maandag 29 maart 2010

Coalitievorming-wethoudersverkiezing-raadsprogramma

Al enkele malen werd mij gevraagd waar mijn commentaar blijft op de gang van zaken na de gemeenteraadsverkiezingen. Direct daarna moet er toch een nieuw college komen en een programma voor de komende vier jaren. Het probleem is dat ik nog steeds niet goed weet waar ik commentaar op moet leveren. Hoe ik vind dat zo’n proces moet verlopen heb ik voor de verkiezingen al opgeschreven.

Dan maar een analyse van de gang van zaken.
Je kunt zoals vroeger ook nodig was zo spoedig mogelijk een combinatie zoeken die de meerderheid in de raad heeft. Dan kunnen uit die partijen wethouders worden gekozen en die gaan dan aan de gang om hun programma op te stellen. Op die manier heb je snel een college. Dit scenario kun je het poppetjes-eerst scenario noemen. De andere manier is dat er eerst alle verkiezingsprogramma’s naast elkaar worden gelegd en gekeken of daar een programma uit kan worden samengesteld. En hoe meer partijen met dat programma instemmen des te beter is het. Daarna worden bij dat programma passende wethouders gezocht. En daarin bestaat alle vrijheid. Het kan uit de eigen kring van de deelnemende partijen, maar ook via een volkomen open sollicitatie.

Het enige dat nu na bijna een maand openbaar is geworden via een persbericht is dat VVD, CDA en LPG -de coalitie uit het laatste deel van de vorige raadsperiode- samen verder willen gaan. Zij hebben samen 9 zetels, een meerderheid met een kleine reserve en dus de macht. Maar naar eigen zeggen is niet de macht de reden voor het samengaan, maar de overeenkomst in programma´s. Ik heb de programma´s, ook van de andere partijen, nog eens doorgenomen. Het kan aan mij liggen, maar ik vind in de verkiezingsprogramma´s van de partijen die nu aan de zijlijn zijn gezet nog steeds geen punten die je ook niet in het programma van het trio terugvindt. Met een beetje goede wil zou je zelfs kunnen zeggen dat het VVD/standpunt over het AZC het enige punt is dat afwijkt van alle anderen.

Het “never change a winning team” zou een goede reden kunnen zijn om samen door te gaan, maar je kunt bij het vorige college toch moeilijk van een winning team spreken. Dat blijkt ook wel uit de uitspraak dat om een nieuw college samen te stellen een open sollicitatieprocedure worden gevolgd. In de krant stond nog dat huidige wethouders niet mee mogen solliciteren. Of die beperking zover gaat dat ook andere raadsleden of kandidaten of zelfs andere Gravenaren kansloos zijn is niet duidelijk. Je hoort daar verschillende meningen over.

Op zich juich ik het toe dat voor wethouders wat verder wordt gekeken dan het beperkte rijtje eigen kandidaten. Maar zo’n zoekproces moet zorgvuldig verlopen. Je zult toch moeten aangeven wat je als raad van plan bent (een raadsprogramma) en wat je van de wethouders verwacht (profielschets). Gaat het hele proces zich afspelen tussen de drie samenwerkende (sommigen zullen liever spreken van samenzwerende) partijen of vraag je andere partijen om mee te doen? Dat kan het werken straks aanzienlijk verbeteren en de sfeer in de raad zal ook prettiger worden. Wat wordt de rol van de burgemeester in het proces? Zij heeft toch ook eigen taken die in het programma moeten worden ingebracht. Zo is er nog veel meer. Dat alles kost tijd, die niet beschikbaar is bij deeltijdraadsleden. Je zou er eigenlijk een projectorganisatie op los moeten laten. Intussen moet Grave wel worden bestuurd. Laat je dat door het huidige college doen waarop je al het etiket “ongeschikt voor de volgende periode” hebt geplakt? Een aantal zaken moet doorlopen en ook de raad kan zelf initiatieven ondernemen zoals verbeteren van het systeem van raadsvergaderingen.

En hiermee ben ik uitgepraat. Ik kan nog wel een hoop opschrijven vanuit mijn eigen denkwijze, maar veel belangrijker is te vernemen hoe de drie partijen er over denken. Een wekelijks communiqué over de stand van zaken zou niet misstaan en allerlei geruchten voorkomen. Het is niet alleen de eigen directe achterban die is geïnteresseerd. Verbeteren van het vertrouwen van de burger in het gemeentebestuur wilden alle partijen. Begin daar dan mee!

Scheepswerf aanvulling

Vanmorgen heb ik even contact gehad met de provinciale ambtenaar die de milieuvergunning van de scheepswerf behandelt. De gemeente heeft in het advies aangegeven dat de plannen niet in het bestemmingsplan passen en daarbij niets opgemerkt over een eventuele bereidheid het bestemmingsplan aan te passen. Dan rest de provincie niets anders dan aan te nemen dat de gemeente “niet overweegt het bestemmingsplan aan te passen” en dus moet de milieuvergunning worden geweigerd. Om practische redenen is de inhoudelijke toetsing, die er wel is, niet in het ontwerpbesluit opgenomen.
Als de gemeente alsnog bereid is, afhankelijk van de milieuvergunning, een bestemmingsplanwijziging te overwegen kan de aanvraag opnieuw worden ingediend op basis van dezelfde stukken. Het is dan niet zonder meer een gelopen race. De plannen lijken in de milieuruimte te passen, maar dat zal wel tot in hoogste instantie moeten worden aangetoond en dus tijd kosten.

Alle reden dan ook om die weg zo snel mogelijk te verkennen.

zondag 28 maart 2010

Parkeren

Tijdens een bijeenkomst met de wijkraad binnenstad werd meegedeeld dat begonnen wordt met de nieuwe nota, die zou moeten voorzien in parkeermaatregelen voor de toenemende stroom bezoekers aan onze binnenstad met een nieuw hart. Die stroom blijft nog wel een paar jaar weg, maar vinden en realiseren van parkeergelegenheid kost ook tijd. Meer haast heeft het vinden van nieuwe parkeerplaatsen voor het definitief wegvallen van de loswal als parkeerterrein en de plaatsen die door de bouw van het Hart van Grave verloren gaan. Dat moeten wel definitieve plaatsen zijn. Daarnaast is tijdens de bouw een aantal huidige plaatsen niet bruikbaar waarvoor tijdelijke oplossingen moeten worden gevonden. Alles bij elkaar een hele klus en het is echt hoog tijd dat er iets aan wordt gedaan. Er komt een klankbordgroep met vertegenwoordigers van ondernemers en bewoners. Die klankbordgroep gaat morgen aan de slag. Prima, maar het is wel de bedoeling dat de raad in juni de nota en dus de concrete maatregelen vaststelt. Ik ben benieuwd hoe men dat denkt voor elkaar te krijgen.

Opvallend is dat niet wethouder Opsteegh, maar wethouder Bos de kar trekt.

Direct verband met het realiseren van parkeerterreinen is de financiering en daarvoor is de mobiliteitsverordening van belang. De raad heeft daar een tijdje terug een geamendeerd besluit genomen dat er toe zou moeten leiden dat er een andere, door de raad vast te stellen, regeling voor deze bijdrage zou komen. Die is er nog niet. En wat lees ik in de besluitenlijst van het college van 23-2-2010?

