken. Dat voorstel komt wel in de raad en zo wordt het rapport besproken compleet met oplossing. Dat is natuurlijk een veel betere aanpak dan de houding tot nog toe van : “raad het rapport is aan jullie gericht, dus zeg het maar”. De ervaring heeft geleerd dat dit tot niets leidt. Nu is er hoop op concrete aanpak.

In de commissie kwam de burgemeester met de metafoor dat hij door de raad naar Barcelona was gestuurd, maar slechts benzinegeld kreeg tot Parijs. In de krant staat de door de commissie aangepaste versie. In Barcelona wilde hij naar de Sacrade Familia en kwam met het geld van de raad niet verder dan de Eifeltoren. De commissie veranderde dat doel in Sacre Coeur. Dat is tenminste ook een kerk.

Ik wijd een beetje uit over deze metafoor omdat er toch wel iets achter zit. De burgemeester bedoelde natuurlijk dat, als je de handhaving wil verbeteren je daarvoor voldoende middelen moet geven anders kom je maar halverwege. In het voorstel dat binnenkort(?) naar de raad gaat zit dus ongetwijfeld een financiële paragraaf. Uit de reactie van de commissie waarbij alleen het doel in Parijs werd veranderd zou je kunnen afleiden dat wat het college ook wil de raad Parijs mooi genoeg vindt.


Gelukkig zal er wel niet zo diep zijn nagedacht. De keus zal wel Barcelona of thuis blijven worden.

donderdag 23 januari 2014

2014-6 Nabeschouwing commissie Inwoners en Bestuur 21 januari 2014

Alhoewel de vergadering pas tegen 22:30 uur werd beëindigd gebeurde er weinig schokkends. Zoals te verwachten verloopt het daadwerkelijk samenvoegen van de ambtelijke apparaten niet helemaal vlekkeloos. Ook de raadsleden hebben last van de onvermijdelijke kinderziekten. Maar de belofte dat die zo snel mogelijk zouden worden genezen was voldoende en het bleek dat van die ziektes niet echt veel last werd ondervonden. Er werd door de commissie dan ook meer geluisterd dan overlegd.
Er waren geen aanmerkingen op de afsprakenlijst en geen insprekers. Dat was met het oog op het AZC wat verrassend, maar wellicht dat inspreken bij de raadsvergadering zinvoller wordt geacht.

Dus kon na goed vijf minuten met het echte werk worden begonnen.
Het rekenkamerrapport leerlingenvervoer ontving brede lof en de aanbevelingen werden ter harte genomen. Er waren nog wat vragen, met name van LPG-zijde, maar het tempo waarin die vragen werden gesteld was hoger dan het schrijftempo van de wethouder. Hij krijgt nu de gelegenheid de vragen schriftelijk te beantwoorden en dus kon na nog geen 20 minuten de plaatsvervangend plaatsvervangend voorzitter de hamvraag stellen: A- of B-stuk. Maar die vraag was overbodig. Het rapport komt in de raadsvergadering helemaal niet aan de orde. Dat was in ieder geval voor mij een verrassing. Ik heb het net nog even nagekeken (donderdag 23 januari 17:00 uur). Op de officiële website van de gemeente gepubliceerde agenda staat het rapport punt 8 het rapport geagendeerd. Volgens het reglement moet dit de echte agenda zijn. Ik vind niet behandelen vreemd want het rapport is aan de gemeenteraad gericht en die zal, al is het maar beleefdheidshalve, moeten zeggen wat er mee gebeurt. Het kwam elders in de vergadering nog eens aan de orde dat de commissie wel vragen stelt, maar geen beslissingen neemt; dat is aan de gemeenteraad voorbehouden. Het rapport verdwijnt nu in de bestuurlijke mist.

Hetzelfde geldt voor het rekenkamerrapport handhaving. Ook hier vond de commissie dat de aanbevelingen moeten worden opgevolgd. Maar zoals gezegd; de mening van de commissie is geen uitspraak van de raad. Maar wellicht gaat men er van uit dat het college, dat voornamelijk verantwoordelijk is voor de uitvoering, de aanbevelingen wel uit zich zelf overneemt. Dat geloof ik ook wel, maar daarmee wordt weer een argument aangevoerd voor de stelling dat de gemeenteraad van Grave overbodig is.

Ik zie nog wel een adder onder het gras. Er werd een vraag gesteld over de nog steeds aanwezige achterstand bij de handhaving ruimtelijke ordening. De raad heeft tot drie keer toe geweigerd het door het college nodig geachte krediet te verlenen. Die achterstand had op 1 januari 2014 moeten zijn ingehaald en dat is dus niet gelukt. Gelet op de uitspraak van de portefeuillehouder, in dit geval de burgemeester, voeg ik er “bij lange na niet” aan toe. De gemeente Grave is nog steeds verantwoordelijk voor die inhaalmanoeuvre. Op de vraag of dat zou lukken antwoordde de burgemeester met een metafoor: “Als u mij naar Barcelona stuurt, maar mij maar geld voor benzine tot Parijs meegeeft kom ik niet bij de Sagrada Familia, maar bij de Eifeltoren”. De commissie kwam niet verder dan de aanbeveling in plaats van naar de Eifeltoren, maar naar een andere kerk te gaan. Dat schiet niet echt op. Bovendien kun je naar Barcelona veel beter via Luxemburg rijden. Dat is korter je kunt er nog goedkoop tanken ook. Maar de bedoeling van de vergelijking, nogmaals duidelijk maken dat voor het uitvoeren van de wens van de raad meer geld nodig is, is kennelijk niet overgekomen. Ook dit rapport verdwijnt in de bestuurlijke mist. Er is nog een herkansing mogelijk Op de commissieagenda staat ook nog de aftrap voor (weer) een takendiscussie. En dat hier nog een taak voor de gemeente ligt staat boven kijf.

Vervolgens kwam het aangaan van een bestuursovereenkomst met het COA aan de orde was. Volgens die overeenkomst zal het AZC nog 18 jaar in Grave gevestigd blijven. Er werden nog wat toelichting gevraagd die afdoende werd gegeven. Eigenlijk waren er maar twee inhoudelijke punten.

Het eerste punt is de vraag wat er moet gebeuren met asielzoekers die eigenlijk naar het land van herkomst moeten, maar dat niet kunnen. Die worden op straat gezet.
In de commissie was men het roerend over eens dat op straat zetten geen fatsoenlijke optie is en dus moet worden voorkomen. De wijze waarop dit werd gezegd gaf wel te denken. Degenen die in juni 2010 hadden voorgestemd waren duidelijk dat moet worden voorkomen en als het rijk dit niet doet zal de gemeente mee moeten werken aan een opvangmogelijkheid. In november 2013 is daar ook een motie over aangenomen. De toenmalige tegenstemmers - LPG, VVD en Trots – formuleerden het wat cryptisch: “degenen die straks gaan voorstemmen moeten beseffen  dat de gemeente bij uitzetten voor opvang moet zorgen”.

Ook het onderwijs en de dagbesteding in het algemeen kregen aandacht. In beide gevallen is het niet zozeer een zaak tussen gemeente en COA en gemeente, maar tussen rijk en gemeente. De overeenkomst die nu aan de orde is regelt alleen de zaken tussen COA en gemeente. Zo kwam uit de commissie naar voren dat nu eigenlijk een extra voorwaarde werd toegevoegd. Het college toonde zich bereid zich in te zetten deze kwestie naar de wens van de raad geregeld te krijgen. Met name  bij de problematiek van uitgezette personen werd dit nog eens benadrukt. Er is daarover al overleg gaande.

Vanuit de VVD kwam het verrassende voorstel het onderwerp tot A-stuk te benoemen. Dat zou betekenen dat het zonder nadere discussie en hoofdelijke stemming zou worden aangenomen. Dat is tenminste de gebruikelijke uitleg van het begrip A-stuk, ook wel hamerstuk genoemd. Het reglement van de gemeente Grave zegt hier echter niets over. Ik denk daarom dat als het aan de VVD ligt direct tot stemming kan worden overgegaan. Aangezien er toch een commissielid was dat er nader over wilde praten wordt het toch een B-stuk. Daarmee is in ieder geval voor dan een discussie over het begrip A- of B- stuk voorkomen.

In goed overleg werd vervolgens de gebruikelijke rook- en plaspauze vervroegd zodat iedereen opgefrist aan de volgende punten kon beginnen.

Na de pauze kwam een extra ingelaste toelichting op de voorstellen over de Transitie Jeugdzorg aan de orde. Het rijk heeft de jeugdzorg gedecentraliseerd en de gemeenten daarvoor verantwoordelijk gemaakt. Die taak is zo gecompliceerd en omvangrijk dat in onze contreien 19 gemeenten moeten samenwerken –dan dan natuurlijk synchroon- om het op verantwoorde wijze te kunnen  doen. Daarmee is bijna 25% van onze provincie gedekt.

De presentatie maakte veel duidelijk over de wijze waarop het zal worden aangepakt. Er werd een keurige opsomming gegeven van hetgeen waar de gemeenteraad van Grave ja-en amen tegen moet zeggen. U begrijpt dat dit mijn interpretatie is en niet die van de commissie. Dat de commissie uiteindelijk besloot dit voorstel tot een A-stuk te bestempelen past overigens wel in mijn interpretatie. En toch vind ik dat jammer. Het rijk heeft nu eenmaal het besluit genomen de gemeenten met die taak te belasten en het valt in ieder geval de commissie te prijzen dat de zaak wel serieus wordt besproken maar dat wordt geaccepteerd wat in de samenwerking tot stand is gekomen. Zoiets zou ook in de raadsvergadering zelf wel tot uiting mogen komen. Dat is immers het forum waarin het beleid dat in Grave van kracht is wordt bepaald. En dat geldt ook voor het beleid waar de raad van Grave feitelijk niets heeft in te brengen.