“Er wordt besloten dat de initiatiefnemer van het project Boreel de Mauregnaultstraat 3 een bedrag van € 80.000,-- dient te storten in het mobiliteitsfonds gezien het besluit van het college van augustus 2006, hiertoe dient een overeenkomst te worden getekend.”

Het raadsbesluit van 3 november 2009 is blijkbaar alweer vergeten.

Twitteren: tijdverspilling

Ik heb nu een paar dagen het getwitter uit het stadhuis gevolgd. Ik stop er mee. Dit is, in ieder geval voor mij, geen zinvolle informatie. Of het is al langs andere weg bekend of kretologie of gewoon geleuter. Dat laatste is ook leuk, maar dan wel aan de bar. Soms wekt het zelfs ergernis op zoals de mededelingen van wethouder Bos dat er moet worden bezuinigd. Dat heeft hij bij de begrotingsbehandeling al gezegd, maar als wethouder financiën had hij de weg moeten aangeven. Ik heb de afgelopen begroting niet voor niets een “Na ons de zondvloed”-begroting genoemd. De weinige reserves die nog over waren werden gauw nog even besteed. En die reserves waren hard nodig om tijd te winnen de nog onbekende bezuinigingsmaatregelen operationeel te maken. Ik zou me kunnen voorstellen dat hij zichzelf niet graag zal opvolgen. Door te schieten met losse flodders raak je in ieder geval geen enkel doel.

Ik merk dat ik pissig word; dus voor mij einde getwitter, nou ja nog één tip: Niet meer dat één tweet per dag. In de beperking toont zich de meester en dat wordt het misschien nog wat.

vrijdag 26 maart 2010

Wederom de scheepswerf

Vanaf 22 maart ligt in het stadhuis, Hofplein 1 te Grave de ontwerpbeschikking van de provincie in zake de aanvraag van de scheepswerf voor een nieuwe milieuvergunning.

De provincie is voornemens de vergunning te weigeren omdat de gemeente niet voornemens is het bestemmingsplan aan te passen. De maatregelen die de werf wil nemen om de overlast binnen de wettelijke perken te houden passen niet binnen het huidige bestemmingsplan. Dat wordt in de adviezen van de gemeente op de vergunningaanvraag wel vermeld maar van een weigering om mee te werken aan een bestemmingsplanwijziging is niets terug te vinden. Overigens wordt ook niets gezegd over wel meewerken. Ook in besluitenlijsten van B&W heb ik hier niets over kunnen vinden. Bij de provincie is men maandag weer beschikbaar. Misschien dat men mij daar kan vertellen waar de weigering van de gemeente mee te werken aan bestemmingsplanwijziging is terug te vinden.

Dus maar geluisterd naar de opname van de behandeling van de motie van Jacques Leurs in de vergadering van 2 februari. De kern van de motie was dat het college werd opgeroepen aan die bestemmingsplanwijziging mee te werken. Dat werd een warrig half uur luisteren. Dat afluistersysteem zit prima in elkaar, maar het is ook wel ontluisterend.

De motie werd afgewezen, maar om daar nu uit af te leiden dat de gemeente daarmee bestemmingsplanwijziging afwijst gaat veel te ver. Integendeel: vanuit het college werd herhaaldelijk opgemerkt dat “alle plannen serieus worden bekeken” en dat er hard wordt gewerkt met alle partijen aan tafel. Maar wat er nu precies gebeurt werd niet duidelijk. Wethouder Bos had het nog over een tekst in voorbereiding die naar de provincie zou gaan op basis waarvan de vergunning al dan niet zou kunnen worden verstrekt. Het gemeenteadvies over deze vergunning, dat ter inzage lag dateert al van november 2009. In de ontwerpbeschikking wordt niet gesproken over een eventueel aanvullend advies van de gemeente. Terecht daarom dat Koevoets vroeg om een bestuurlijke rapportage over het geheel. Maar daar werd gladjes over heen gepraat.

Wethouder Bos deelde nog mee dat een haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing “naar de plek waar we het over hebben gehad” –het Wisseveld dus- 3 à 4 maanden zou duren. Een korte tijd later liet hij via de krant weten dat de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek eind maart, begin april bekend zouden zijn. Volgens het gerucht –en dat is in bestuurlijk Grave bij gebrek aan beter een vrij betrouwbare bron is er nog niet eens een opdracht voor een haalbaarheidsonderzoek verstrekt. In de B&W-besluiten is hierover ook niets terug te vinden.

De stemming over de motie was kenmerkend: in een stemverklaring gaven alle partijen te kennen dat zij sympathiek stonden tegenover de motie, maar op 2 na stemde iedereen toch tegen.

Maar wat nu? Eigenlijk heb ik een tijdje geleden mijn visie op de aanpak al gegeven. Alle denkbare oplossingen zover uitwerken dat een verantwoorde keuze voor een “snelle” oplossing mogelijk is.

Dan hebben we:

  1. Verplaatsen naar het Wisseveld: voor het college kennelijk de voorkeurvariant, maar alle politieke partijen hebben een voorkeur voor een woonbestemming van dat gebied met wat lichte bedrijvigheid. Een zware industrie als de scheepswerf past daar niet en niemand zal dat kunnen of willen financieren. Maar vooruit, als een haalbaarheidonderzoek dat moet bevestigen laat dat onderzoek dan eindelijk ook echt gebeuren. Als dat werkelijk 3 maanden moet duren (ik denk dat het sneller kan) is het resultaat 1 juli beschikbaar.
  2. Verbeteringen ter plaatse zoals waarvoor de scheepswerf nu een milieuvergunning heeft aangevraagd. Daarnaast is een bouwvergunning nodig en daarvoor weer een bestemmingsplanwijziging. Milieuvergunning en bestemmingsplanwijziging zijn gekoppeld. Door bij voorbaat de bestemmingsplanwijziging te weigeren is voor de provincie de noodzaak milieuaanvraag inhoudelijk te toetsen weggevallen. Dat is jammer, want dat de plannen van de scheepswerf werkelijk een verbetering inhouden voor de omwonenden moet nog wel worden aangetoond. Wijziging van het bestemmingsplan is ook alleen zinvol als de milieuvergunning ook wordt verleend. Een impasse dus? Nee, voor een bestemmingsplanwijziging is ook een procedure nodig, die te allen tijde kan worden gestopt en ook kan leiden tot weigering. Maar je moet de procedure wel starten. Kortom de scheepswerf moet formeel een aanvraag indienen het bestemmingsplan te wijzigen. Het college zal daarop antwoorden dat daarvoor een projectprocedure nodig is en dat de scheepswerf daarvoor een ruimtelijke onderbouwing moet leveren. Dat geheel moet worden beoordeeld, ook o.a. op de consequenties voor de invaart van de haven en de loswalplannen. Daarmee zijn ook enkele maanden gemoeid en pas dan kan de gemeente definitief beslissen of men kan meewerkten aan bestemmingsplanwijziging. Dat zal dus ook rond juli zijn.
  3. Het derde scenario is: niets doen. Dat betekent dat de werf de activiteiten zodanig moet beperken dat binnen de huidige vergunningen kan worden gewerkt. Of dat een reële optie is kan ik niet beoordelen. De terechte vrees is natuurlijk dat het een lijdensweg wordt met ondergang van de werf als resultaat.
  4. Niet in beeld is tot nu toe de optie de activiteiten van de werf naar buiten Grave te verplaatsen. De werf gaat dan voor Grave verloren, maar weegt het vrijkomen van die ruimte daar niet tegen op?