Daarna werd nog een kwartier gesproken over het voorstel van het college leden van een werkgroep te benomen die een discussie moet voorbereiden over hetgeen de gemeente wel en niet voor zijn inwoners gaat doen (takendiscussie en herijking gemeentelijk takenpakket). De randvoorwaarde is wel dat de discussie een positief saldo voor de gemeente oplevert dat oploopt van € 1.200.000 in 2015 tot € 1.978.000 in 2017 (bron begroting 2014-2017). Om te beginnen zal in 2014 ook nog een € 608.000 moeten worden gevonden. De discussie mag dan door de nieuwe raad worden gevoerd. De animo om in die werkgroep zitting te nemen was niet groot; “ik ben voor die werkgroep als ik er zelf niet in hoef” was daarbij de sterkste uitspraak. Wij willen niet over ons graf heen regeren was een wat mildere maar volkomen verkeerde uitlating. Het gaat immers niet zozeer om de nieuwe raad voor te schrijven wat die moet gaan doen maar veel meer om het achterlaten van een in ieder geval geordende rommel.

Ik ben benieuwd wie deze klus gaan klaren. Eigenlijk is het een onmogelijke taak om voor 1 juni de financiën van onze gemeente weer op orde te hebben. Toch zal een weg uit dit moeras moeten worden gevonden. Blij was daarom de commissie dat ambtelijke steun wordt gegeven. Toch nog wat.

De resterende tijd werd besteed aan een reeks vragen Dat leverde nog wat interessante informatie op. Voor Hartenaas is een koper en als dat doorgaat kan die school meedoen aan de brede school. Met de VVV-vrijwilligers is overleg gaande.

Er kwam ook nog naar voren dat er een brief is van de provincie over de begroting. Het blijkt dat de gemeente onder repressief toezicht van de provincie gaat vallen en dat de wethouder daar blij mis is. Dat betekent dat de provincie een aantal uitgaven van de gemeente vooraf wil goedkeuren. En dat heeft de gemeenteraad van Grave altijd, desnoods met kunst- en vliegwerk, willen voorkomen. Ik heb het nog eens extra afgeluisterd en het is echt zo. Nou wil ik die brief van de provincie ook wel eens zien.


zaterdag 18 januari 2014

2014-05 Commissie Inwoners en Bestuur 21 januari


Na de vaste punten is het rekenkamerrapport leerlingenvervoer Grave
als eerste aan de beurt. Dat rapport is in oktober aangeboden. Anders dan het agendapunt suggereert heeft het betrekking op de gemeenten Cuijk, Grave en St. Anthonis. (weer een ander samenwerkingsverband in het Land van Cuijk). De betrokkenheid van onze gemeente bij het rapport was minimaal. In de vergadering van oktober is afgesproken is dat het rapport in commissieverband besproken wordt alvorens in de raad wordt besloten wat er mee gebeurt. De stukken die in oktober waren bijgevoegd zijn er nu weer ongewijzigd bij. Van enige voorbereiding op de discussie heb ik niets kunnen merken. Bij de presentatie van het rapport gaf ik als mijn mening dat het “uit de pan rijzen” van de kosten eerder is te wijten aan de rijksregelingen dan aan de wijze waarop de gemeenten met ermee omspringen. Dat een complexe aanbestedingsprocedure garantie biedt voor lage kosten is al jarenlang een hardnekkig misverstand. We zullen het verder wel horen. Het rapport is geagendeerd voor de raadsvergadering van 28 januari.

Tussenopmerking
Geheel volgens het reglement zijn de agenda en stukken voor die raadsvergadering op de site beschikbaar. Volgens het eigen reglement van de raad zou die agenda in een openbare vergadering door de agendacommissie (= presidium) moeten zijn vastgesteld. Van een dergelijke vergadering heb ik niets gemerkt. Bij navraag bleek die al op 23 december te zijn gehouden. Kennelijk is vergeten die vergadering ook aan te kondigen. De agendacommissie heeft blijkbaar die agenda vastgesteld zonder over de stukken te beschikken. Dat lijkt mij niet echt zinvol.
Gelukkig is er inmiddels ook een vergaderschema voor het hele jaar met een paar verrassende elementen. Ik neem aan dat het schema spoedig wordt gepubliceerd.

Ook het rekenkamerrapport Handhaving, dit keer wel van toepassing voor Grave alleen, is in oktober aangeboden en toegelicht. Toen sprak ik de verwachting uit dat de uitkomst van de beraadslaging wel zou zijn dat de samenwerking in CGM-verband zou voorkomen dat er opnieuw een achterstand gaat ontstaan. De laatste tijd hebben we niets meer gehoord over de stand van zaken. Misschien horen we in de vergadering of de bestaande achterstand het laatste half jaar is afgenomen of juist niet.