Wat nu moet gebeuren is dat het college aan de provincie laat weten dat de gemeente alsnog bereid is de aanpassingen zoals door de werf voorgesteld, naast andere oplossingen, in overweging te nemen en dat daarvoor een aanvraag voor een projectprocedure door de scheepswerf wordt ingewacht. Aangezien milieuvergunning en bestemmingsplan/bouwvergunning zijn gekoppeld moeten beide aanvragen inhoudelijk worden beoordeeld.
Als er dan toch een haalbaarheidonderzoek wordt gedaan zouden daarin de consequenties van het derde scenario: nietsdoen kunnen worden meegenomen en ook de mogelijkheden en consequenties van het verplaatsen naar elders.


Het moet zo mogelijk zijn in september 2010 een verantwoorde keuze te maken.

Gemiste kans

Een bijeenkomst met ondernemers is afgelast wegens te geringe belangstelling vanuit de ondernemers. Dat is jammer, want ook vijf positieve reacties is een begin.

donderdag 11 maart 2010

Bij het afscheid van de oude raad

Dinsdag was de laatste vergadering van de oude raad een het afscheid van liefst 7 raadsleden; de grootst mogelijke minderheid keert niet terug. Dat betekent veel nieuw bloed, maar betekent het ook een nieuwe aanpak? Ik hoop het wel, want dan is deze weblog overbodig. Toen ik begon hoopte ik dit voor de raadsverkiezingen het geval zou zijn. Helaas is dat niet zo.

De burgemeester had het in haar afscheidstoespraak over “stuurlui aan de wal”, die wel commentaar leveren, maar geen actieve inbreng hebben. Ik voelde me aangesproken en was het roerend met haar eens. Commentaar leveren is makkelijk. Meedoen is veel beter. Maar…………dan moet je wel de kans krijgen. En dat lukt bij de huidige werkwijze van de raad juist niet. In mijn eerste weblog onder deze titel heb ik uiteengezet waarom ik ermee ben begonnen. Puur uit frustratie.

Er zijn gelukkig wel aanwijzingen dat de partijen voornemens er verbetering in te brengen. VPGrave wil de voorbereidende vergadering in zijn huidige vorm vervangen en de burgemeester wil bekijken of in de besluitenlijst ook de tekst van het besluit kan worden opgenomen. Ze verwees daarbij nog naar de geluidsopname. Maar als je alleen behoefte hebt aan de tekst van het uiteindelijk genomen besluit is het ondanks de prima zoekmogelijkheden toch een tijdrovende bezigheid en niet altijd is het voldoende alleen de laatste opmerking van de voorzitter af te luisteren.

Ik ben benieuwd wat de nieuwe raad voor nieuws gaat brengen. Hopelijk wordt mijn weblog dan overbodig.

Wat ruist daar in het Twitterbos?

De gemeente Grave is nu ook actief in dat woud van informatie. Leuk, maar is het een bijdrage aan de verbetering van de communicatie? Ik denk dat er veel uit verveling wordt getwitterd. Kijk maar eens naar het publiek bij Buitenhof, De wereld draait door en soortgelijke programma’s. Er komt dan veel non-informatie en ga daartussen het zinvolle maar eens zoeken. En er zijn best zaken die je in 140 tekens snel bekend kunt maken. Met een mededeling dat er met iemand ergens over wordt gepraat kan ik niets. In het resultaat van het overleg ben ik wel geïnteresseerd.

Nee, ik sta nog niet te juichen bij het gemeentelijk getwitter, maar ik gun ieder zijn pretje. Juichen doe ik pas als ik het volgende twitterbericht lees: Het college heeft zo juist besloten de besluitenlijst aan te passen: de tekst van besluiten, amendementen en moties wordt volledig opgenomen Precies 140 tekens, als ik het uitroepteken aan het eind van de mededeling weglaat. Het staat de volgende dag ook wel in de krant, maar dit vreugdevolle bericht kan mij niet vlug genoeg bereiken.

Wat ik wel betreur dat wordt beweerd dat met Twitter en andere automatisering het contact tussen mensen wordt verbeterd en dus de eenzaamheid wordt bestreden. Wat wel waar is dat het aantal mensen waar je tegelijkertijd contact kunt hebben wordt vergroot, maar het wordt veel oppervlakkiger. Juist in de massa heerst grote eenzaamheid. Twitteren, emailen is vaak efficiënt en snel, maar voor goed contact gaat er niets boven een gesprek, een brief of een telefoontje (in die rangorde). Het is ook hier: ieder voordeel heb zijn nadeel en omgekeerd.

zondag 7 maart 2010

laatste raadsvergadering van deze periode

9 Maart is de laatste vergadering van de huidige raad. Naast het onderzoek van de geloofsbrieven staat er ook nog een tweetal inhoudelijke punten op de agenda. Toch voldoende voor mij om weer wat commentaar te leveren.

Dan begin ik met de besluitenlijst van de vergadering van 2 februari. Ik kon toen niet aanwezig zijn en was dus reuze benieuwd naar de genomen besluiten, want het was een besluitvormende vergadering. Ik weet nu wel wie allemaal ergens voor of ergens tegen waren, maar heb geen flauw idee over de inhoud van de beslissingen.

Er was een motie van dhr.Leurs over de scheepswerf. Over de inhoud werd niets vermeld, mogelijk omdat de motie toch werd verworpen. Uit de site van Jacques heb ik afgeleid dat de motie het college opriep mee te werken aan het onlangs ingediende verzoek van de scheepswerf. Betekent dit nu ook dat die medewerking is afgewezen? Van de volgens de media wel aanwezige sfeer van “Redt de scheepswerf” is in de besluitenlijst niets terug te vinden.

Het raadsvoorstel m.b.t. delegatie projectbesluit Bijl/Hofplein aan Burgemeesters en Wethouders. Volgens de besluitenlijst werd het voorstel aangenomen. Maar wat? Volgens de kop ging het over het vaststellen van het raadsvoorstel en dus niet over de delegatie zelf. Natuurlijk begrijp ik ook wel dat de delegatie is gegeven, maar in een besluitenlijst is juiste formulering belangrijk. Van de voorwaarden aan de delegatie is in het besluit niets terug te vinden.

Zo is het met alle punten. Bont wordt het gemaakt bij de energiekosten voor de voedselbank. Er zijn blijkbaar 2 amendementen ingediend. Over de inhoud van de amendementen is niets terug te vinden, terwijl er toch één is aangenomen. Het besluit wijkt dus af van het voorstel. Zoek dat later maar eens terug.

Dan nu de voorstellen voor deze keer.

Er komt een verordening inrichting antidiscriminatievoorziening. Uit de toelichting zou je kunnen afleiden dat het de bedoeling is dat het RMC als zodanig gaat functioneren, maar in de besluitvorming is dat niet terug te vinden.


Het carbidschieten wordt kennelijk een groot probleem. Dat is tenminste wel 4 keer in het voorstel te lezen. Helemaal verboden wordt het niet want:

“Het verbod in het tweede lid geldt niet indien het carbid schieten plaatsvindt op Oudejaarsdag en -nacht 10.00 uur en 20.00 uur , mits:……..”

Die (on)zin staat we een paar keer in het voorstel en in het ontwerp besluit. Je vraagt je wel af hoe zo’n zin, die toch de kern van het voorstel vormt, management, college en presidium passeert.

woensdag 3 maart 2010

uitslag verkiezingen eerste reactie

Voor een waarnemer is dit een prachtige uitslag. Met collegevorming kan het nog alle kanten op. Je kunt 5 blokken van 3 zien. VVD, CDA,LPG en VPGrave ieder met 3 zetels en als vijfde Trots oN met Keerpunt 2010 ook met 3. Alle reden dus om eerst naar en brede samenwerking te kijken. Daarnaast zijn er liefst 10 combinaties van 3 blokjes mogelijk. Daarbij zou Trots oN zelfs nog niet mee hoeven doen. Er zijn er wel altijd 3 nodig. Getalsmatig is niemand zeker en ook niemand kansloos.

Het zou mij niet verbazen als dit weekend wel duidelijk wordt welke kant het op gaat.

Mijmeringen op verkiezingsdag

In de Stadskrant Grave was nog een hele pagina gewijd aan de reactie van de lijsttrekkers op een zestal stellingen. Ik kan de verleiding niet weerstaan daar toch even op te reageren.

Stelling 1 De scheepswerf moet hoe dan ook behouden blijven voor Grave.
Niemand durft hard op te zeggen dat het beter is dat de werf uit Grave verdwijnt, maar evenmin dat “de mee leren leven” variant de aanpak moet zijn. Resteert dus verplaatsen, maar daarbij komt men niet verder dan uiterste inspanningen. Opvallend is dat geen van de lijsttrekkers het Wisseveld noemt als mogelijkheid. Merkwaardig vind ik dat de lijsttrekker van VPGrave een aantal mogelijkheden noemt in de uiterwaarden van de Maas. In die partij is toch het “groen” sterk vertegenwoordigd. Het rijks- en provinciebeleid op het gebied van industrievestiging is inmiddels wel zover in groene richting geëvalueerd dat de suggestie van van Geest tot de onmogelijkheden moeten worden gerekend.
Wat er door de partijen is gezegd gaat over de langere termijn. Over wat er nu direct moet gebeuren spreekt niemand zich uit. En toch ligt er een concrete aanvraag om de situatie, ook voor de omgeving, te verbeteren. Zo lang je niet actief werkt aan verwijderen van de werf op die plek moet je op die aanvraag wel positief reageren tenzij de bezwaren groter zijn dan hette verwachten resultaat.

Stelling 2 Het AZC is belangrijk voor Grave , maar hoort niet op het Wisseveld
Over het belang wordt verschillend gedacht, maar alleen de VVD is duidelijk tegen een nieuw contract. Bij de anderen is een nieuw contract met nuanceverschillen bespreekbaar. Een interessant punt voor het raadprogramma en de collegevorming.

Stelling 3 Grave moet een zelfstandige gemeente blijven.
Grappig is dat Trots enz. , Keerpunt 2010 en LPG –dus de vooral lokaal gerichte partijen- hun antwoord beginnen met “Ja!” en daarna samenwerken als middel om dat te bereiken noemen. De anderen zijn minder uitgesproken. Hoe dan ook een goed punt om in het raadprogramma de voordelen van een zelfstandige gemeente Grave goed uit te werken.

Stelling 4 (Betaalbare) woningbouw voor starters moet de hoogste prioriteit krijgen om vergrijzing tegen te gaan.

Stelling 5 Grave moet zijn (bouw)ambities drastisch bijstellen.
Er is een duidelijke relatie tussen deze 2 stellingen. Op zich ligt het voor de hand met name stelling 4 te onderschrijven en dat gebeurt dan ook netjes. De VVD wijst er wel op een aantal geleerden inmiddels vindt dat er inmiddels teveel wordt gebouwd. Feit is dat woningbouw de laatste jaren werd gebruikt om lege plekken te vullen en daar geld aan te verdienen. De reactie van VPGrave op stelling 5 ademt ook die sfeer. Er zijn inmiddels gaten geslagen die moeten worden gevuld. Een goed afgewogen bouwprogramma voor de komende jaren past dan ook in een raadprogramma. Alleen kost het opstellen well wat meer tijd.

Stelling 6 Bij een krimpende economie is het vooral van belang het sociaal beleid in ere te houden.
Geen van de partijen is op deze vraag ingegaan. Jammer, want het had kort gekund met één woord. Dit is namelijk geen stelling maar een axioma, een wiskundige term een vanzelfsprekendheid die niet hoeft te worden bewezen. Het antwoord had dus kunnen zijn: vanzelfsprekend.


De noodzakelijke bezuinigingen waren geen stelling meer waard. Aan hetgeen ik er al over schreef wil ik nog iets toevoegen. Tijdens het sociëteitdebat werd de stofkam weer ten tonele gevoerd en het CDA kwam met het grasmachinevoorbeeld: 100.000 m2 maaien in de begroting opnemen terwijl je maar voor 50.000 m2 machines hebt. In vaktermen wordt de bezuinigingsmethode “lucht uit de begroting persen” dan wel realistisch begroten genoemd. Nu is de noodzaak tot zuinig aan doen al een paar jaren aan de orde. Ik mag daarom toch hopen dat raad, college en ambtenaren die lucht er al lang uit hebben gehaald. Tijdens de behandeling van de laatste jaarrekening heb ik geen raadslid erover gehoord.

dinsdag 2 maart 2010

Scocieteitdebat nabeschouwing

Het was, en zeker vooral door de leiding van Harry Peppinck, een geslaagde middag. Wat mij betreft had de zaaldiscussie nog wat langer mogen duren; nu moest ik wel aan de bar blijven zitten om nog wat door te praten.
Zoals te verwachten was het moeilijk om uit de lijsttrekkers concrete antwoorden los te weken. Ook wel logisch. Op één na zijn alle lijsttrekkers hetzij direct of bijna direct bij de huidige raad betrokken en dan zou de reactie op een concreet voornemen wel eens kunnen zijn: “waarom heb je dat niet eerder gedaan?”