Hierna is het aangaan van een meerjarige bestuursovereenkomst met het COA aan de orde. In juni 2010 heeft de raad al besloten in te stemmen met een langdurig verblijf van het AZC als aan dertien voorwaarden zou zijn voldaan. Eigenlijk gaat de discussie daarom uitsluitend over de vraag of aan die dertien voorwaarden daadwerkelijk is voldaan, zoals het college in het voorstel stelt.  Dit beoordelen houdt echter wat meer in dan afstrepen van afgewerkte klusjes. Aan de voorwaarde dat de vrijkomende gebouwen moeten worden hergebruikt kan bovendien alleen worden voldaan als het nieuwe AZC klaar is. Het gaat dus ook om de vraag of de raad voldoende vertrouwen heeft in die ontwikkeling. En dan wordt het voor degenen die indertijd tegen hebben gestemd (de uitslag was 8-7 voor) verleidelijk om niet uit te gaan van het eenmaal genomen besluit, maar opnieuw de discussie uit 2010 te gaan voeren. En dat is bestuurlijk gezien niet de bedoeling. Er zullen mogelijk ook wel weer insprekers zijn. 

Het Functioneel Ontwerp Transitie Jeugdzorg en het Regionaal Transitie-arrangement Noord-Oost zijn 2 raadsvoorstellen die als eenheid worden behandeld. Het gaat om de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeenten. (de vertaling van decentralisatie is “afschuiven met te weinig geld”). Omdat deze materie te ingewikkeld is voor een gemeente met een omvang van Grave en nog veel groter, is hiervoor een samenwerkingsverband van 19 gemeenten in noordoost Brabant opgericht. Daarbij horen ook plaatsen als Den Bosch, Oss, Uden en Veghel. De invloed van Grave is dus 0, en een heel klein beetje. De bestuurlijke organisatie van Nederland moet hoognodig op de schop en dat los je niet alleen op door stomweg grotere gemeenten te maken. Maar dat is een ander onderwerp. Mijn advies is nu “niet mee bemoeien”. Een van de voorstellen suggereert dat tussen de regels ook, en wel in de communicatieparagraaf.

Ik vind het wel vreemd dat er 2 raadsvoorstellen voor zijn gemaakt. Dat had toch ook wel in één overzichtelijk verhaal gekund. Daarom is het toch wel aardig om de financiële paragraaf uit beide voorstellen hier over te nemen. Ze zijn ook maar kort.

Financiën.
Op dit moment is de beschikbare informatie onvoldoende om exact aan te kunnen geven wat de financiële consequenties van de gemaakte keuzes zullen zijn. Voor een nadere toelichting op budgetten en volumes wordt verwezen naar de bijlagen bij het voorstel.

Financiën
Door het inzetten van de huidige gemeentelijke middelen jeugdtaken en de decentralisatie-uitkering jeugdzorg kan het nieuwe jeugdzorgstelsel bekostigd worden.

Als laatste punt komt een raadsvoorstel aan de orde dat op 7 januari door het college is vastgesteld en zou worden doorgestuurd naar de agendacommissie voor behandeling in de raad van 28 januari. Die agendacommissie is er niet geweest en toch staat het voorstel op de agenda van 28 januari.

Het gaat om de planning van de takendiscussie en herijking van het gemeentelijk takenpakket. Allereerst wordt volgens mij hier 2 keer hetzelfde bedoeld, maar misschien is dat gedaan om het belang van de operatie aan te geven. Mijn eerste reactie was: “nee, toch niet alweer”. Maar het is wel zo. In de begroting is weer een flinke bezuiniging verwerkt en die zal moeten worden waar gemaakt. Minder geld uitgeven betekent minder doen en de vraag wat er minder wordt gedaan ligt dan voor de hand.

Het is de bedoeling dat er nu een werkgroep uit de raad komt die een “programma van eisen” voor die takendiscussie/herijking takenpakket gaat opstellen. Dat programma moet op 18 februari in de raadsvergadering worden besproken en vastgesteld. Het voorstel moet dan op 7 februari zijn gepubliceerd. Voor commissiebehandeling is dan geen tijd. De nieuwe raad moet op basis van het raadsbesluit de takendiscussie gaan voeren en moet daar zo snel mee klaar zijn dat de herijking in de raadsvergadering van 8 juli kan worden vastgesteld.

Dit is naar mijn mening een volstrekt onmogelijke planning, tenminste als je de operatie serieus neemt. Het verleden heeft toch wel geleerd dat takendiscussies of hoe je ze ook noemen wilt voor een gemeenteraad heel moeilijk zijn. Tot nu toe is het resultaat steeds geweest dat de discussie verzandde en er een beetje met de botte bijl werd bezuinigd. Vervolgens werden de bezuinigingen maar voor een deel gerealiseerd.