Vertrouwen
Heel boeiend was de vraag die aan alle lijsttrekkers werd voorgelegd: “Hoe win je het vertrouwen van de bevolking terug ?” Het merendeel van de antwoorden was voorspelbaar. “Afspraken nakomen” en “plannen ook uitvoeren” waren veel voorkomende antwoorden. Afspraken nakomen is natuurlijk belangrijk. Maar de omstandigheden veranderen nu eenmaal zo dikwijls dat je redelijk snel moet bijsturen. Niet voor niets maak je voor ieder project een stappenplan dat je na iedere stap zo nodig weer bijstelt. Heel weinig hoorde ik het toch het meest voor de hand liggende antwoord: als de burgers geen vertrouwen hebben in het bestuur zal het bestuur zijn werkwijze moeten veranderen. Het CDA kwam in die richting door te stellen dat wijk- en dorpsraden meer bij het bestuur moeten worden betrokken, maar hoe dat gaat gebeuren kwam er nog niet uit. De VPGrave ging nog iets verder met het voornemen de voorbereidende vergadering weer te verlaten en terug te keren naar de commissieaanpak. Duidelijk het publiek meer bij de voorbereiding van besluiten te betrekken. Degenen die mijn eerdere opmerkingen hierover hebben gelezen zullen begrijpen dat ik daar wel vrolijk van werd.

Collegevorming
Tijdens de bijeenkomst was er geen partij die toegaf te zullen strijden om een eigen kandidaat aan een wethouderszetel te helpen. Het CDA had dat wel gedaan tijdens een verkiezingsavond afgelopen donderdag in Escharen. Daar werd Harry Opsteegh als enige CDA-wethouderskandidaat naar voren geschoven. In het CDA is het verschil tussen “beschikbaar” en “kandidaat” groot. Kijk maar naar de positie van Balkenende in de discussie over de president van Europa. Zondagmiddag waren alle partijen van plan de uitslag van de verkiezingen af te wachten. Dat haalt je de koekoek, je zult wel moeten! Maar de algemene stemming was toch wel om eerst te bezien of er een zo breed mogelijk programma kon worden opgesteld en om daarbij dan geschikte wethouders te zoeken. Enkele partijen gaven al te kennen daarvoor meerdere mensen beschikbaar te hebben. Peter Hendriks ging zover dat hij veronderstelde dat de door hem geschetste aanpak mij plezier zou doen. En dat was ook zo. Merkwaardig vond ik wel de opmerking van VPGrave dat als 2 partijen heel sterk uit de bus kwamen zij dan de zaak samen moesten regelen. Naar mijn mening is juist het wezen van democratie dat het niet gaat om een getalsmatige meerderheid, maar om een zo groot mogelijke samenhang. Maar misschien bedoelde hij alleen maar dat er in dat geval geen informateur(s) nodig zouden zijn. Toen al ging het gerucht dat CDA, VVD en LPG het al eens waren en dat de enige belemmering nog de verkiezingsuitslag was. 8 Zetels voor die drie partijen samen en het college is gevormd. Aan de bar na afloop werd dat gerucht versterkt en de opmerking in de Gelderlander dat de drie partijen hun werk graag willen afmaken geeft ook te denken. Dat hoeft niet direct te betekenen dat het met hetzelfde college en in dezelfde samenstelling moet. Ik heb nog hoop. Nou ja donderdag zullen we het wel weten. Iedereen gaf duidelijk te kennen dat het anders moet. Nu wist Baron van Münchhausen al dat je jezelf niet aan je haren uit het moeras kunt trekken. Daar is een buitenstaander voor nodig (geen ingehuurde kracht svp). In ieder geval zal vasthouden aan de huidige poppetjes het vertrouwen in het bestuur niet onmiddellijk doen toenemen, om het vriendelijk uit te drukken.

AZC
Duidelijk is wel dat het Wisseveld voor geen van de partijen een echte optie is. Dan blijft eigenlijk alleen de huidige locatie over. Het Sensisterrein is niet op tijd beschikbaar en ik zie de voordelen boven het Wisseveld niet.
Scheepswerf
Opvallend vond ik het gebrek aan enthousiasme voor het Wisseveld als nieuwe locatie voor de werf. Dat maakt de zin van een haalbaarheidsonderzoek helemaal twijfelachtig. Als ook ik concreet moet zijn dan is een haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsen naar het Wisseveld onzinnig. Aan de bar werd er doorgepraat en daaruit kwamen 2 oplossingsrichtingen: verplaatsen naar buiten Grave -er zijn blijkbaar scheepswerven beschikbaar – of “leren leven” met een scheepswerf op een verkeerde plaats. Want dat de scheepswerf voor iedereen verkeerd ligt staat niet ter discussie, al veertig jaar niet. Misschien dat het haalbaarheidsonderzoek hierop is gericht of gericht kan worden. In ieder geval moet op korte termijn duidelijk worden of de huidige plannen van de werf kunnen worden uitgevoerd.

Bezuinigingen
Trots op Nederland was de enige die een concrete bezuiniging noemde. Vereniginegn kleiner dan 15 personen krijgen geen subsidie meer. Hoeveel van die verenigingen zijn er? Deze personen konden ook niet concreet zijn, anders hadden zij dat al bij de begrotingsbehandeling moeten aangeven.
Naar mijn inzicht is het onmogelijk de bezuiniging van € 1.000.000 per 1 januari 2011 operationeel te hebben. Mogelijk dat je dat rekenkundig wel lukt – in feite is dat al gebeurd- maar in de begroting opnemen is wat anders dan realiseren. Dat hebben we inmiddels toch wel door.

Tot zover.

vrijdag 26 februari 2010

Opheffen gemeente Grave ?????

Tot nu toe heb ik in het kader van de verkiezingen het onderwerp ”opheffen gemeente Grave” vermeden.
Geen van de partijen heeft het ook als doel gesteld. Het wordt wel als dreigend en soms als onvermijdelijk in de teksten verwerkt. Zolang er niet is geconcludeerd dat opheffen onvermijdelijk is moet je je eigen kracht laten zien.

Louis Sparidans heeft daar nu het onderwerp aangesneden en daar moet ik iets mee.

Natuurlijk is Grave een kleine gemeente. Dat heeft nadelen, maar ook voordelen. Samenvoegen van gemeenten is voor een aantal problemen een oplossing, maar niet voor alle. Het samenvoegen van een klein schildersbedrijf en een snoepwinkel kan op administratiegebied tot meer efficiency en kostenbesparing leiden, maar dat kan ook anders worden geregeld. En de gemeente Grave heeft eigenschappen die omliggende gemeenten niet hebben. Vooralsnog zoeken alle partijen het in andere vormen, zoals het samenwerken op gemeenschappelijke terreinen.

Samenvoegen van gemeenten heeft ook nadelen. We klagen over het gebrek aan communicatie tussen het gemeentelijk apparaat, zowel ambtelijk als bestuurlijk. Dat wordt bij een grotere gemeente niet eenvoudiger.

We moeten het niet alleen zoeken in het aanpakken van de nadelen van een minder grote gemeente (geen calimerogedrag s.v.p.), maar juist ook de voordelen benadrukken.

Maak van je zwakke punten je sterke is een bekende overlevingsstrategie.

Ook in het personeelsbeleid kun je deze strategie goed toepassen. Er zijn ook bekwame mensen die niet direct achter het grote geld aanjagen, maar het juist fijn vinden in een wat bredere functie in een kleinere organisatie te werken en zich te ontwikkelen. Maar dan moet je ze wel stimuleren en de ruimte geven.

Waar ik veel meer voor vrees is het afbrokkelen van de democratie, ook op gemeentelijk niveau. Een democratie is meer dan verkiezingen houden. Een democratie functioneert alleen in een gemeenschap waar een hoge mate van saamhorigheid heerst. Dat het noodzakelijk is om steeds meer aandacht en dus geld aan veiligheid, handhaving een dergelijke te besteden is een veeg teken. De “clubgeest” die voor een democratie nodig is begint af te nemen. Het geroep om een sterke leider vind ik beangstigend.

Het is een maatschappelijke ontwikkeling, die ook te maken heeft met de schaal van de samenleving. Onze gemeente is zo groot dat je daar als gemeentebestuur nog iets aan kunt doen. Communicatie is daarin het sleutelwoord. Schaalverkleining kon wel eens de redding van de democratie betekenen.

Vertrouwelijkheid Wisseveld

De toekomst van het Wisseveld is een zaak die velen bezighoudt. Natuurlijk allereerst bij degenen die daar hun bedrijf hebben, maar ook voor alle andere inwoners van de gemeente. Geen wonder dat het overal wordt besproken en ook onderwerp is bij de verkiezingen.

Nu heeft de raad besloten de geheimhouding over een aantal stukken te handhaven. Tijdens de verkiezingsbijeenkomst van het CDA in het dorpshuus bleek direct dat discussie met raadsleden -en dus kandidaten- over dit onderwerp eigenlijk onmogelijk is. Zij doen er dan ook verstandig aan helemaal niet over het Wisseveld te praten. Door slimme vraagstelling is het anders best mogelijk het "geheim" in te kapselen en daarmee te ontsluieren. Het contract dat met de grondbank is afgesloten zal ook wel aanwijzingen bevatten.

Het is vaak beter een bittere pil te slikken, schoon schip te maken, uit te huilen en opnieuw te beginnen.

Hier stond eerst nog iets. Ik laat een bijdrage altijd even liggen en dat is maar goed ook. Allerlei complottheorieën kan ik beter niet publiceren.

Beeldkwaliteitplan

In november werd door het bureau Croonen het concept beeldkwaliteitplan gepresenteerd. De presentator gaf duidelijk aan dat het de bedoeling was dat dit concept met de ondernemers van de binnenstad zou worden besproken en eventueel aan te passen alvorens het besluitvormingstraject te starten. Dat werd zowel door raad als college duidelijk onderschreven. Verbazingwekkend was dan ook het bericht van de gemeente dat het college 6 weken de tijd gaf om een zienswijze in te dienen. Ik heb daarover al mijn verontwaardiging in deze weblog uitgesproken; ook over het feit dat de bewoners helemaal niet in het proces waren betrokken. Er is een aantal zienswijzen ingediend. De mijne heeft u hier kunnen lezen.

De indieners werden uitgenodigd om 24 februari in een zogenaamde inloopbijeenkomst hun zienswijze te bespreken met de opstellers en een vertegenwoordiging van de commissie Ruimtelijke Kwaliteitszorg. Duidelijk met als doel daarna het plan aan de raad ter goedkeuring voor te leggen. In plaats van individuele gesprekken werd het gelukkig een gemeenschappelijk overleg tussen de opstellers, de commissie en vertegenwoordigers van Graveon, de wijkraad binnenstad, Graeft Voort en Menno van Coehoorn en ik als “stuurman aan de wal”. De vertegenwoordigster van de gemeente had de niet eenvoudige taak de discussie te vertalen in een bruikbaar advies voor het college. Dat advies is er uitgekomen: doe wat in november de bedoeling was en ga praten met de ondernemers, maar ook met de bewoners in één of meer openbare bijeenkomsten. Pas daarna het concept aan en ga pas dan het besluitvormingstraject in. Jacques Leurs deed op zijn site al of het zo ook zou gebeuren. Ik wacht dat nog even af. Het college had duidelijk de bedoeling het plan na deze bijeenkomst in de raad te brengen. En er is inderdaad haast bij en alsnog opvolgen van het advies kost natuurlijk extra tijd. Maar dat is beter dan een beleid vast te stellen dat geen draagkracht heeft en dus ongebruikt in een la verdwijnt. Daar ligt het dan niet eenzaam en alleen.

Scheepswerf deel zoveel

Woensdag 24 februari 2010 in de Gelderlander het bericht dat het haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing van de scheepswerf, en dan met name naar het Wisseveld, is begonnen. Wat dat onderzoek inhoudt werd uit het artikeltje niet duidelijk. Bij het lezen van het interview met van Hemsbergen kreeg ik de indruk dat de Brabantse OntwikkelingsMaatschappij (BOM) het uitvoert of er in ieder geval bij is betrokken. Dat houdt bij mij de hoop levend dat het onderzoek zich niet uitsluitend richt op verplaatsen naar het Wisseveld.

Siem van Hemsbergen gaf al enkele nautische bezwaren. In de bijdrage van de VVD aan de artikelen in de Graafsche Courant van 24 februari onder de kop “Het Arsenaal mag niet omvallen” staat te lezen: “Een verplaatsing van het AZC naar Wisseveld is volgens de VVD-lijsttrekker geen goed plan “De VVD is hier mordicus op tegen. Onze prioriteiten liggen bij woningbouw en eventueel kleinschalige industrie.””. Nu kun je over de definitie van kleinschalige industrie twisten, maar een scheepswerf als die van Grave zal niet in die definitie passen. Al eerder heb ik als mijn mening verkondigd dat de combinatie scheepswerf-woningbouw op het Wisseveld alleen maar verplaatsen van het probleem betekent en dus niet gewenst is.

Het zou goed zijn wanneer het college duidelijkheid zou geven over de inhoud van het haalbaarheidsonderzoek en de mate waarin Rijkswaterstaat medewerking heeft toegezegd. Of zou dat ook al lekkage betekenen en lekkage kun je bij een scheepswerf niet gebruiken.

Vervolgens werd woensdag in het artikel in de Gelderlander door wethouder Bos nog meegedeeld dat de scheepswerf, de gemeente en de provincie geen geld hebben voor verplaatsen. Het is wat brutaal om te zeggen dat daarmee het haalbaarheidsonderzoek is afgerond; er is immers nog een postcodeloterij. Maar toch durf ik er wel een weddenschapje op af te sluiten dat verplaatsen naar het Wisseveld en ongewenst en op redelijke termijn niet haalbaar is en dan zijn we over een paar maanden opnieuw bij “AF”. Dat is wel jammer, want er moet wel iets gebeuren. Hoe dat probleem naar mijn mening zou moeten worden aangepakt (bewust schrijf ik niet: opgelost) heb ik al eerder opgeschreven. Dat is niet eenvoudig en zal ergens pijn doen.