Als er één operatie is die de bevolking direct raak is het wel deze. Het gaat er immers om wat de gemeente nog voor de burgers wil en kan betekenen. Daarom moeten de burgers ook bij de operatie worden ingeschakeld. De vraag wat de burgers van de gemeente willen en wat ze er voor over hebben moet door de burgers zelf worden beantwoord. Alleen is een betrouwbaar antwoord dat ook door die burgers wordt geaccepteerd niet zo makkelijk te verkrijgen. Het stomweg houden van een referendum is daarvoor geen goed middel.

Mij ontgaat ook waarom voor het starten van de operatie zoals die nu wordt voorgesteld een raadsbesluit nodig is. Dat had toch ook gewoon in een werkbespreking gekund. Had weer een paar weken gescheeld.


Dat er iets moet gebeuren op dit vlak is wel duidelijk. In het voorstel is al opgenomen dat de eerstvolgende kadernota ook al weer een formaliteit wordt. Zo dringt de eerste taak die kan worden geschrapt zich al op. Wat zou het schrappen van de taak Grave te besturen financieel  opleveren?

vrijdag 17 januari 2014

2014-04 Foutje raadsagenda 20140128

De agenda voor de raadsvergadering van 28 januari staat keurig op tijd op de website. Er is echter een toch wel storende fout.


Bij agendapunt 11 is 2 keer hetzelfde stuk bijgevoegd. Een maal met de naam “RV Vaststellen Regionaal Transitie-arrangement” en eenmaal met de naam “Vaststellen Regionaal Transitiearrangement”. Dat laatste had moeten zijn “RV Functioneel Transitie Jeugdzorg”. Dit voorstel is wel te vinden bij de agenda voor de commissievergadering van 21 januari

2014-03 Commissie ruimte 14 januari 2014; nabeschouwing.

Op de agenda stonden 2 inhoudelijke onderwerpen: de structuurvisie voor de gehele gemeente en het bestemmingsplan “Generaal de Bonskazerne Velp”. De eveneens aangekondigde presentatie over het beheerkwaliteitplan (groen) voor CGM werd van de agenda afgevoerd. Dat bleek gezien het verloop van de vergadering, die nu precies om 22:30 uur kon worden beëindigd, verstandig. Toch was het jammer want ik zou wel eens willen weten wat een beheerkwaliteitplan is. Ook mijn spellingscontrole weet er geen weg mee.
Maar voor aan deze punten kon worden begonnen waren er de traditionele vragen van mevrouw Schuts naar aanleiding van de afsprakenlijst. 

Gedurende drie kwartier insprekers konden we horen dat het vooroverleg over zowel structuurvisie als bestemmingsplan AZC (laat ik het maar zo noemen want daar gaat het om) in ieder geval voor de insprekers niet naar behoren was verlopen. Afspraken waren niet nagekomen, toezeggingen niet gehonoreerd en ongewenste zaken ingeschoven. Van ingediende zienswijzen maakt het college zich volgens de insprekers met een Jantje van Leiden af.

Het Wisseveld in de structuurvisie
Opvallend was de inbreng door de heer van der Heijden van GBB over de structuurvisie. Zijn brief over het woningbouwprogramma, zoals in de structuurvisie verwerkt,  was aanleiding om het hele onderwerp in de vorige cyclus van de agenda af te voeren. Ik heb mijn verbazing over het ongewijzigd weer op de agenda plaatsen al uitgesproken. De heer van der Heijden maakt nog eens duidelijk dat de gemeente zich in 2005 met handen en voeten aan GBB had verbonden. Deze overeenkomst is weliswaar door het toenmalige college aangegaan, maar pas nadat die door de gemeenteraad was goedgekeurd. Volgens die overeenkomst zouden gemeente en GBB voor gezamenlijk risico op het Wisseveld 420 woningen binnendijks en 50 à 100 buitendijks (voormalige betoncentrale). In totaal dus rond 500 woningen. Het hele woningbouwprogramma voorziet in 470 woningen verspreid over de hele gemeente. Dat betekent dus aanzienlijk minder woningen op het Wisseveld. Het gevolg is minder omzet en zeker minder winst voor de combinatie GBB-gemeente. Met GBB kan best worden gepraat over vermindering van het bouwprogramma, maar dan zal ook de gemeente een deel van de strop moeten dragen. Zo kwam de inbreng van GBB tijdens het spreekrecht op mij over.

Ook vertelde hij dat er twee rechtszaken lopen tussen GBB en de gemeente. Één over de samenwerkingsovereenkomst en één over het beslag dat GBB heeft laten leggen op het terrein tussen Koninginnedijk en Oranjebastion, dat nu als parkeerterrein in gebruik is. De gemeente wil voor dat gebied kennelijk met een andere ontwikkelaar in zee en dat zou in strijd zijn met de samenwerkingsovereenkomst GBB-gemeente. GBB is nu bezig spoorslags met een eigen plan voor dit gebied te komen. Dat kan nog leuk worden.

Door de commissie werd niet ingegaan op de betekenis van deze problematiek voor de structuurvisie. Op vragen over de consequenties van uitstel van behandeling van de structuurvisie en de mogelijke duur van de procesgang werd niet ingegaan. In het verloop van de avond bleek dat er de vorige avond een werkbijeenkomst van de raad is geweest over dit onderwerp. Mogelijk dat de commissie er daarom maar niet inhoudelijk op in ging. Op de samenwerkingsovereenkomst rust overigens nog steeds een geheimhoudingsplicht. Volgens mij is GBB niet aan die geheimhoudingsplicht onderworpen.

De rest van de structuurvisie
Eigenlijk is de commissievergadering niet meer dan een try-out. De eigenlijke voorstelling vindt in de raad plaats. In de theaterwereld is het gebruikelijk pas een echte inhoudelijke recensie te geven op basis van de echte voorstelling. Ik ga daarom nu niet in op de inhoudelijke kanten van het besprokene. Een sfeerbeeld is mooi genoeg.

Daarbij trof mij vooral de matte wijze waarop namens het college de structuurvisie werd verdedigd. Er is toch veel tijd en dus ook geld aan besteed en dan zou je verwachten dat het college vierkant staat achter hetgeen in de structuurvisie is opgeschreven. Op iedere kritiek was uiteindelijk de conclusie: als jullie het anders willen dan dien je maar een amendement in. En dat zal dan ook wel gebeuren. Hierbij verscheen van VVD-zijde (ere wie ere toekomt) een lichtpuntje. Ik zet het daarom in hoofdletters.

AFGESPROKEN IS DAT AMENDEMENTEN ZO SPOEDIG MOGELIJK WORDEN INGEDIEND EN VERSPREID ZODAT DE FRACTIES ZICH HIEROP KUNNEN VOORBEREIDEN.

Ik vertrouw erop dat ze ook op de website komen. Als de indieners van zienswijzen daarover  een seintje krijgen zijn ze wellicht niet genoodzaakt hun betoog tijdens het spreekrecht in de raadsvergadering nogmaals te herhalen.

Hoofdonderwerpen waren de dorpskern van Velp, het mogelijke landgoed bij Oud-Velp, Hof van Esteren en nog een individueel plannetje. Visio, eventuele maatregelen tegen hoogwateroverlast en de N321 kwamen ook nog even ter sprake.

Er werd aan de wethouder, die het college vertegenwoordigde, een hele reeks vragen voorgelegd. Op iedere vraag kwam van die wethouder een uitgebreid betoog. Een concreet antwoord moest daarin worden gezocht, maar dat lukte lang niet altijd. Uiteindelijk ging mevrouw Schuts in een derde poging de volgens haar nog niet beantwoorde vragen maar één voor één stellen waarop dan direct kon worden geantwoord.

De reactie vanuit het college kon in twee groepen worden verdeeld. Als een fractie iets in de visie wilde zien vastgelegd of een fout wilde laten hestellen was de reactie dat de structuurvisie niemand juridisch bindt en alles bij de uitwerking kon worden veranderd. Als men iets uit de visie wilde verwijderen werd de redenatie dat de structuurvisie weergeeft wat het idee van de gemeente is en dat het dus goed was dit in de visie op te nemen. Zelfs toen voor bijna iedereen duidelijk werd aangetoond dat bouw van drie vrijstaande woningen in de kern van Velp op een klein lapje grond gewoon onmogelijk is hield hij vast aan zijn stelling dat dit later bij de uitwerking wel zou blijken. Toen begon ik mij af te vragen of het college zelf de structuurvisie wel serieus neemt.

De vragen over de maatregelen die het waterschap mogelijk ook in onze gemeente moet nemen om Nederland hoogwaterbestendig te maken werden afgedaan met de opmerking dat deze voorstellen uit de koker van het waterschap kwamen en dat het de raad vrij stond ze uit de visie te verwijderen.

Het is waar dat de structuurvisie derden niet bindt. Voor de gemeente zelf is het geen vrijblijvend verhaal. Een structuurvisie is verplicht en voor de gemeente wel bindend. De provincie toetst bestemmingsplannen aan de structuurvisie. Natuurlijk zijn afwijkingen mogelijk. Maar als die niet noodzakelijk zijn geworden door veranderende omstandigheden sinds het vaststellen van de structuurvisie zal de gemeente er een hele hijs aan hebben dat bij de provincie voor elkaar te krijgen. Het is hoop ik toch wel de bedoeling dat de structuurvisie die de gemeenteraad van Grave gaat vaststellen door provincie en andere partners serieus wordt genomen

Ik ben benieuwd of dat over veertien dagen lukt. Daarom spijt het mij dat het antwoord op de vraag van de VVD wat de consequenties zijn van uitstellen van de besluitvorming mij kennelijk is ontgaan.