Sociëteitdebat bijdrage Leny van Lieshout

Ook Leny van Lieshout heeft op de vragen gereageerd.

beste Leo,

Je hebt vrome wensen voor de collegevorming na de verkiezingen (eerst de
prioriteiten, dan de poppetjes) die ik volledig deel. Maar volgens mij is
wat er na de verkiezingen zal gebeuren al lang geregeld, en wel toen de
LPG steun ging geven aan het zittend college van CDA en VVD. Toen is,
vrees ik, de buit vast verdeeld. Inclusief poppetjes, of liever,
allereerst de poppetjes. Eigenlijk zijn deze verkiezingen dus niet nodig,
want het moet al erg gek lopen willen de huidige drie niet ten minste acht
zetels halen.

Dit mag worden gepubliceerd.

met vriendelijke groet,

Leny van Lieshout

Mijn reactie:
De vrees die Leny uitspreekt was juist voor mij de reden om die vraag als eerste te stellen. Op zich mag je voortzetting van het huidige beleid en dus het huidige samenwerkingsverband inzet van de verkiezingen maken. Kom er dan wel voor uit.

Leo de Vreede

Societeitdebat bijdrage Louis Sparidans 2

En dan hierbij de tweede bijdrage:

Debatpunt 2: Regionale samenwerking resp. de onvermijdelijke herindeling in de (nabije?) toekomst

Het is geen "leuk" onderwerp, maar ik denk dat er binnen enkele jaren (nog tijdens de komende raadsperiode?) niet aan valt te ontkomen: het bestaan van Grave als zelfstandig stadje loopt ten einde! Grave is eigenlijk te klein om nog een goed geëquipeerd ambtenarenapparaat op de been te kunnen houden en om aan redelijke wensen van burgers te kunnen voldoen, waar burgers zelf ook mondiger zijn geworden.

Op het moment kent Nederland ruim 400 gemeenten. Nog niet eens zo lang geleden waren dat er ruim twee keer zoveel. De meeste mensen weten nog wel dat vroeger ook Escharen Gassel en Velp zelfstandige gemeenten waren en natuurlijk zou het veel leuker zijn als dat nog kon. Het moet weldadig zijn als iedereen de burgemeester nog persoonlijk zou kennen, alsook omgekeerd en iedereen "zomaar" het gemeentehuis zou kunnen binnenlopen als er een probleempje was, wat dan ook nog kon worden opgelost.

Helaas, dat kan niet meer. De Rijksoverheid hanteert tegenwoordig vaak een inwonertal van 35 tot 40-duizend inwoners als minimumgrens, uitzonderingen daargelaten. Te verwachten valt dat binnen niet al te lange tijd ook de financiering daarop wordt afgestemd en we weten allemaal hoe 's Rijks Schatkist er voor staat. Dan komen we er ook niet meer onderuit met regionale samenwerking op deelgebieden, daar ben ik van overtuigd.

Of we willen of niet: de herindeling van gemeenten wordt ons op een gegeven opgelegd, tenzij .......... gemeenten zélf besluiten vrijwillig samen te gaan om op die manier de overheid vóór te zijn.

Op het moment "schurken" we nogal tegen Cuijk (en Boxmeer) aan, met omliggende gemeenten. Hebben wij zoveel met Cuijk? Niets ten nadele van Cuijk, maar Cuijk moet zelf op termijn tóch met Boxmeer samengaan en is het dan zo nodig dat wij daar ook bij zijn? Zijn we dan letterlijk en figuurlijk niet nóg verder van huis? Een David-en-Goliath-constructie?

Kijk ook eens een andere kant op. Zeeland, Schaijk (en Reek) vormen samen Landerd. Weldra zitten ze nóg verder onder de minimum-grens, zodra die, wat te verwachten valt, door de Rijksoverheid opnieuw zal worden opgetrokken. Ik weet dat zowel Oss als Uden/Veghel er al een beetje op "azen".

Waarom zouden we niet proberen als vier gemeenschappen van vergelijkbare grootte (Zeeland, Schaijk, Grave en Mill) met samen een ruim voldoende inwonertal (op vrijwillige basis) een "bolwerk" te gaan vormen, tegen Oss, Uden/Veghel en Cuijk/Boxmeer. Zou dat niet (veel) "leuker" kunnen zijn? Maar dan moeten we wel opschieten, anders is het Rijk ons voor! Is dat zo'n gek idee, vraag ik aan de partijen en zo ja, waarom?

Sociëteitdebat bijdrage Louis Sparidans 1

Van Louis Sparidans ontving ik een tweetal reacties op de vragen die ik aan de lijsttrekkers heb voorgelegd.
Hierbij de eerste:

Debatpunt 1: De onvermijdelijke bezuinigingen tijdens de komende raadsperiode

Ook ik ben bezig geweest de verkiezingsprogramma's op dit punt na te lopen, maar géén der partijen noemt concrete punten.

Terwijl het toch een hot item zou moeten zijn! Het gaat straks immers álle inwoners raken en in zekere zin doen alle partijen nu net alsof hun neus bloedt. Het bedrag is bekend: één miljoen euro, dat is niet niks! Er hoeft in het kader van de verkiezingen helemaal niet gewacht te worden op nadere ambtelijke stukken terzake, want "het leuke" is dat men nu al, iedere partij voor zich en min meer vrijblijvend, kan aangeven waarop men concreet denkt te willen gaan bezuinigen. Ik denk dat iedere kiezer met name op dit punt graag wil weten waar ie aan toe is, om zijn/haar definitieve keuze te bepalen.

Als dan ná de verkiezingen de machtsverhoudingen bekend zijn kunnen ambtenaren meteen beginnen om stukken voor te bereiden, waarmee het College, dat dan hopelijk na niet al te langdurige onderhandelen zal gaan optreden, vervolgens voortvarend te werk kan gaan om raadsvoorstellen te dier zake op te stellen.

Dus, ik hoop serieus dat geen enkele partij tijdens het verkiezingsdebat zo "laf" zal zijn om niet man en paard te noemen op dit punt! Niet alleen wáár men (noodgedwongen, dat wel) op wil gaan bezuinigen maar ook met hoeveel. En dan bedoel ik niet loze woorden als een kleiner ambtenarenapparaat, of wat minder extern inhuren, maar héél concreet: op welke punten zullen de inwoners het gaan merken!

dinsdag 23 februari 2010

Verkiezingsdebat Sociiëteit

Zondag 28 februari is weer het langzamerhand traditionele verkiezingsdebat in de sociëteit. Deze keer is er voor gekozen geen discussiepunten voor te bereiden. Op die manier ontstaat een open bijeenkomst waarin de kandidaten kunnen laten zien en horen hoe zij spontaan over zaken denken. Maar zoals altijd heeft ook dit voordeel weer een nadeel. Als ik een vraag stel wil ik dat de vraag wordt begrepen en dat ik ook een concreet antwoord krijg. De ervaring in de laatste vier jaar heeft wel geleerd dat op veel vragen die in de raad werden gesteld het college geen direct antwoord had. En de raad nam daar telkens genoegen mee. Aangezien behalve Trots op Nederland (zekerheidshalve schrijf ik de naam maar voluit) alle partijen die aan de verkiezingen deelnemen nu ook al in de raad zijn vertegenwoordigd neem ik het zekere voor het onzekere en maak de vragen die ik zou willen stellen maar vast openbaar. Ik doe dit nu pas omdat ik vorige week in Libië was, een zeer interesZANDt land. De vragen zijn bestemd voor alle partijen.

  1. Hoe denkt uw partij over de collegevorming? Wordt het zoals in het verleden gebruikelijk zoeken naar een combinatie van 8 zetels om zo de eigen kandidaten aan een zetel te helpen, waarna een coalitieprogramma wordt opgesteld dat vervolgens tot raadsprogramma wordt verheven. Of wordt eerst geprobeerd een zo breed mogelijk gedragen raadsprogramma op te stellen, waarna vervolgens daarbij passende wethouders worden gezocht, binnen of buiten de gemeente. En hoe gaat volgens u de procedure verlopen, waarbij de openheid natuurlijk belangrijk is? Anders dreigt ook hier lekkage!
    Toelichting: In het duale stelsel is het veel meer een debat tussen raad en college van tussen coalitie en oppositie. Een beschouwing van de verkiezingsprogramma’s leert ook dat er inhoudelijk geen wezenlijke tegenstellingen zijn tussen de partijen. Alle kans dus om een breed overleg te voeren. Ook de wijze waarop het proces verloopt is van belang. Neemt de grootste fractie het voortouw of denkt man aan een formateur of formatrice. En misschien heeft uw partij een heel ander verfrissend idee hierover.
  2. Hoe denkt uw partij over communicatie in het besluitvormingsproces en moet dat volgens u tot veranderingen in dat proces leiden? Gebrek aan communicatie is deze periode herhaaldelijk aan de orde geweest. Niet alleen tussen college en raad, maar ook tussen gemeentebestuur in zijn totaliteit en de bevolking. De huidige besluitvormingsprocedure werkt een slechte communicatie ook in de hand. De voorbereidende vergadering wordt een week, of vaak minder, voor de besluitvormende gehouden. Daarbij is de beantwoording in de voorbereidend vergadering te vaak van een dergelijke kwaliteit dat een voortzetting van de voorbereidende discussie in de besluitvormende vergadering noodzakelijk is. In plaats van een debat tussen partijen wordt het weer een discussie tussen raad en college. En dat is weer net niet de bedoeling van het duale stelsel. Kom niet aan met het argument dat het duale stelsel niet geschikt is voor kleinere gemeenten. Ik zou bijna zeggen in tegendeel.
    Toelichting: Het huidige systeem biedt op zich al weinig ruimte om niet raadsleden, dus de bevolking, bij de besluitvorming te betrekken. Daarbij komt dat te vaak stukken moeten worden nagezonden of onvolledig zijn. Als partijen schriftelijk vragen stellen, hetgeen op zich is toe te juichen omdat de antwoorden kunnen worden voorbereid , is het antwoord er vaak nog niet of het wordt ook schriftelijk gegeven en dan verdwijnt het in ieder geval voor het publiek in het niets. Mij is onlangs ook gebleken dat een wethouder toen een schriftelijk gestelde en beantwoorde vraag nogmaals aan de orde kwam kennelijk niet op de hoogte was van het antwoord. Als het voor de raad al moeilijk is dan is het voor het publiek zeker niet meer te volgen.
    De inbreng van het publiek is uiterst minimaal. Het spreekrecht is zeer beperkt, van meepraten is geen sprake en invloed op de discussie heeft het niet. Dat zou niet zo erg zijn als er een voor het besluitvormingstraject een communicatietraject was geweest. Dat is nog maar zelden het geval.
  3. Ziet uw partij het onthutsende rapport van de rekenkamer over het “Trefpunt” als een incident of als kenmerkend voor de werkwijze van het gemeentebestuur? Wat gaat u er aan doen? Zou het niet beter zijn geweest als college en raad nog in deze periode verantwoording hadden afgelegd?
    Toelichting: Zoals ik de vraag stel is natuurlijk ook beantwoorden. De werkwijze van raad, college en ambtelijk apparaat leidt tot dit soort ongelukken. Kijk maar naar Bijl/Hofplein, Wisseveld, Scheepswerf en ga zo maar door. Ook de lekkageproblematiek vindt zijn oorsprong in deze werkwijze. Het wordt door ambtelijke leiding en college ook wel erkend en er wordt gewerkt aan verbetering, althans dat wordt gesteld. Maar er zouden al zaken zichtbaar moeten zijn. Een basisprincipe van projectmatig werken is plannen. Onlangs id besloten om voor het “Hart van Grave” een projectprocedure te volgen in plaats van zoals nog slechts enkele maanden geleden was overeengekomen een bestemmingsplanprocedure. Dat kost de gemeente extra geld en levert een risico op in de orde van grootte van 3 ton in Euro’s. Bij dit besluit had een realistische planning van de procedure voor het nieuwe bestemmingsplan gehoord. Ook had moeten worden verantwoord waarom een bestemmingsplanprocedure opeens niet haalbaar is. (dat was hij volgens mij al niet toen de overeenkomst met v.d. Horst c.s. werd gesloten. ) En er wordt toch al jaren gesproken over de noodzaak van een nieuw bestemmingsplan. Zo zijn er nog wel meer voorbeelden aan te halen.
  4. Wat is uw visie op de toekomst van de scheepswerf en de rol van de gemeente?
    Toelichting: Ik besef dat dit een rot vraag is. De gemeente kan die ook niet alleen beantwoorden. Op zijn minst moet het vraagstuk samen met de scheepswerf worden aangepakt. Na de –noem het maar- noodkreet van de scheepswerf is door de raad daadkrachtig gesteld dat er een haalbaarheidsonderzoek naar verplaatsing moest komen. De term “daadkrachtig” is niet van mij, maar een citaat uit een krant. Dat haalbaarheidsonderzoek was in 2006 al in het raadsprogramma opgenomen. Dat dit nu kennelijk nog moet plaatsvinden kun je niet bepaald daadkrachtig noemen. Wat houdt een haalbaarheidsonderzoek eigenlijk in? Ook daarbij zal inbreng van de scheepswerf noodzakelijk zijn. En wat te doen als het haalbaarheidsonderzoek tot de conclusie leidt dat verplaatsen binnen afzienbare tijde niet haalbaar is? Zijn we dan weer bij af? Is het Wisseveld een wezenlijke oplossing of alleen maar een verplaatsen van het probleem? Het Wisseveld is toch bestemd voor woningbouw met wat lichte bedrijvigheid? Of ligt het verzorgingscentrum met MFC straks op een echt industrieterrein?
  5. Hoe gaat uw partij de noodzakelijke bezuiniging van € 1.000.000 met ingang van 2011 realiseren? De vraagstelling is nogal direct en dat mag naar mijn mening. De huidige raad, waar nagenoeg alle partijen die aan de verkiezingen deelnemen zijn vertegenwoordigd, heeft hiertoe besloten bij de behandeling van de begroting 2010. Er valt niet meer aan te ontkomen. In de verkiezingsprogramma’s heb ik wel zaken gevonden die tot hogere kosten leiden, maar geen concrete bezuinigingen.

Alhoewel hierbij niet al mijn vragen over het toekomstig besturen van de gemeente Grave aan de orde zijn geweest zullen uw antwoorden mij voldoende houvast bieden om een keuze te maken.