Bestemmingsplan AZC
Veel van de vragen en opmerkingen uit de commissie hadden meer betrekking op het AZC zelf. Dat onderwerp is voor de commissie Inwoners en Bestuur volgende week. Ook hier waren nog opmerkingen over zaken die wel waren toegezegd, maar niet in het bestemmingsplan vastgelegd. Omdat als het bestemmingsplan meer dan 2 verdiepingen toestaat niet kan een derde verdieping  niet worden tegengehouden met de opmerking dat de afspraak was dat er 2 verdiepingen zouden komen. Dat is één voorbeeld. Ook hier is dus nog wel wat reparatiewerk nodig. Dat kan weliswaar in een bezwaar- en beroepsprocedureprocedure, maar zo zou het niet moeten. De discussie in de raadsvergadering zal uitwijzen of het lukt.

Vragen…
Geen vragen want daarvoor was geen tijd meer. Die worden nu schriftelijk gesteld en beantwoord. We kunnen ze op de website zien. Iedere dag maar even kijken dus.


zondag 12 januari 2014

2014-2 Commissie Ruimte 14 januari

NB Op één of andere wijze is onderstaand verhaal wel als concept bewaard maar niet gepubliceerd. Bij deze alsnog een week later. Mijn excuses.
Enkele bijlagen zijn nog steeds 13 januari 9:00 uur) niet bijgevoegd.

Commissie Ruimte 14 januari

De stukken voor deze vergadering zijn inmiddels op de gemeentelijke website beschikbaar( http://www.grave.nl/internet/vergaderingen_231/item/vergadering-raadscommissie-ruimte_1373.html  ). Dat is keurig op tijd.

Er staat wel bij dat nog niet alle bijlagen beschikbaar zijn, maar ik neem toch aan dat wat wel op de site staat ook de laatste versie is. Helemaal zeker is dat in Grave nog steeds niet.

 De agenda procedureel

Opvallend is dat de directe verbinding tussen hetgeen op de commissieagenda staat ook op de raadsagenda verschijnt is verdwenen. Een paar keer is aan de orde geweest dat in de commissie een punt niet van de raadsagenda kon worden afgehaald omdat het presidium nu eenmaal de agenda vaststelt. Dit bleek heel duidelijk in de vorige cyclus toen de commissie Ruimte weigerde de structuurvisie te bespreken omdat er een lelijke brief van GBB was verschenen (alleen aan de raadsleden). Desondanks stond het punt zonder enige aanvulling op de raadsagenda. Daarbij werd wel vermeld dat het punt waarschijnlijk door de raad van de agenda zou worden afgevoerd. Een volkomen zotte situatie. Onlangs werd bij de concerten van Anouk tenminste van te voren meegedeeld dat je niet hoefde te komen. Veronderstel dat dit bij het begin van het concert zou zijn meegedeeld.

Sinds kort vergadert het presidium om de raadsagenda op te stellen in het openbaar als agendacommissie. Ik heb geen aankondiging gezien en dus kan er ook geen vergadering zijn geweest en dus betekent “op de agenda van de commissie” nog niet dat het ook op de raadsagenda komt. Een goede zaak, maar wat lastig bij de commissie Inwoners en bestuur die pas wordt gehouden als de raadsagenda al behoort te zijn verschenen.

De structuurvisie

Nu staat die structuurvisie weer op de agenda. Aan de stukken is de brief van GBB nu toegevoegd. Die brief was de oorzaak het afgelasten van de behandeling vorige keer. De wethouder hield in de commissie een uitgebreid betoog dat uitstel vanwege de brief niet nodig was. Je zou dus verwachten dat het college bij het opnieuw in behandeling nemen van het onderwerp op de brief van GBB zou reageren, zowel procedureel als inhoudelijk. Er is toch al een jurist (of meer) bezig met deze zaak. Er loopt immers een rechtszaak met GBB. Niets daarvan. Afgezien de bijgevoegde brief zijn de stukken precies hetzelfde als voor de vorige cyclus, inclusief de datum van de raadsvergadering 17 december 2013 en de typefout in de nota beantwoording.

Inhoudelijk valt er dus niets aan mijn bespreking vorige keer toe te voegen.http://leodevreede.blogspot.nl/2013/11/2014-95-commissie-ruimte-3-december.html
Toch wil ik nog eens wijzen op de tegenstrijdige aanpak van de omleiding van de N321 en de schaliegas-kwestie.

Bij de N321 vindt het college het niet opportuun duidelijk uit te spreken dat die eventuele omleiding niet tussen Grave en Escharen mag komen, terwijl die uitspraak al eerder wel is gedaan en er op zijn minst bij de betrokken overheden ideeën over die omleiding bestaan. In de structuurvisie kan de gemeente uitstekend vastleggen dat naar de mening van de gemeente die omleiding daar niet thuishoort. Natuurlijk zou het beter zijn om aan te geven waar die wel hoort, maar ook hier geldt “hoe beter hoe duurder”. Vastleggen dat een slechte situatie niet mag worden vervangen door een andere slechte situatie is wel degelijk opportuun.

Zonder dat ook maar bekend is of er schaliegas in de grond van de gemeente Grave zit, wordt, als het aan het college ligt, Grave wel tot “schaliegasvrije gemeente” verklaard. In een structuurvisie hoort zo’n puur politiek gerichte opmerking, die niets met ruimtelijke ontwikkelingen, te maken heeft niet thuis. Taalkundig is het ook verkeerd. Schaliegasvrij betekent dat er geen schaliegas zit en dat weten we helemaal niet. Bedoeld wordt dat er ook niet naar mag worden gezocht En daar moet je wel heel voorzichtig mee zijn, maar bij voorbaat onderzoek afwijzen is slecht.

Ik ben bang dat de hele discussie over het structuurplan verdrinkt in gepraat over de GBB-brief. Nu heeft die brief betrekking op de samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente en GBB. En voor die brief is door de gemeenteraad geheimhouding opgelegd. Aangezien die brief toch wel weer wat inzicht geeft op die samenwerkingsovereenkomst - in ieder geval de interpretatie van GBB daarvan- is bekend maken van die brief mogelijk al een schending van de geheimhouding. Wat we al dachten wordt in de brief bevestigd. GBB vindt dat zij wat woningbouw betreft de touwtjes in Grave in handen hebben. Het gemeentebestuur heeft daar wel een hekel aan maar wil, kan of durft daartegen geen vuist te maken. Dat zou nu kunnen. Ik wacht maar af.

Toepassen coördinatieregeling
Het zou mij niet verbazen als de commissie hier tot een duidelijke uitspraak komt: A-stuk. Raad en college leggen vast dat zij gecoördineerd optreden. Daar kan niemand iets op tegen hebben.

Ontwerp Beheerkwaliteitplan groen voor CGM
Het gaat om een presentatie van één plan voor drie gemeenten. Omdat het dus door drie gemeenteraden moet worden vastgesteld is het verstandig in een vroeg stadium de neuzen van die drie gemeenteraden in dezelfde richting te zetten. Mijn enige vraag op dit moment is waarom dit agendapunt niet helemaal aan het begin of helemaal aan het eind van de agenda is gezet. Nu staat het tussen 2 conceptraadsvoorstellen in.

Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan “Generaal de Bonskazerne Velp”
Bij dit voorstel ontbreekt het bestemmingsplan zelf en de zienswijzennota. Ze worden wel genoemd bij de stukken die ter inzage liggen. Waarom ze niet op de gemeentelijke site staan is mij een raadsel. Toegezegd is, nog niet zo lang geleden, dat alle raadstukken ook via de site beschikbaar zullen zijn. Voor het bestemmingsplan wordt  daarbij verwezen naar www.ruimtelijkeplannen.nl waar het plan ook is te vinden en de zienswijzennota wordt op de site gezet, zie o.a. de structuurvisie.

Dan is er sprake van een zogenaamde anterieure overeenkomst tussen gemeente en COA over de exploitatie van het AZC en de herbestemming van de vrijkomende gebouwen. Die overeenkomst ligt vertrouwelijk ter inzage. De raad moet er mee instemmen omdat die overeenkomst de verplichte exploitatieopzet vervangt. De inhoud van die anterieure overeenkomst (exploitatieovereenkomst vooraf) is dus van belang voor een openbaar raadsbesluit. Naar mijn mening mogen in een dergelijke overeenkomst dan ook geen dingen staan die niet openbaar mogen zijn. Dergelijke zaken moet je maar exterieur regelen.


vrijdag 3 januari 2014

2014-01 Nieuwjaarsgedachte

Nieuwjaarsgedachte
Het nieuwe jaar is begonnen. Daarom begin ik met me aan te sluiten bij alle goede wensen die u al zijn toegekomen. Daarmee zit ik direct weer in het jargon van het gemeentebestuur. Daarvoor is 2014 extra belangrijk. Er is in heel Nederland, en dus ook in Grave, sprake van een verminderende betrokkenheid van de burger voor het werk van zijn of haar gemeenteraad. En dat is een slechte ontwikkeling, tenminste als je van mening bent dat ware democratie inhoudt dat “de burger” het uiteindelijk voor het zeggen heeft. “De burger” staat tussen aanhalingstekens omdat hier niet de individuele burger mee wordt bedoeld, maar het belang van de burgerij in het algemeen. Democratie houdt dan ook niet in dat je altijd je zin krijgt. 

Democratie is dan ook een zaak van de hele gemeenschap. Dat het daarmee de verkeerde kant op gaat is niet alleen een zaak van de bestuursorganen maar zeer zeker ook van de burgers zelf. Dat kan en moet veelal via allerlei organisaties, maar ook de individuele burger hoort belangstelling te hebben en te tonen.


Om de relatie burger-bestuur te verbeteren zijn we de inmiddels bekende website www.gravekiest.nl begonnen. Kiezen houdt meer in dan stemmen. Ik werk daar ook aan mee en kan me in deze weblog dus beperken tot bespreken van de commissie- en raadsvergaderingen. Natuurlijk zijn er raakvlakken maar daar zijn “links” een goed hulpmiddel voor.